Archief voor de ‘Politix internationaal’ Rubriek

Zion – zo 4 jan. 2009

donderdag, 12th maart 2009

Perlita, ikzelf, Sebi en Salo

De familie van Sebi heeft van een deels Joods-Lithouwse achtergrond. Via de mannelijke lijn overigens. Toch noemen zij zich joden, zij het van het meest seculiere soort.

Drie dagen eerder zong ik voor Sergio het enige Jiddische lied dat ik uit mijn hoofd kende. Het ontroerde hem. En vervolgens belde hij zijn eveneens joodse zwager op en moest ik over de telefoon het lied opnieuw zingen. Joden hebben gevoel voor melancholie.

De voortdurende strijd in Israël boeit ze doorgaans nauwelijks. Het zijn geen zionisten. Er werd zeer genuanceerd over de Israëlisch-Palestijnse zaak. Maar nu Ernesto werd opgeroepen, komt een strijd waar ze niets mee van doen hebben, ineens toch heel dichtbij. En voor het eerst dacht Ernesto er over na om samen met vrouw en kinderen Israël te verlaten en te verruilen voor Uruguay. Niet omwille van de Palestijnse raketten die hij, woonachtig vlak bij de gazastrook, dagelijks over zich heen krijgt, maar vanwege de Israëlische overheid die nu van hem vraagt om zijn leven te riskeren voor een militaire actie in Gaza.

Homo Suffragatorius – wo 5 nov. 2008

dinsdag, 30th december 2008

Obama voor publiek

De Nassauschool had een all American election night georganiseerd. Met veel debat, muziek en hotdogs. Een best geslaagd idee. Iets minder geslaagd was echter dat op het moment dat de eerste uitslagen binnenkwamen, er nergens ook maar één scherm was te vinden waar CNN op te zien was.

Voor mij zijn Amerikaanse verkiezingen pas Amerikaanse verkiezingen als Wolf Blitzer op tv te zien is. En dus besloten Piet Hein en ik op een gegeven moment toch maar om bij hem verder te kijken naar CNN.

Dat Obama gewonnen had, behoort tot één van de beste berichten uit dit millennium totnogtoe. En natuurlijk zijn er cynici die wijzen op het feit dat ook Obama niet voor het homohuwelijk en niet tegen de doodstraf is. En dat die man helemaal niet zo verlicht is als wij hopen. Ik wuif het allemaal weg. Mag ik nu eindelijk ook ‘ns een keer dolblij blind achter een idool aanrennen.

Kritisch zijn doe ik wel na zijn inauguratie.

Homo Ambitiosus – do 9 okt. 2008

maandag, 3rd november 2008

Campagnebus

Een toepasselijke naam eigenlijk, Icesave. Het Nederlandse spaargeld smelt als sneeuw voor de zon. Ik geloof niet dat er veel GroenLinksers zijn die hun geld op de IJslandse bank hadden staan. De brainstormbijeenkomst over de Europese verkiezingscampagne was in ieder geval een vrolijke bijeenkomst.

Ik moet eerlijk zeggen, ik heb wel weer zin in een verkiezingscampagne. Het politieke handwerk is leuk, maar de meest enerverende momenten maak je toch altijd weer mee wanneer je op campagne bent. Vermoeiend, maar ook vreselijk leuk. En eerlijk is eerlijk, ik wordt waarschijnlijk ook wel een beetje geïnspireerd door de verkiezingsstrijd in de Verenigde Staten.

In 2006 crossten we met het campagneteam van GroenLinks door heel Nederland. Als het aan mij ligt doen we dat dit jaar weer, maar dan door heel Europa. Een dagje Berlijn, Madrid, Rome, Praag, Wenen en Boedapest. Maar dat zal er wel niet in zitten. Bij de Europese verkiezingen mag je helaas nog steeds enkel op een partij uit je eigen land stemmen. Vreemd eigenlijk.

Wel aardig is dat Nederland straks in 2009 het spits mag afbijten. Daar vallen ze op 4 juni, precies 7 maanden nadat Barack Obama tot president van de Verenigde Staten is verkozen. Althans, dat hoop ik dan maar.

