Homo Credens – di 18 juli 2006

Op het station in Breda kwam ik de nieuwe reclame’s van de stichting Stevan. “Keer om”, zei de boodschap. Ik sloeg weinig acht op de boodschap van de stichting die zich al 36 jaar bezighoudt met het verspreiden van Gods woord. Had ik maar beter geluisterd. Maar dat wist ik toen nog niet.

Aangekomen in de Tweede Kamer bleek dat de website Linkse Lente moest worden ververst. Maar de wachtwoorden zaten in mijn computer thuis, niet op mijn werk-pc in Den Haag. En dus kon ik na aankomst in de Tweede Kamer al weer vrij snel terug naar Breda. Omkeren dus.

Had ik maar beter geluisterd naar God. Hij wist immers de weg en had nog zo zijn best gedaan mij van deze onnodige heen-en-weer reis te laten afzien. Maar God, zo meldde de poster, wilde mij niet dwingen omdat hij immers liefde zou zijn. Daarom liet God mij mijn eigen fout gedwee begaan.

Ik stel me zo voor dat dat in het Midden-Oosten ook zo gaat. Ook al is God liefde, hij laat alle vechtende partijen, of het nou de Hamas, Hezbollah of het Israëlische leger is, allemaal hun kolossale blunders begaan. God is immers liefde. Ik hoop dat de 13 onschuldige burgers, die geraakt worden door de katjoesja-raketten van de Hezbollah of de 232 onschuldige burgerslachtoffers van de Israëlische bombardementen ook zo blij zijn dat God de strijdende partijen geen strobreed in de weg legt.

K.. – ma 17 juli 2006

Nog even terug naar zondag. Toen ik het terras op kwam lopen, zag ik al dat de lymfklieren in zijn nek weer behoorlijk opgezwollen waren. De opmerking ‘het gaat volgens mij niet zo goed met je’, was dan ook vragen naar de bekende weg. Na de zomer mag hij beginnen aan zijn derde chemokuur in twee jaar tijd.

De tweede, slopende kuur, had hij pas een paar maanden geleden afgerond en was hij ‘schoon’ verklaard. Om dat te vieren had ‘ie zichzelf helemaal klem gezopen. Na negen maanden onthouding had hij dat eigenlijk ook wel verdiend. Te vroeg, blijkt nu, want de hardnekkige non-Hodgkin variant van de lymfklierkanker was sneller terug dan verwacht.

De derde kuur begint ergens na de zomer. En als ze hem dan helemaal kapotvergiftigd hebben, krijgt hij een beenmergtransplantatie. Dan is het nog maar hopen dat het nieuwe afweersysteem niet al zijn eigen organen gaat zitten uitdrijven.

Totnogtoe had hij alle ellende met een zekere vrolijke gelatenheid over zich heen laten komen. Voor de eerste chemo schoor hij zijn kop kaal om er vervolgens achter te komen dat hij tot één van die zeldzame figuren behoort die z’n haar niet verliest van al die medicijnen. En de onleefbare misselijkheid van de tweede kuur relativeerde hij ook nog met de opmerking dat hij zich over een paar dagen vast weer beter zou gaan voelen. Zelfs van de donatie aan de spermabank om, in het geval van onvruchtbaarheid toch nog wat achter de hand te hebben, wist hij een amusant kroegverhaal te maken.

Maar er is ergens een grens aan wat een mens over zich heen kan laten komen. Het zou toch onderhand een keer afgelopen moeten zijn. Hij is 24, mag hij godverdomme weer eens een keer gewoon gaan leven?

Zomerklanken – zo 16 juli 2006

Doorgaans houd ik niet zo van coverbandjes. Ik maak één uitzondering voor JD’s Wardrobe. Dit driemanschap, bewapend met zangmicrofoon, gitaar en cajon, covert alles in geheel eigen stijl. Zij gaven een terrasconcert op het plaatselijke poppodium MeZZ.

Zangeres Sof is een wereldwijf: rebels, gezegend met eigenzinnige humor en vooral compleet geschift. Zo roept ze bijvoorbeeld uitdagend ’tongen?’ naar iedereen die haar, bij wijze van afscheid, drie nette kussen op de wang wil geven. Ik was kennelijk de eerste die ook daadwerkelijk op die uitdaging in ging. Ze schrok van haar eigen bluf en hield haar lippen stijf op elkaar.

