Nazit – za 14 febr. 2004

Vroeger (zucht) toen ik nog vrijwilliger was bij Poppodium Para, toen dat nog bestond, bleven we na het werken altijd nazitten. Dat kon soms wel tot 11 uur de volgende ochtend duren. Hoewel tegen de regels bleef iedereen maar gratis bier uit de koelkast pakken (dat kon leiden tot een kastekort van ooit zelfs zo’n slordige 10.000 gulden per jaar). Daar hoorde ook altijd een boterhammetje bij en een enkele keer wilde iemand wel eens tosti’s of een uismijter bakken. Kortom, gezellig en lachen.

Para bestaat al twee jaar niet meer, want in Breda hebben we nu het prachtige poppodium MeZZ. En aangezien ik zaterdag had meegeholpen met de opbouw en afbraak van het decor van de Spectrum-avond (waarop Tom Barman als dj een geweldige electro-set draaide tussen onze decorstukken), mocht ik ook daar blijven nazitten.

De boterhammen zijn gebleven, maar onbeperkt bieren is er niet meer bij. Op een turflijst wordt netjes bijgehouden wat iedereen drinkt en dat was niet bijster veel. Iets na vieren verliet iedereen het pand. Vroeger… tsja, vroeger. Toen was alles beter.

Sinds Otar is vetrokken – vr 13 febr. 2004

Goed uitgeslapen, laat opgestaan. Ik zou eigenlijk naar de fractie gaan die ochtend, maar ik heb me vreselijk verslapen en daar heb ik alles behalve spijt van.

Filmtip: Depuis qu’Otar est parti. Vrijdag gezien met Denise. Mooie film, speelt zich af in Georgië. Oké, ’t is een beetje een oubollig verhaal, maar mooi in beeld gebracht. Allermooiste is misschien nog wel de acrtice Esther Gorintin, die op verbluffende wijze de stokoude grootmoeder Eka neerzet, die als Francofiel naast Georgisch ook perfect Frans spreekt. Haar pit en levenslust doen een beetje denken aan Carlos Riquelme als Amarante Cordova in Redfords Milagro Beanfield War. Voor het overige is het een typisch product van de doordachte Europese Cinema, die de laatste jaren weer hoogten bereikt waar ze in Hollywood slechts van kunnen dromen.

Onbekend – do 12 febr. 2004

Donderdagochtend, docentenkamer FHJ Tilburg

“Mag jij hier wel koffie halen?”
“Ja.”
“Nee, dat mag jij niet.”
“Jawel.”
“Ben jij hier medewerker dan?”
“Ja.”
“Nee, dat ben jij niet, jij bent student.”
“Pardon?”
“Jij bent geen medewerker, jij mag hier geen koffie halen.”
“Ik ben hier wel medewerker, vraag het maar aan Clement, of Michel, of Gie of Marius.”
“Ik vraag het wel aan de directeur.”
“Goed, vraag jij het dan maar aan de directeur.”

Op het moment zelf kookte ik van woede. Achteraf kan ik er hartelijk om lachen. Normen en waarden in de koffiekamer, ofwel, elkaar aanspreken op gedrag dat niet door de beugel kan. Een pluim voor Beppie. Alleen… ik ben toch echt een medewerker en geen student die zomaar koffie jat.

Asielzoekers – wo 11 febr. 2004

Op de agenda van de commissie Sociale Zaken stonden twee belangrijke punten. De bijstelling van het integratiebeleid en de pardonregeling voor asielzoekers. Dat laatste punt was door GroenLinks op de agenda gezet.

Hoewel de bijstelling van het integratiebeleid niet veel om het lijf had, hebben we er toch lang over gesproken. Er waren veel insprekers van diverse multi-culti-clubs die allemaal hun zegje wilden doen. Het belangrijkste kritiekpunt van hun was de dreigende sluiting van de In-com, een ontmoetingscentrum voor allochtonen. Mijn reactie op dat punt: de In-com zal in de toekomst overbodig worden, maar nu al sluiten is nog te vroeg. De wethouder was het daar gelukkig wel mee eens. Het gebouw zal te zijner tijd gesloten worden, maar voorlopig is daar nog geen sprake van.