Homo Deterrens – do 2 okt. 2008

dinsdag, 14th oktober 2008

regen

Het regent, alweer. Terwijl het buiten langzaam begint te schemeren, loop ik in de richting van mijn trein. Het is de laatste keer dat ik het daglicht zal aanschouwen. Lang voordat ik in Breda zal arriveren heeft de duisternis het laatste straaltje licht al opgegeten.

Het licht in de coupé van de oude, maar comfortabele ICK’s werkt niet. Nog even lukt het om in het laatste licht van buiten nog een stuk krant te lezen. Als niet veel later nog slechts de staccato flitsen van de voorbijgereden straatverlichting de krant nog verlicht, leg ik deze noodgedwongen naast me neer.

De reis lijkt eindeloos te duren. Eerst staat de trein stil voorbij Schiedam, later nog met dichte deuren in Rotterdam. Twee onverlaten hebben een brandblusser leeg gespoten en de spoorwegpolitie wil eerst de daders bij de kladden grijpen.

De klok tikt verder in het niets, totdat de trein ineens weer verder rijdt. De blauwe vonken spatten van de bovenleiding. Zinloos. Niemand die ze ziet. Tijdens hun kortstondige bestaan heb alleen ik hun schijnsel kunnen aanschouwen. Het enige bewijs van hun bestaan.

De regen tikt verder op het dak van de coupé. Steeds harder, steeds indringender. Ik ben alleen in de coupé. Nog één keer werk ik een blik naar buiten. Als de trein opnieuw krakend tot stilstand komt, kom ik tot het besef: het wordt nooit meer licht.

Homo Europaeus (3) – wo 17 sept. 2008

woensdag, 1st oktober 2008
Comité voor de Regios

Comité voor de Regio's

Na Europees Parlement, Europese Commissie en een tweede nacht in kroeg en 24/7 hotelbar, volgde op de laatste dag een bezoek aan het Comité van de Regio’s, het Huis van de Provincies en de permanente vertegenwoordiger van Nederland in Europa; zeg maar de Europees ambassadeur.

Ondertussen werden me twee schokkende feiten snel duidelijk. Allereerst dat ik als pro-Europeaan ontdekte dat mijn kennis op punten behoorlijk tekort schoot. Nog schokkender was dat collega-raadsleden vaak nog veel minder wisten en, erger, ook niet wilde begrijpen. Europa is een ingewikkeld wereldje van een staatsinrichting die niet te vergelijken is met de inrichting van ons landje. Dat vraagt om andere systemen en een andere aanpak.

Simpel gezegd: een instituut dat, zowel in dossiers als qua kilometers zo ver van de burgers staat, moet zijn eigen oppositie creëren. Aangezien de burgers geen weerstand bieden – die wonen immers te ver weg om direct met Brussel in contact te treden – worden er instituties met ambtenaren in het leven geroepen die het beleid van de commissie kritisch moeten bestuderen. Het Comité voor de Regio’s is daar een voorbeeld van. Zonder dat zij echte macht hebben – ze kunnen namelijk geen plannen tegenhouden – kunnen ze plannen wel becommentariëren. En de commissie neemt die inbreng wel degelijk serieus.

Zoiets kost ambtenaren en geld, maar dient een duidelijk doel. Dat kon een groot deel van de bezoekende raadsleden echter niet waarderen. Want waarom honderden ambtenaren inzetten voor een reactie die de commissie naast zich neer kan leggen? Het antwoord is even onvoorstelbaar als simpel: omdat de commissie de opbouwende kritiek graag wil horen, opdat ze haar eigen voorstellen kan verbeteren. Democratie is niet alleen het houden van vrije verkiezingen, het is vooral ook het organiseren van je eigen kritiek. Het is dus van belang om, naast het Europees Parlement, ook een regionaal orgaan te hebben dat voorstellen niet vanuit een politieke, maar vanuit een regiomale benadering beoordeelt.

Helaas kon de Bredase gemeenteraad dat niet in zijn volle betekenis waarderen.

Homo Intolerans – di 29 juli 2008

dinsdag, 29th juli 2008

Geert Wilders

Het is zeker niet goedkoop bedoeld. En wellicht ook niet helemaal eerlijk. Maar Geert Wilders is in zeker zin niet veel anders dan een salafist, de stroming binnen de Islam die hij het meeste hekelt.

