Luisteren – wo 18 febr. 2004

Ik had me schromelijk verslapen. Om tien uur werd ik wakker, om tien uur had ik tevens op de fractie moeten zitten. Maar ik had wèl lekker geslapen en ik had er zin an.

Er moesten vragen worden voorbereid voor het vragenuur in de raad. Twee onderwerpen: (nogmaals) de pardonregeling voor asielzoekers en nog wat vragen over de gesubsidiëerde arbeid (zie web-log ma 17 nov. 2003). Nu de regelgeving is veranderd, dreigen verschillende organisaties, onder meer culturele instellingen, met acute problemen. De wethouder Sociale Zaken (SAW) heeft voor het komende jaar zoveel mogelijk gesubsidiëerde arbeidsplaatsen zeker gesteld, maar zij heeft niet genoeg geld om alle extra kosten voor haar rekening te nemen.

Aangezien gesubsidiëerde banen bij bijvoorbeeld kleine culturele instellingen (om maar bij dit voorbeeld te blijven) ook het culturele leven in de stad ten goede komen, heeft de commissie SAW afgesproken dat het tekort zou moeten worden opgevangen door de subsidie aan dergelijke instellingen te verhogen. Het geld komt dan uit de cultuur-pot. Maar in de commissie cultuur worden we weer terugverwezen naar SAW, dus dat schiet niet op. Mijn vraag aan het college: kunnen jullie een notitie opstellen zodat we zo snel mogelijk deze problematiek kunnen bespreken?

Over de asielzoekers hadden we al eerder een discussie gevoerd in de commissie SAW (zie web-log wo 11 febr. 2004). De wethouder had, tot mijn grote spijt, al aangekondigd zich niet te verzetten tegen het regeringsbeleid en mee te werken aan het uitzetten van 48 uitgeprocedeerde Bredase asielzoekers, waaronder een gezin dat hier al 15 jaar woont. De vragen gingen erom in hoeverre de wethouder nog bereid is om alsnog te proberen een pardon te verkrijgen voor de schrijnende gevallen onder de 48 die geen pardon hebben gekregen.

De hele dag liep qua agenda nogal in de soep en ik heb mijn studenten daardoor een beetje in de steek moeten laten. Om drie uur kwam Jaap alweer langs om te blijven eten en nog wat demootjes voor popfestival Breda Barst te luisteren. Die avond kwam de jury bijeen om te beslissen welke 15 inzenders door mogen naar de voorronden. Uit die vijftien bandjes worden er uiteindelijk vier voor het festival zelf geboekt.

Druk werk – ma 16 febr. 2004

Het was al zo’n drukke dag. ’s Avonds laat doorgewerkt (maar ’s ochtends dus weer lnager op bed gebleven, dus per saldo is de winst 0), de volgende ochtend nog wat kleine administratieve dingetjes, naar m’n werk in Tilbrug en daarna rap naar huis om daar weer wat zaken af te maken. Gaat ondertussen de telefoon: ‘uw drukwerk is klaar’. Uw, dat betekende hier het nieuwe nieuwsbriefpapier van GroenLinks. We kunnen er de komende 3 jaar weer mee vooruit.

’s Avonds fractie en daarna tot sluit in De Beyerd. Druk, maar wel gezellig

Meeslepend – zo 15 febr. 2004

De telefoon gaat. Joris is nog in Teteringen. Hij zat even niet op te letten. En twee auto’s verder zat er een bestuurder nogal sukkelig te rijden. En dus moest de auto voor Joris plotseling remmen. En Joris dus eigenlijk ook… Of ik hem even wilde slepen.

De trekhaak van de auto had de radiator van Joris danig vermorzeld. De meegespoten bumper van de aardige en niet moeilijke bestuurder voor Joris wordt natuurlijk vergoed door de verzekering. Maar de schade aan zijn eigen diesel, dat zal de arme jongen zelf moeten ophoesten. Gelukkig is Joris nogal handig. Eind deze week gaat ‘ie proberen het zelf te repareren. En ik geef hem een goede kans dat het nog gaat lukken ook.