Opeens bedacht ik me dat ik het afvoerputje van de douche nog moet ontstoppen.

Helden – za 15 juli 2006

Het is niet het beste voorbeeld van mijn verfijnde smaak, maar ‘s avonds heb ik Spiderman II in de DVD-speler gedaan. Van alle superhelden is Spidey mij waarschijnlijk nog het meest dierbaar.

Een held als Superman vind ik weinig geloofwaardig. Het maakt niet uit van welke planeet je komt: vliegen is zonder vleugels simpelweg onmogelijk. Maar door een spinnebeet genetisch dusdanig veranderen dat je vingers weerhaken gaan groeien en je pols een spinnewebklier, dat is al een stuk makkelijker te verteren. Er is in ieder geval over nagedacht.

Het zal wel te maken hebben met het slingeren door een grote Metropool, aan zelf geragde lianen van spinneweb. Of de kinderwens om op elk gebouw te kunnen klimmen. Daarnaast is Peter Parker het soort figuur dat sympathie opwekt. Een goeie sul, die zo’n beetje alles tegenheeft. En tot overmaat van ramp dan ook nog eens tegen wil en dank tot superheld gebombardeerd wordt. Het zal je maar gebeuren, zo in je puberjaren.

Het heeft in ieder geval niets te maken met dat strakke milliskin pakje waarin de goedgevormde torso van de stuntdubbel zo fraai geaccentueerd wordt. Ècht niet.

De man – vr 14 juli 2006

Het is weer zomer en zij vullen
Het stadsbeeld, vijver of rivier,
Alwaar zij, hunner groot plezier,
Hun hengel laten zakken.

Geflankeerd door koelbox en een net,
Turen zij over het water,
Waar zij, vele uren later,
Nog niets hebben gevangen.

Het zal altijd een wonder blijven,
Waarom zonder woord en daad,
Zij zitten blijven al die uren.

Met een pilsje in de hand,
Van ‘s ochtends, tot de middag laat,
De vissers naar hun dobber turen.

Vissen, het ultieme heterosexuele tijdverdrijf.

Angelface – di 11 juli 2006

De reis naar Den Haag biedt dagelijks kansen op nieuwe avonturen. Alleen daarom is de NS-jaarkaart van ruim 2800 euro zijn geld al meer dan waard.

Toen hij de coupé van het voormalig Duitse treinstel binnenkwam, vouwde ik even de linkerpunt van mijn NRC Handelsblad naar beneden. Een enigszins slungelige jongeman met een engelachtig gezicht twijfelde even bij de keuze van zijn zitplaats. Vurig hoopte ik dat hij schuin tegenover me ging zitten, maar dat deed hij niet. Hij vulde de lege plaats naast mij.

Toen de trein wegreed, ik geloof dat het Rotterdam Centraal was, klapte hij zijn mobieltje open en begon te sms-en. Ik vluchtte weer terug in de veilige wereld van de wetenschapsbijlage, waar ik het afgelopen weekeinde niet aan was toegekomen. Af en toe keek ik naar links, maar nooit te lang om maar niet betrapt te worden.

Toen de trein Breda naderde, maakten wij ons beiden op om uit de trein te stappen. Mijn NRC veilig opgeborgen in mijn tas, zijn mobieltje veilig in zijn broekzak. Op het balkon stond een groep bejaarde dames te wachten totdat iemand de deur voor hen wilde opendoen. De ietwat onhandige hendels van de ouderwetse klapdeur zijn nu eenmaal niet ontworpen voor mensen van boven de zestig. Engelgezicht offerde zich op voor deze nobele taak.

Dit was de kans om een goedbedoelde opmerking te maken. Zo’n opmerking die moest leiden tot een diepgaand gesprek en, uiteindelijk, een biertje op het terras, waar we dan zouden zitten totdat het laatste straaltje zonlicht ons beschenen had. Maar de opmerking kwam niet. Ik mompelde slechts iets over hoe blij de bejaarde dames wel niet waren met zijn heldhaftige en galante actie. Hij maakte een grapje terug. Terwijl we samen de roltrap afdaalden, stelde ik mezelf de existentialistische vraag hoe je nu subtiel aan iemand een telefoonnummer kon ontfutselen. De briljante ingeving bleef uit. En een vuurtje had hij ook al niet.