Er ligt bij mij in de hoek van de woonkamer een stapel NRC’s van ruim een meter hoog. Wat heeft dat met Geert Wilders te maken? Nu, vrij weinig. Die stapel ligt er simpelweg omdat ik van mening ben dat ik nog niet alle achtergrondartikelen, opiniepagina’s en wetenschapsbijlagen voldoende heb doorgeplozen. En sinds kort wordt de stapel wekelijks weer een stukje dunner, in plaats van dikker.

Nu las ik zojuist in één van die kranten, die van 2 oktober 2007 welteverstaan, op de wetenschapspagina een interview met Bernard Haykel, hoogleraar Oosterse studies aan Princeton. Daarin licht hij een tipje van de burka op over het Salafisme.

Het Salafisme begon aan haar opmars in de jaren ‘70 als reactie op het failliete arabische socialisme en nationalisme, daarin gesteund door het door olie rijk geworden Saoudische regime. De beweging gaat uit van een absolute interpretatie van Koran en Soenna. Een eeuwenoude traditie van interpretatie en debat onder schriftgeleerden, zoals gebruikelijk onder de rest van de moslims, wordt door hen opzij gezet. Gods rede is niet te begrijpen, je moet haar simpelweg volgen, zo redeneren Safafi.

Salafi houden er een strenge levenswijze op na. Praktijken die onbekend waren aan de eerste generatie moslims, beschouwen zij als onzuiver. Salafi hebben dan ook op zijn best een ambivalente houding tegenover andere moslims en staan ronduit vijandig tegen de rest van het ongelovige gajes. Tot slot besluit Haykel met een verklaring voor de aantrekkingskracht van het meest radicale Salafisme op hedendaagse moslims in Europa en het Midden-Oosten: „Salafi bedienen zich van een gespierd taalgebruik dat indruk maakt en een gevoel van macht geeft. En hun ideologie bevat meer aantrekkelijke kanten: egalitarisme, vasthouden aan het authentieke, ondiepe gezagsstructuren.”

Dan nu de vergelijking met Wilders. Ook hij is wars van interpretatie en relativisme. Ook hij neemt de Koran letterlijk en laat -in zijn veroordeling- geen ruimte voor debat over de mogelijke betekenis van teksten. Maar ook het vrijheidsdenken dat Wilders zegt te omarmen, of zijn interpretatie van de verlichting, is een enge, strak omkaderde ideologie die geen ruimte laat voor verschillen van inzicht. En eigenlijk ook niet voor verschillen in identiteit. De ideologie van Wilders is net zo sectarisch als die van het salafisme.

Ook zijn beweging is een resultaat van teleurstelling in de bestaande ideologiën. Van links moest hij toch al niets hebben, maar ook de conservatief-liberale politiek heeft zijn zijn ogen gefaald. Hij richt zijn eigen beweging op die, bij gebrek aan enige partijstructuur, niet-hiërarchisch en derhalve tamelijk egalitair is. Je hangt zijn denkbeelden aan, of je doet dat niet. In het laatste geval ben je geen zuivere Nederlander maar een verrader of een lafaard, termen die Wilders graag bezigt.

Wilders heeft ook een hang naar het authentieke. Goed, hij is modern en gebruikt moderne echnieken zoals internet, maar dat doen Salafisten ook. In zijn afhankelijkheidsverklaring verheerlijkt hij echter duidelijk het beeld van de authentieke Nederlander (of eigenlijk: Hollander), de koopman, de oorlogsheld, de entrepeneur en, god betere, eigenlijk ook de VOC-mentaliteit.

Wilders bedient zich van gespierd taalgebruik dat indruk maakt en een gevoel van macht geeft. Op zijn minst aan diegenen die vatbaar zijn voor dezelfde teleurstelling die Wilders meent tentoon te moeten spreiden over het Nederland van nu.

Tot zover de vergelijking. Want Wilders pleegt geen aanslagen en is geen terrorist. Overigens waren de oorspronkelijke Salafi dat ook niet. De reflexen van Wilders zijn op een aantal kenmerkende punten echter verdacht gelijkend op die van zijn grootste tegenstanders. Op zich zie je dat bij ultra-conservatieve stromingen wel vaker: terugkruipen in de eigen schulp, een wantrouwen tegen andersdenkenden of het creëren van een vijanddenken. Het gedrag van de meest extreemsten onder de salafi zou dan ook een waarschuwing moeten zijn voor de sympathisanten van Wilders. Zijn visie lost niets op, maar zet verhoudingen op scherp en verscherpt tegenstellingen die er voorheen niet of minder waren. En daar komt in welke vorm dan ook ellende van.

