Homo Vetus – za 29 juli 2006

Ik had Lumine al een lange tijd niet gezien. Dus hadden we voor de gelegenheid afgesproken een korte wandeling te maken door het Mastbos, om daarna te genieten van koffie en appelgebak in De Boswachter. Genieten is nu eenmaal luxe.

Wij, jonge, hippe mensen, vielen op het terras van De Boswachter nogal uit de toon. Het terras werd namelijk volledig bevolkt door grootouders met kinderen of kleinkinderen. Niet zo gek als je bedenkt dat er op rollator-afstand een bejaardentehuis (mag je dat zo nog noemen) ligt. Wat verder nogal opviel was de verveelde, bijna chagrijnige blik die de meesten met zich mee torsten. Het zal de hittegolf wel zijn, dacht ik.

Lumine, tien jaar jonger dan ik, had wel schik in de situatie. ‘Zit ik hier op een terras met alleen maar oude mensen’, zei ze met een schuin oog kijkend naar mijn grijze slapen. Het is de harde werkelijkheid. In mijn eigen beleving ben ik misschien nog jong en bruisend, voor Lumine ben ik een bijna dertiger. Met andere woorden: een ouwe bok dus.

Homo Musicus – vr 28 juli 2006

Hoewel bij GroenLinks Den Haag de werkzaamheden gewoon doorgaan vanwege de toestand in Libanon, de problemen in de thuiszorg en de vervroegde verkiezingen, is het in Breda zomerreces. Mijn vrije vrijdag bestond uit het bezoeken van een concert in de Waalse Kerk, het bijwerken van de financiële administratie van de fractie, een uitgebreid gesprek met de wethouder en een bezoek aan mijn platenzaak.

Ik was er al weken, zo niet maanden niet geweest, dus ik had redelijk wat in te halen. Naast een stuk of wat LP’s die ik wilde bestellen, had Gert Jan ook wat interessante dingen in de bak ‘nieuw binnen’ zitten. Ik nam plaats achter de draaitafel om zijn aanbevelingen te controleren op selçukfähigkeit.

Bezoeken aan de platenzaak zijn in mijn geval gevaarlijke ondernemingen. Zo’n anderhalve kilo vinyl rijker en zo’n kleine 150 euro armer liep ik naar buiten.

Homo Captus – wo 26 juli 2006

Ergens tussen verdieping twee en drie stopte de lift. De deuren bleven gesloten. Help, ik zat vast. Gelukkig heeft elke lift een alarmlijn.

Ik had altijd een heel romantische voorstelling bij vastzittende liften. Maar ja, er stond geen goedogende knaap naast me met wie ik nog minstens een halve dag samen in de lift moest blijven vastzitten. En ook zweefde Keano Reeves niet door de belendende liftkoker, hangend aan een afgebroken staalkabel. De lift vertoonde zelfs geen neiging om zich drie verdiepingen naar beneden te storten. het was al met al nogal een saai avontuur.

Terwijl ik, zittend in de lift, mijn NRC las, deed de technische dienst zijn best om de lift weer werkend te krijgen. Zonder noemenswaardige gebeurtenissen werd ik bevrijd door een monteur die niet op Huub Stapel leek en niets wist van zojuist geïnstalleerde biologische microprocessors. Ik heb nu eenmaal geen avontuurlijk leven. Deze hele episode duurde ook dan ook niet veel langer dan veertien minuten.

Homo Famens – di 25 juli 2006

Bovenbuurjongen is terug van vakantie. Bovenbuurjongen is best leuk om te zien en ook aardig. Bovenbuurjongen is student Fysiotherapie en daarnaast werkzaam in de zorg. Hij is waarschijnlijk de enige hetero van zijn jaargang. Dat heb ik weer.