De opstelling van de fractie van Leefbaar Breda was in het debat ronduit ergerniswekkend. Ik ben van deze partij vaak weinig nuance gewend, maar tijdens het integratiedebat maakte fractievoorzitter Boy Boer het wel héél erg bont. Zijn mening over buitenlanders: het zijn allemaal rotzakken die alleen maar ellende veroorzaken. Nu ben ikzelf ook niet iemand die de problemen rond de multi-culturele samenleving uit de weg gaat, maar juist zo’n moeilijk onderwerp wil ik dan graag genuanceerd behandelen. Met de fractie Leefbaar is dat onmogelijk en ik vond de bijdrage van Boy dan ook amper een reactie waard.

Het was al vrij laat toen we aan het laatste punt, de pardonregeling voor asielzoekers toekwamen. Donderdagavond formuleerde ik het in mijn column voor Omroep Brabant als volgt:
“Maandag heeft Minister Verdonk haar Salomonsoordeel geveld. Een handjevol asielzoekers komt in aanmerking voor een generaal pardon, de rest krijgt een enkeltje huiswaarts. In Breda zijn 48 van dat soort gevallen. Een gezin woont hier al 15 jaar.

“Ik snap wel dat het niet aan ons, simpele raadsleden, is om te bepalen welke asielzoekers mogen blijven en welke niet. En het is ook niet aan ons om rijksbeleid te saboteren. Maar hoever kan een landelijke overheid gaan, voordat een gemeenteraad of een wethouder zegt: hier doe ik dus gewoon niet aan mee. De uitzetting van een gezin dat hier al vijftien jaar woont, welke minister zet daar haar handtekening onder? En welk gemeenteraadslid wil zo’n uitzetting op zijn geweten hebben”

Kort gezegd: ik ben er heilig van overtuigd dat Minister Verdonk een verkeerd beleid voert. Ik ben daar zelfs zo van overtuigd, dat ik persoonlijk van mening ben dat de gemeente Breda alles op alles moet zetten om niet aan de uitzetting mee te werken, sterker nog: de gemeente moet zich inspannen om dat gezin dat hier al 15 jaar woont, gewoon in Nederland kan blijven. De PvdA en D’66 en in mindere mate ook Breda ’97 waren wat minder uitgesproken, maar vonden toch ook wel dat de gemeente een rol had in deze kwestie. Ik had mijn hoop dus gevestigd opo het CDA: wellicht dat deze fractie in Breda ook wel voelde dat de huidige, zeer beperkte pardonregeling, niet ver genoeg gaat. Het was achteraf een naïeve gedachte: het CDA schaarde zich achter het beleid van dit (haar) kabinet en leunde, met de armen overelkaar, achterover. Mijn vraag hoe het CDA dan dacht over barmhartigheid, werd nauwelijks beantwoord.

Het stond de volgende dag best aardig in de krant, maar dat is een zeer schrale troost als je je bedenkt dat het debat in wezen vrij weinig heet uitgehaald. Iedereen die schrijnende gevallen kent: weet aan welke partijen je het te danken hebt. CDA, VVD en die vermaledijde Boris Dittrich van D’66.

More decor – di 10 febr. 2004

Alweer slecht geslapen. Moet niet te vaak gaan gebeuren. Heb nu al het gevoel dat het het einde van de week is. Vandaag weer een halve dag aan decor gewerkt voor Breda Barst. Daarna een vergadering van de organisatie van het popfestival, waar we (de decorgroep) te laat aankwamen omdat sommigen (hè Jaap?) te enthousiast aan een nieuw decorstuk bezig waren. De vergadering was alles behalve zakelijk en ikzelf een beetje cynisch.

Later in de kroeg kwam onverwacht Youp van ’t Hek binnen. Leuk hoe iedereen zich een houding probeerde te geven, zo van “ik ken je wel, maar ik doe alsof ik het niet bijzonder vind dat je hier bent”. Arme Youp.