Homo Belgicus – di 15 juli 2008

dinsdag, 22nd juli 2008
Cartoon by Lectrr

Cartoon by Lectrr

Premier Leterme van België, de man die ooit, gevraagd naar het Belgisch volkslied spontaan de Marseillaise aanhief, heeft het opgegeven. Hij komt er met de Walen niet uit een staatshervorming door te voeren.

Het probleem: Yves Leterme wil te graag. Trouwens, zo’n beetje alle partijen aan de Vlaamse kant willen te graag. En door het vreemde Belgische staatsmodel is het dan al amper mogelijk om met de Walen tot en vergelijk te komen. Iets wat collega-blogger en denker Simon Otjes trouwens al maanden eerder geconstateerd en verklaard had.

Het schept een interessant dilemma, want wat dient er dan te gebeuren als nieuwe verkiezingen niet mogelijk zijn (Brussel-Halle-Vilvoorde zal toch eerst gesplitst moeten worden vooraleer nieuwe verkiezingen uitgeschreven mogen worden), niemand gebaat is bij het handhaven van de status quo en splitsing van België geen optie is?

Voor succesvolle onderhandelingen is het belangrijk dat de beide kampen eerst eens in de huid van de ander gaan zitten om het probleem vanuit een andere invalshoek te benaderen. Pas wanneer je de wensen van een ander op waarde weet te schatten kun je de hakken uit het zand halen om te pogen tot een vergelijk te komen. Yves Leterme mag een stemmenkanon zijn geweest, de kunst van onderhandelen is hem vreemd. Iets waar mensen zonder geduld en diplomatieke vaardigheden overigens wel vaker last van hebben.

„Ik vraag U, wat is een volk zonder één taal”, zong Freek de Jonge in het nummer ‘Heer, heb meelij met de Belgen’. En er valt veel voor te zeggen dat een volk zonder een gezamenlijke taal wellicht ook minder verwantschap voelt. Een Vlaamse kennis trok de parallel nog wat verder door. België heeft als gevolg ook geen gezamenlijke media, althans, niet meer sinds dat de omrpoep NIR gesplitst is in de Vlaamse BRT en de Waalse RTBF. Het resultaat daarvan is dat de Belgen op het avondjournaal amper meer te horen krijgen wat er aan de overzijde van de taalgrens gepasseerd is.

Nu de politieke impasse dieper wordt, lijkt in België de huidige politieke generatie steeds meer haar failliet te tonen. En hoewel ik zeker niet gecharmeerd ben van het idee van verplichte maatschappelijke stages, zou goed zijn als de Belgische overheden een verplichte maatschappelijke stage instellen die aan de andere kant van de taalgrens vervuld moet worden. Alleen als Vlamingen en Walen weer wat dichter bij elkaar komen te staan, kan het lukken de eenheid van België te verstevigen…

… sprak de ‘Ollander.

Homo Arabius – zo 15 juni 2008

dinsdag, 17th juni 2008

Mesex

De vierde editie van de Bazaar, een serie bijeenkomsten over het Midden-Oosten, stond in het teken van de Me$ex, de Middle East Stock Exchange. En hoewel het programma wat kort (drie uur) was om helemaal voor naar Amsterdam af te reizen, wilde ik nu wel eens zo’n intellectueel links programma in De Balie meemaken.

De middag begon met een ‘HitchHikers Guide through the Middle-East’. Rani al Rajji ging daarbij vooral in op de grote hausse in onroerend goed. Grondprijzen zijn, mede door de grote hoeveelheid oliedollars en de immense speculatie met grond, zo belachelijk hoog dat landen als Qatar en Dubai de meest groteske plannen kunnen realiseren. Niet zo vreemd dus dat architect Matthijs Bouw in zijn lezing vervolgens kon ingaan op de geweldige mogelijkheden die architecten tegenwoordig hebben om hun dromen te verwezenlijken. Het Midden-Oosten als geweldige speeltuin voor de Herzbergers en de Koolhazen.