Hoewel we in het zelfde huis wonen, merken bovenbuurjongen en ik weinig van elkaars aanwezigheid. Hij heeft onregelmatige diensten en nu ik, naast mijn raadswerk, ook nog eens vier dagen per week in Den Haag zit, zijn we beiden zelden thuis. Illustratief is dat we al een jaar lang proberen af te spreken om een keer een biertje te gaan drinken, maar onze agenda’s amper een voor beide partijen geschikte datum kunnen produceren. Eind augustus wellicht.

Buurmeisje vindt Bovenbuurjongen best leuk. Buurmeisje deed een briefje in de bus om bovenbuurjongen uit te nodigen om elkaar een beetje beter te leren kennen. Aangezien de kortstondige relatie tussen bovenbuurjongen en aardbei, een meisje dat hij met carnaval had leren kennen, is beëindigd, maakt buurmeisje weer een beetje kans. Alhoewel bovenbuurjongen geloof ik voorlopig liever weer even vrijgezel blijft.

Leuk hè, roddelen?

Homo Pacis – ma 24 juli 2006

Stamkroeg De Beyerd zat, gezien het weer, opvallend vol. Het was zelfs wringen om aan de bar nog een plaatsje te bemachtigen. Oorzaak was de aanwezigheid van een groep luidruchtige Amerikaanse jongeren die hadden ontdekt dat er ook bier met een alcoholpercentage hoger dan 5%.

En dus vlogen de Pauwels Kwak, de Trappisten, de abdijbieren en de Hefe Weisses in hoog tempo over de bar. En is de drank eenmaal in de man, dan is de wijsheid in de kan. Voor deze Amerikanen gold dat twe keer zo hard.

Maar geen onvertogen woord over deze uitwisselstudenten. Ik heb ze altijd nog liever vreedzaam aan de bar van mijn stam dan in, pakweg, Irak of Afghanistan. Als er dan ook nog een paar Israëliërs, Palestijnen en Libanezen zouden aansluiten, zou het vast wel goed komen in het Midden-Oosten. En dan drinken we er een stuk of zes Duveltjes bij. Dat slaat namelijk ook in als een bom.

Homo Migrans – zo 23 juli 2006

Rogier, vriend, collega en beroepsjongere, gaat verhuizen. Op een onbewaakt ogenblik bood ik hem aan mee te helpen. In mijn bestelwagen kunnen nu eenmaal makkelijk grote dingen. Zolang ik maar niet voor elven voor de deur stond. Ik beloofde plechtig.

Dus toen ik rond kwart voor twaalf bij hem voor de deur stond, stond de dampende bieten-gembersoep al op me te wachten. Maar dat was ook meteen de enige voorbereiding die Rogier getroffen had. Het aantal reeds ingepakte dozen beperkte zich tot slechts één. En zelfs die nog amper half vol.

De nieuwe woning van Rogier ligt in Delfshaven, aan de andere kant van Rotterdam. Dus terwijl Rogier in zijn oude woning dozen aan het pakken was, sjouwden broertje Matthijs en ik ons stuk op te zware meubels en bureaubladen. Eén trap omlaag, 45 minuten later drie trappen omhoog. Waaronder twee wenteltrappen.

Gelukkig heeft Rogier geen uitgebreide boekenkast of platencollectie. Hij heeft wèl een mega espresso-apparaat. Het was, begrijpelijkerwijs, het laatste apparaat dat uit het stopcontact getrokken werd om te verhuizen. Zodat we naast vermoeide ledematen ook voldoende koffie hebben gekregen.

Homo Digitalis – za 22 juli 2006

Het server-project was weer eens van stal gehaald. Ik ben al tijden van plan een oude Pentium II om te bouwen tot een kleine webserver. Daarvoor moet eerst Windoos plaats maken voor Linux.

Het idee van een eigen, primitieve webserver leeft al langer (zie web-log zo 24 juli 2005), maar is vooralsnog nooit tot enig vooruitzicht op een einde gebracht. Want Linux is natuurlijk hartstikke leuk, maar er zijn zoveel verschillende distributies van dit Open Source-besturingssysteem dat je niet weet welke het beste bij je past. Iets met bomen en een bos: het kiezen van de juiste Linux-versie is ingewikkelder dan het kiezen van de juiste mode-accessoire.