Nazit – za 14 febr. 2004

Vroeger (zucht) toen ik nog vrijwilliger was bij Poppodium Para, toen dat nog bestond, bleven we na het werken altijd nazitten. Dat kon soms wel tot 11 uur de volgende ochtend duren. Hoewel tegen de regels bleef iedereen maar gratis bier uit de koelkast pakken (dat kon leiden tot een kastekort van ooit zelfs zo’n slordige 10.000 gulden per jaar). Daar hoorde ook altijd een boterhammetje bij en een enkele keer wilde iemand wel eens tosti’s of een uismijter bakken. Kortom, gezellig en lachen.

Para bestaat al twee jaar niet meer, want in Breda hebben we nu het prachtige poppodium MeZZ. En aangezien ik zaterdag had meegeholpen met de opbouw en afbraak van het decor van de Spectrum-avond (waarop Tom Barman als dj een geweldige electro-set draaide tussen onze decorstukken), mocht ik ook daar blijven nazitten.

De boterhammen zijn gebleven, maar onbeperkt bieren is er niet meer bij. Op een turflijst wordt netjes bijgehouden wat iedereen drinkt en dat was niet bijster veel. Iets na vieren verliet iedereen het pand. Vroeger… tsja, vroeger. Toen was alles beter.

Sinds Otar is vetrokken – vr 13 febr. 2004

Goed uitgeslapen, laat opgestaan. Ik zou eigenlijk naar de fractie gaan die ochtend, maar ik heb me vreselijk verslapen en daar heb ik alles behalve spijt van.

Filmtip: Depuis qu’Otar est parti. Vrijdag gezien met Denise. Mooie film, speelt zich af in Georgië. Oké, ’t is een beetje een oubollig verhaal, maar mooi in beeld gebracht. Allermooiste is misschien nog wel de acrtice Esther Gorintin, die op verbluffende wijze de stokoude grootmoeder Eka neerzet, die als Francofiel naast Georgisch ook perfect Frans spreekt. Haar pit en levenslust doen een beetje denken aan Carlos Riquelme als Amarante Cordova in Redfords Milagro Beanfield War. Voor het overige is het een typisch product van de doordachte Europese Cinema, die de laatste jaren weer hoogten bereikt waar ze in Hollywood slechts van kunnen dromen.

Onbekend – do 12 febr. 2004

Donderdagochtend, docentenkamer FHJ Tilburg

“Mag jij hier wel koffie halen?”
“Ja.”
“Nee, dat mag jij niet.”
“Jawel.”
“Ben jij hier medewerker dan?”
“Ja.”
“Nee, dat ben jij niet, jij bent student.”
“Pardon?”
“Jij bent geen medewerker, jij mag hier geen koffie halen.”
“Ik ben hier wel medewerker, vraag het maar aan Clement, of Michel, of Gie of Marius.”
“Ik vraag het wel aan de directeur.”
“Goed, vraag jij het dan maar aan de directeur.”

Op het moment zelf kookte ik van woede. Achteraf kan ik er hartelijk om lachen. Normen en waarden in de koffiekamer, ofwel, elkaar aanspreken op gedrag dat niet door de beugel kan. Een pluim voor Beppie. Alleen… ik ben toch echt een medewerker en geen student die zomaar koffie jat.

Asielzoekers – wo 11 febr. 2004

Op de agenda van de commissie Sociale Zaken stonden twee belangrijke punten. De bijstelling van het integratiebeleid en de pardonregeling voor asielzoekers. Dat laatste punt was door GroenLinks op de agenda gezet.

Hoewel de bijstelling van het integratiebeleid niet veel om het lijf had, hebben we er toch lang over gesproken. Er waren veel insprekers van diverse multi-culti-clubs die allemaal hun zegje wilden doen. Het belangrijkste kritiekpunt van hun was de dreigende sluiting van de In-com, een ontmoetingscentrum voor allochtonen. Mijn reactie op dat punt: de In-com zal in de toekomst overbodig worden, maar nu al sluiten is nog te vroeg. De wethouder was het daar gelukkig wel mee eens. Het gebouw zal te zijner tijd gesloten worden, maar voorlopig is daar nog geen sprake van.