Midden-Oosten-correspondent Max Rodenbeck van The Economist had een heel ander thema, veiligheid. Het Midden-Oosten wordt nogal geassocieerd met conflict en oorlog. Niet geheel terecht, stelde hij en ondersteunde zijn verhaal met een immense hoeveelheid data. Te beginnen bij een wereldranglijst op het gebied van Vrede, waarbij naast interne en externe conflicten ook variabelen als veiligheid worden meegerekend. De landen van het Midden-Oosten staan gemiddeld samen weliswaar hoog op die lijst, maar reken je Irak, Israël en Libanon niet mee, dan staat het Midden-Oosten ineens veel hoger op de lijst. Niet helemaal eerlijk: zo’n wegstreepexercitie kun je op een heleboel regio’s toepassen, maar het punt is helder: het grootste gedeelte van het Midden-Oosten is relatief rustig.

Hij ging verder, want een plaats op een ranglijst zegt niets over de absolute veiligheid. Gestaafd door een aantal datasheets maakte hij vrij helder het punt dat het aantal conflicten wereldwijd en het aantal doden, na een piek rond 1990, op een all-time low staat. En dat, hoewel het met de veiligheid in de wereld dus nog nooit zo goed is gegaan, de uitgaven aan defensie gek genoeg nog nooit zo hoog zijn geweest. Overigens maakte hij daarbij de wetenschappelijke fout omdat het causale verband tussen deze statistische gegevens theoretisch ook zou kunnen zijn dat het met de veiligheid zo goed gaat juist omdat er zoveel uitgegeven wordt aan defensie.

Rodenbeck eindigde zijn verhaal met de optimistische visie dat er geen reden is om bang te zijn voor de ontwikkelingen in het Midden-Oosten: een heleboel zaken die daar de samenleving, in ieder geval economisch, onder druk hebben gezet – enorme bevolkingsgroei en een snelle en bijna volledige urbanisatie – nu aan het stabiliseren zijn. Blijft alleen het diplomatieke punt over: de moeizame, of op zijn minst ambivalente relatie met het westen. Dialoog dus.

De laatste lezing was van arabist en bedrijfsconsulent Leo Kwarten die aan de hand van een aantal persoonlijke, anekdotische voorbeelden probeerde aan te geven dat de oliedollars in het Midden-Oosten nu gaan leiden tot een attitudeverandering op het vlak van democratie en vrouwenrechten. Want nu de olie-economie diversifieert en bedrijven in het Midden-Oosten bedrijven in het westen gaan overnemen, komen ze ook directer in aanraking met de cultuur en werkwijze in het Westen. Bijvoorbeeld dat vrouwen wel capabel zijn in hoge posities of dat een minder hiërarchische structuur zijn eigen rendement heeft.

Homo Detergens – do 5 juni 2008

zaterdag, 7th juni 2008

hoofddoekjes

De hoogste Turkse rechtbank heeft de opheffing, enkele maanden geleden, van het hoofddoekjesverbod op universiteiten weer teruggedraaid. De strijd tussen religieus en seculier Turkije gaat door.

De hoofdoekjeskwestie is in Turkije een gevoelig punt. Misschien wel één van de gevoeligste. Het hoofddoekje staat symbool voor het Turkse secularisme. En die is nogal anders dan de scheiding tussen kerk en staat zoals wij die kennen.

Om een voorbeeld te geven: de Turkse seculiere staat kent een minister van geloofszaken. Iets wat in Nederland ondenkbaar zou zijn. Hier betekent de scheiding tussen kerk en staat immers dat de staat zich verre houdt van de organisatie, inrichting en beleving van religie. In Turkije moet de religie door de overheid worden gereguleerd.

Voor de duidelijkheid, als het gaat om Nederland ben ik voor de vrijheid van religie en dus ook voor de vrijheid om hoofddoekjes, keppeltjes, kruisjes, chadors en weet ik veel wat te dragen. Dat behoort een individuele keuze te zijn: zonder groepsdrang, maar ook zonder overheidsdrang. Slechts in bepaalde functies, die van rechter bijvoorbeeld, is het dragen van religieuse (of politieke) symbolen ongepast. En als ik dat voor Nederland vind, zou ik daar wat Turkije betreft niet anders over moeten denken.