Digitale raadsleden – vr 6 febr. 2004

Na een korte werkbijeenkomst op de fractie reed ik richting Apeldoorn. In het gebouw van PinkRoccade werd daar die middag een conferentie georganiseerd voor digitale raadsleden. Ik had de uitnodiging daarvoor enige weken eerder gekregen (uiteraard via de e-mail) van Mellouki Cadat (http://www.cadat.nl). Hij had mijn mailadres gevonden via dit web-log en kennelijk vond hij mij de status ‘digitaal-raadslid’-waardig. Eerlijk gezegd doe ik niet veel meer dan zo af en toe dit log bijhouden, maar goed.

Mellouki was vorig jaar verkozen tot het beste digitale raadslid en organiseerde de conferentie samen met Anno Zijlstra (http://www.annozijlstra.nl), die tweede was geworden.

Ik had me veel van de bijeenkomst voorgesteld. Ik hoopte in ieder geval wat ideeën op te doen over hoe je een beter digitaal raadslid zou kunnen zijn, maar vooral wat het eigenlijk inhoud, digitaal raadslid zijn. Maar de bijeenkomst viel een beetje tegen. Na een presentatie van Anno Zijlstra (Mellouki had op het laatste moment moeten afzeggen omdat zijn vader op sterven lag en helaas inmiddels ook gestorven is) kwamen de mensen van PinkRoccade aan het woord, die een presentatie gaven van een nieuwe site die zij speciaal voor raadsleden hadden ontwikkeld en waar ieder raadslid op een zeer eenvoudige manier een website kon opzetten. En hoewel ze deze dienst aanboden omdat ze het beste voorhadden met de raadsleden, moest de service na een jaar gratis uitproberen toch echt betaald gaan worden. En dat terwijl ik hier toch al enkele maanden gratis mijn eigen web-log heb.

Laat ik niet cynisch doen: ik kan me voorstellen dat een heleboel raadsleden die graag ‘digitaal’ willen, maar nog niet kunnen hier heel veel aan kunnen hebben. Maar ik had liever een middag ervaringen uitgewisseld met al die andere digitale raadsleden die toch al digitaal waren en PinkRoccade dus eigenlijk helemaal niet nodig hadden. Die ervaringen wisselde ik dus maar tijdens de borrel (voor mij een cola a.u.b.) uit, onder andere met het Zeeburgse deelstadsraadslid Douwe van Donselaar (http://www.douwe.web-log.nl). En op de weg terug naar huis heb ik een lift aangeboden aan GroenLinks-raadslid Wouter van Kouwen (http://www.woutervankouwen.nl).

Veel later dan gepland kwam ik aan in Breda waar ik snel mijn auto inruilde voor de fiets, waarmee ik naar Jasper en Julie reed, die mij hadden uitgenodigd voor een authentiek Indisch diner (volgens het kookboek van Beb Vuijk). Heerlijk!

Middelen – do 5 febr. 2004

Commissie middelen, met weinig belangwekkende zaken op de agenda. Een verordeningetje hier, een verordeningetje daar, oftewel veel technisch gebabbel over belangrijke, maar o zo saaie zaken. En aan het begin maakte de wethouder ook nog even bekend dat Breda met een financiële tegenvaller van zo’n 5 miljoen euro werd geconfronteerd.

Het enige ‘leuke’ op de agenda was misschien de memo over de verbetering van de zoekmachine op de Internet-site van de gemeente Breda. Kon ik eindelijk ‘ns mijn verhaal afsteken over betere digitale dienstverlening. Want, zo vertelde een ambtenaar, op dit moment kun je op de site van de gemeente allemaal digitale formulieren invullen om dingen aan te vragen, maar als je thuis achter je pc op enter drukt, gebeurt er niets anders dan dat een printer op het stadskantoor dat formuliertje uitrpint, waarna de digitale aanvraag even analoog behandeld wordt als al die andere aanvragen. En dus duurt de behandeling van een high-tech Internet-aanvraag ook een week of wat.

Er valt nog een hoop te verbeteren dus, op dat punt. Maar zolang ik het enige raadslid ben dat een beetje digitaal is (wanneer krijgen al die andere raadsleden nou ook eens een weblog ofzo), zal het allemaal wel niet snel veranderen. Na de vergadering ging ik dus maar analoog naar de kroeg om daar ee pilsje te downloaden. Die aanvraag werd door de barman een stuk sneller behandeld.