Vanuit de stationshal liep hij in de richting van de regionale bussen. Ik moest de andere kant uit. Bij het passeren van de fietsenstalling dacht ik nog even aan omdraaien, maar ik was te laf. Thuis fantaseerde ik al over advertenties in het treinblad Rails, maar parkeerde de gedachte gelukkig snel. Ik rijd vier keer per week met de trein op en neer. Ik wacht geduldig totdat hij weer mijn coupé binnenstapt. Tot dat moment heb ik de tijd een subtiele manier te bedenken om hem uit te nodigen voor een etentje.

Toppertje – ma 10 juli 2006

De eerste dag van de werkweek begon voor de verandering ‘ns een keer in Utrecht, op het landelijk bureau van GroenLinks. Ik was daar voor een overleg met de diverse webmasters.

De hype van vandaag was een Toppertje met een Breezer Ananas. Het is een enigszins carnavalesk nummer over een wat onhandige versierpoging met behulp van een toppertje, een breezer ananas en wellicht ook een dubbele whysky, gezongen door twee onvervalste Amsterdammers met de namen Tropical Danny en Guillermo en is tevens een ware ramp voor oor en hoofd. Nadat je het nummer twee keer gehoord hebt, blijft het, tegen wil en dank, tussen de binnenwandel van je schedel heen en weer kaatsen. Giel Beelen heeft het nummer ook al grijs gedraaid. Een ware hype?

Waarschijnlijk toch niet, aangezien het nummer een grap is van caberetier Kasper van Kooten. Althans, tot die conclusie kwamen wij via de hulp van de Stichting Internet Domeinregistratie Nederland. Wie deze zomer op het terras een Toppertje met een Breezer Ananas bestelt, werkt onbedoeld mee aan een parodie. Ik denk dat ik het bij een biertje houd.

Thirty-something – za 8 juli 2006

Mijn broer en zijn vrouw vierden hun verjaardag gezamenlijk door op een datum tussen hun beider verjaardagen in ‘s middags een samenzijn te beleggen in hun tuin. Inderdaad, het zijn dertigers.

Het was een opvallend divers clubje genodigden van vrienden en familie. De een zat in de projectontwikkeling, de ander was zojuist begonnen aan het opzetten van een nieuwe kledinglijn. Nummer drie werkte in de reïntegratie, nummer vier in het bankwezen. Het leek wel alsof de nouveau riche zich verzameld had in een achtertuin in Bavel.

Van de vier aanwezige stellen waren er twee in verwachting van een baby, ook nog eens allebei uitgerekend in September. De gesprekken gingen over het genot van kinderen, de overwaarde op het huis en het verschil tussen een goede en een slechte stikrand.

Soms ben ik heel blij dat ik homo ben en nog geen dertig.

MeZZ – vr 7 juli 2006

Vriend en drummer Emiel heeft zijn oude hobby weer opgepakt: drummen. Na de opkomst en ondergang van de Nederlandstalige band Abel had hij zijn drumstokken nooit meer voor het publiek beroerd. Nu hij is gaan drummen voor de band Incomn is aan die periode van radiostilte een einde gekomen.

Een bezoek aan poppodium MeZZ leidt tegenwoordig ook bijna steevast tot een gesprek met directeur Frank Zijlmans over de financiële situatie van het Bredase poppodium. MeZZ heeft al jaren achtereen een tekort aan subsidiegeld en aangezien GroenLinks altijd pleitbezorger is geweest van een goed draaiend poppodium en vanwege het feit dat GroenLinks tegenwoordig in het college zit met een wethouder cultuur, houdt Frank me graag op de hoogte van de laatste ontwikkelingen. Mocht je Frank al iets kunnen verwijten, dan is het in ieder geval niet gebrek aan inzet.

Een week geleden had ik, samen met de raadsleden Hardorff en Defilet an een brief gestuurd waarin wij het college verzochten actie te ondernemen waardoor de CKV-medewerker van MeZZ, die door het tekort aan financiën ontslagen dreigde te worden, in ieder geval tot december aan kon blijven. Aan het einde van het jaar zou dan een structurele oplossing voor de financiën van MeZZ gevonden worden. Uit mijn gesprek met Frank bleek ook dat hij op zoek was naar pogingen om zijn medewerker tot dat moment aan te houden.

Vrije avonden zijn in de politiek schaars. Zelfs al ga je ergens voor je lol naar toe, dan loop je nog het risico dat je wordt aangesproken door iemand uit je netwerk. Ook als je naar een bandje gaat kijken in het plaatselijke poppodium.