Probleem is: Turkije is geen Nederland, net zoals Duitsland geen Frankrijk is. De strenge vorm van secularisme in Turkije is een regelrecht gevolg van de tijd van het Sultanaat, toen de geestelijk en politiek leider dezelfde persoon was. Nadat het Sultanaat was gevallen, wilde Mustafa Kemal Atatürk een seculiere staat. En met de daaropvolgende islamisering van het Midden-Oosten is dat secularisme altijd broos gebleven. Het hoofddoekjesverbod op universiteiten en in het parlement heeft een hoog symbolische waarde: valt dat bastion, dan is de islamisering van Turkije begonnen.

Maar het hoofddoekjesverbod heeft een tweede symboolwaarde. Als seculier symbool is het verbod een speeltje van de seculiere politieke elite, die op hoge afstand staat van het volk dat voor 90% (al dan niet gematigd) islamitisch is. Het hoofddoekje is dus ook het ding dat de gevestigde orde, de top van het land, scheidt van de rest. Die seculiere elite is al ruim vijf jaar de macht kwijt, sinds dat de islamitische AK-partij (een soort SGP in CDA-kleren) tot twee maal toe een absolute meerderheid in het parlement heeft weten te bewerkstellingen. De seculiere partijen zijn ‘oude politiek’. De AK-partij is moderne politiek.

De AK-partij, die onlangs het hoofddoekjesverbod heeft opgeheven) is niet geïnteresseerd in individuele vrijheid. Ze is geïnteresseerd in meer ruimte voor gelovige, islamitische Turken. Vooralsnog lopen die twee, min of meer toevallig, gelijk op. De AK-partij lijkt dus een partij die burgerrechten hoog in het vaandel heeft staan, maar ik waag dat te betwijfelen. Concrete bewijzen voor die twijfel heb ik niet. Vooralsnog kom ik niet veel verder dan de constatering dat een gevaarlijke partij veel goede dingen weet te bereiken.

Wat vind ik nu van het hooddoekjesverbod. Principieel ben ik van mening dat dat opgeheven dient te worden. De scheiding tussen moskee en staat moet in Turkije anders, minder rigide, worden ingericht. Moskee en staat zijn aparte grootheden. De moskee houdt zich aan de wet, de staat bemoeit zich niet met de moskee en met religieuze uitingen.

Maar het opheffen van het hooddoekjesverbod? Eigenlijk gun ik de AK-partij deze op religieuze gronden ingegeven overwinning niet. Dan trek ik liever nog op met de elitaire seculier dan met de islamist.

Volgens mij heeft Turkije dringend behoefte aan een progessieve linkse en seculiere groene partij.

Homo Idealisticus – za 19 apr. 2008

woensdag, 30th april 2008

Afrikadag

Vanwege mijn project over ontwikkelingssamenwerking bij het wetenschappelijk bureau van GroenLinks was ik bij de Afrikadag van de Evert Vermeer Stichting.

Naast van de vele workshops en de helaas nogal korte pauzes waardoor het netwerken een beetje in de knel kwam, was vooral de lezing van Paul Collier interessant. Niet dat hij iets nieuws te melden had, want zijn lezing bestond uit niet veel meer dan een gepopulariseerde samenvatting van een onderdeel van zijn pakkende boek ‘The Bottom Billion’. Interessant was wel de manier waarop hij dat verhaal vertelde. Eigenlijk komt die op het volgende neer: het westen neemt de ontwikkeling van Afrika niet serieus.

Want hoe divers Afrika ook is, het grootste deel van de achterblijvende landen ligt nu eenmaal in dat continent. En heel pijnlijk constateerde Paul Collier dat we het kennelijk niet belangrijk genoeg vinden. En daar heeft hij natuurlijk ook gelijk in. Want als we de ontwikkeling van de armste landen in de wereld serieus gingen oppakken, zouden we bakken geld die kant op sturen om een economie op te kunnen bouwen; zouden we importbarrières opheffen en onze producten niet meer voor belachelijke prijzen dumpen. En we zouden serieus werk maken om regionale conflicten op te lossen en de ontwikkelingslanden een stem geven in belangrijke organen als de WTO en de Wereldbank. Maar dat doen we dus allemaal niet.

De pijnlijke stilte die eigenlijk zou moeten volgen na deze constatering werd helaas overstemd door een daverend applaus. En inderdaad, Collier is een begenadigd en indrukwekkend spreker. Ik vraag me alleen af hoeveel meer indruk zijn woorden hadden gemaakt als het een paar minuten stil was geweest.