En zo bleek Fedora te ambitieus, Debian te zwaar en Knoppix niet geschikt voor een vaste installatie. Uiteindelijk ben ik dus weinig opgeschoten. Voorlopig leef ik nog even zonder pinguïn. Ach… Het was voor dat beest waarschijnlijk toch veel te warm.

Homo Bibens – vr 21 juli 2006

Ik ontwaakte in een woning in Zevenkamp, Rotterdam. De avond ervoor had ik met collega, kennis, vriend en beroepsjongere Rogier een avondje gegeten en gedronken in Den Haag. Het gevolg was dat ik de laatste trein niet heb gehaald. Maar dat zijn slechts kleine tegenslagen. Rogier had thuis immers nog een fles Glen Fiddich staan.

En zo bracht ik zwetend de nacht door op een bobbelige slaapbank, omringd door losliggende kattebakkorrels, haarballen en een rondstruinende poes. En nee, ik ben daar nog niet te oud voor. Mijn lijfje kan dat soort erbarmelijke omstandigheden nog best wel aan.

Omdat je geniet-momenten soms zo lang mogelijk moet uitstellen om er optimaal van te kunnen genieten, heb ik toen eerst de gehele tour-etappe gevolgd om pas vele uren later een halflauwe douche te nemen. Soms is het onbegrijpelijk dat mensen een bad verkiezen boven het gelukzalige gekletter van een half verkalkte douche-kop.

Homo Tardus – do 20 juli 2006

De trein kwam eerst vijf minuten later. Vijf minuten later kwam de trein helemaal niet meer. Iets met een aanrijding. Het zijn zo de kleine ergernissen in het leven.

Gelukkig heeft de NS tegenwoordig de meer-dan-29-minuten-vertraging-dan-geld-terug-regeling. En daar maak ik dan ook dankbaar gebruik van. Moest ik daar als maandkaarthouder of reiziger met losse kaart nog langdradige formulieren voor invullen, als Jaarkaarthouder kan dat met een simpel forumliertje op Internet.

De betaling kan zes weken op zich laten wachten. Ik ben benieuwd. Zou het lukken om die transactie wèl tijdig af te wikkelen? Als dat zo zou zijn, dan kan vertraging ineens weer best wel leuk worden.

Homo Vorens – wo 19 juli 2006

De trein terug vertrok precies op tijd. Helaas stond ik niet op tijd op het perron. En dus had ik 29 minuten te doden op Den haag centraal. Niet het leukste of esthetisch meest hoogstaande station van Nederland. Dus dan blijft er nog maar één ding over: eten.

De wachtende mens stopt graag iets in zijn mond. Etenderwijs, voor de duidelijkheid. Het verschil tussen de etende mens en de wachtende mens, is dat de etende mens enigszins kieskeurig is over wat er gegeten wordt. De wachtende mens kan het geen donder schelen, als er maar gekauwd, gebeten en geslikt kan worden. De wachtende mens heeft zich ontdaan van zijn über-ich en vreet er primitief op los.

En zo eindigde ik bij Smullers, de weinig verheffende naam van de frituur-keten die de vaderlandse treinstations bewoont. Voor een frietje met mayo, dat er op de foto natuurlijk net een beetje beter uitzag dan in het echt. Voor een frietje, dat ook niet gemaakt was van echte, vers gesneden aardappel, maar van samengeperst aardappelmeel uit een diepvrieszak. De inhoud van het papieren bakje smaakte duidelijk naar vertraging.

De menselijke beschaving is niet veel meer dan een dun laagje vernis. Bij het minste of geringste beetje tegenslag, maakt de beschaving plaats voor primitieve oerdriften. Verfijning maakt plaats voor grof geweld. Friet van Smullers, het is om me kapot voor te schamen.