De opstelling van de fractie van Leefbaar Breda was in het debat ronduit ergerniswekkend. Ik ben van deze partij vaak weinig nuance gewend, maar tijdens het integratiedebat maakte fractievoorzitter Boy Boer het wel héél erg bont. Zijn mening over buitenlanders: het zijn allemaal rotzakken die alleen maar ellende veroorzaken. Nu ben ikzelf ook niet iemand die de problemen rond de multi-culturele samenleving uit de weg gaat, maar juist zo’n moeilijk onderwerp wil ik dan graag genuanceerd behandelen. Met de fractie Leefbaar is dat onmogelijk en ik vond de bijdrage van Boy dan ook amper een reactie waard.

Het was al vrij laat toen we aan het laatste punt, de pardonregeling voor asielzoekers toekwamen. Donderdagavond formuleerde ik het in mijn column voor Omroep Brabant als volgt:
“Maandag heeft Minister Verdonk haar Salomonsoordeel geveld. Een handjevol asielzoekers komt in aanmerking voor een generaal pardon, de rest krijgt een enkeltje huiswaarts. In Breda zijn 48 van dat soort gevallen. Een gezin woont hier al 15 jaar.

“Ik snap wel dat het niet aan ons, simpele raadsleden, is om te bepalen welke asielzoekers mogen blijven en welke niet. En het is ook niet aan ons om rijksbeleid te saboteren. Maar hoever kan een landelijke overheid gaan, voordat een gemeenteraad of een wethouder zegt: hier doe ik dus gewoon niet aan mee. De uitzetting van een gezin dat hier al vijftien jaar woont, welke minister zet daar haar handtekening onder? En welk gemeenteraadslid wil zo’n uitzetting op zijn geweten hebben”

Kort gezegd: ik ben er heilig van overtuigd dat Minister Verdonk een verkeerd beleid voert. Ik ben daar zelfs zo van overtuigd, dat ik persoonlijk van mening ben dat de gemeente Breda alles op alles moet zetten om niet aan de uitzetting mee te werken, sterker nog: de gemeente moet zich inspannen om dat gezin dat hier al 15 jaar woont, gewoon in Nederland kan blijven. De PvdA en D’66 en in mindere mate ook Breda ’97 waren wat minder uitgesproken, maar vonden toch ook wel dat de gemeente een rol had in deze kwestie. Ik had mijn hoop dus gevestigd opo het CDA: wellicht dat deze fractie in Breda ook wel voelde dat de huidige, zeer beperkte pardonregeling, niet ver genoeg gaat. Het was achteraf een naïeve gedachte: het CDA schaarde zich achter het beleid van dit (haar) kabinet en leunde, met de armen overelkaar, achterover. Mijn vraag hoe het CDA dan dacht over barmhartigheid, werd nauwelijks beantwoord.

Het stond de volgende dag best aardig in de krant, maar dat is een zeer schrale troost als je je bedenkt dat het debat in wezen vrij weinig heet uitgehaald. Iedereen die schrijnende gevallen kent: weet aan welke partijen je het te danken hebt. CDA, VVD en die vermaledijde Boris Dittrich van D’66.

More decor – di 10 febr. 2004

Alweer slecht geslapen. Moet niet te vaak gaan gebeuren. Heb nu al het gevoel dat het het einde van de week is. Vandaag weer een halve dag aan decor gewerkt voor Breda Barst. Daarna een vergadering van de organisatie van het popfestival, waar we (de decorgroep) te laat aankwamen omdat sommigen (hè Jaap?) te enthousiast aan een nieuw decorstuk bezig waren. De vergadering was alles behalve zakelijk en ikzelf een beetje cynisch.

Later in de kroeg kwam onverwacht Youp van ’t Hek binnen. Leuk hoe iedereen zich een houding probeerde te geven, zo van “ik ken je wel, maar ik doe alsof ik het niet bijzonder vind dat je hier bent”. Arme Youp.