Naast vrijwilliger viel me ook dit jaar weer de eer te beurt om in de jury van de voorronden van Breda Barst te zitten. In de politiek moet ik soms gortdroge nota’s beoordelen, maar bandjes beoordelen is minstens net zo’n grote uitdaging. Daarnaast is het een goed excuus om zondagmiddag aan de bar te gaan hangen, ook al is het nog zulk mooi weer. Er kwam onverwacht ook nog een bekend gezicht binnenwandelen dat ik al een tijdje niet had gezien. Gezellig mee geklets. Gezellig, tja.
Conferentie – za 27 mrt. 2004
Hoewel het een zaterdag was, ging de wekker gewoon om zeven uur. Langzaam wakker worden, douchen, ontbijten met BN/DeStem (het NRC was nog niet bezorgd) en in de auto naar De Reehorst in Ede. Daar begon namelijk om 10.00 uur de Raads- en Statenleden conferentie van GroenLinks. Een dag met workshops en voldoende pauzes om een beetje met elkaar bij te praten.

Ik vind dit soort bijeenkomsten altijd erg inspirerend. Simpelweg omdat je kennis kunt maken met GroenLinksers uit andere gemeenten en ervaringen kunt uitwisselen. Daarnaast zijn de workshops interessant en zinvol.
De ochtendworkshop waar ik me voor had ingeschreven ging over lokale financiën. Met Ben de Roos uit de fractie heb ik zijn rol in de rekeningcommissie en de commissie middelen (financiën) overgenomen, maar een echt boekhoudwonder ben ik (nog?) niet. Een leuke verrassing was de aanwezigheid van Leo Verhoef. Leo is een soort klokkenluider in accountantsland. Al jaren stelt hij gemeentelijke jaarrekeningen aan de kaak, want, zo zegt hij, daar deugt niets van. Maar, zoals dat vaker gaat, niemand wil naar hem luisteren. Dat heeft deels te maken met zijn beschuldigende toon (raadsleden zijn mede schuldig aan fraude omdat ze het door de vingers zien), maar wat wil je, als je constateringen jarenlang door iedereen worden genegeerd en je daardoor ook nog eens je baan kwijt bent.
Ook ik heb al regelmatig mailtjes van hem mogen ontvangen, die soms te technisch zijn voor mij en waar ik tot nu toe weinig mee heb gedaan. Maar, zo is me na vandaag duidelijk, er zit meer waars in het verhaal van Leo Verhoef dan menigeen durft toe te geven. En dat geloof ik helemaal nu de Tweede Kamerfractie één en ander heeft laten onderzoeken en ook tot de conclusie komt dat er een aantal zaken in begrotingsland een beetje vreemd in elkaar zit. Boekhoudfraude willen we het bij GroenLinks nog net niet noemen, maar zuivere koffie is anders.
’s Middags ging ik naar een workshop over integratie. Tegen de stroom van het huidige politieke klimaat in heeft de Tweede Kamerfractie een genuanceerde integratienota geproduceerd die 20 aanbevelingen doet om de problemen in Nederland op te lossen. Geen vertroeteling, maar ook niet hele groepen over één kam scheren. Een heel mooie nota die genoeg handvatten biedt om ook lokaal mee aan de slag te gaan. En dat wil ik dus ook gaan doen.
De dag werd afgesloten met een toespraak van Europees GroenLinks-lijsttrekker Kathelijne Buitenweg (hiernaast met mij op de foto), op haar verjaardag nota bene, en de aanwezigen zongen haar dan ook hartelijk toe. Naborrelen (strikt alcoholvrij voor mij) en tegen zessen naar huis. En hoe interessant ook, toen Neerlands asfalt onder mijn auto schoof en Nirvana door de speakers van mijn autoradio schalde besefte ik dat het allemaal toch wel weer erg vermoeiend was geweest. Zeker toen ik me realiseerde dat ik deze prachtige lentedag weer alleen maar binnen had doorgebracht.
Lokale omroep (slot?) – do 25 mrt. 2004
Op de agenda van de raad stond als meest spannende punt de zendtijdtoekenning voor de lokale omroep (zie ook web-log wo 10 dec. 2003 en do 18 mrt. 2004). De situatie: in Breda strijden twee omroepen om de zendvergunning en dus moet de raad een uitspraak doen over de Programma Beleidsbepalende Organen (PBO) van beide clubs. In dat orgaan moeten namelijk mensen zitten die de Bredase samenleving zo goed mogelijk vertegenwoordigen. En wij moeten die representativiteit beoordelen.
Op 10 december is de problematiek al aan de orde geweest in de commissie cultuur. Toen heb ik min of meer gehakt gemaakt van het PBO van de BRTS, de huidige zendgemachtigde. Zij hadden namelijk allemaal mensen op de lijst staan die er ofwel niet op mochten staan, ofwel nooit waren afgevaardigd door de organisatie die ze volgens de lijst zouden moeten vertegenwoordigen. Bij 9 van de 14 PBO-leden stelde ik vraagtekens. De lijst klopte dus van geen kanten, was niet representatief en kon misschien zelfs wel frauduleus genoemd worden. Het ziet eruit als stront, het ruikt als stront, hoogstwaarschijnlijk is het stront, zou een boer zeggen.
Toch heeft de commissie toen niet gekozen voor de andere omroep, de BOS, die een PBO had dat wel klopte. In plaats daarvan vond de commissie dat de twee omroepen maar moesten fuseren. Een beslissing die het commissariaat nadien heeft veroordeeeld: we hadden toen gewoon voor de BOS moeten kiezen.
De fusie mislukte (niet erg verbazingwekkend), doordat de BRTS elke mogelijke samenwerking van de hand wees. In de commissie van vorige week kwam de zaak dus opnieuw aan de orde. Maar de BRTS had intussen wel een heel nieuw PBO (9 mutaties) ingeleverd. Formeel mochten ze dat echter, ook al was dat niet de bedoeling van de uitstel geweest. Die was immers bedoeld voor een fusiepoging. De coalitiepartijen CDA en VVD hielden echter stug vol dat de BRTS de beste kandidaat was. De PvdA had daar als coalitiepartij een wat andere mening over, samen met de rest van de oppositie. Ex-D’66-maar-nu-onafhankelijk-raadslid Ben Joosse liep zonder schaamte braaf achter het college aan.
In de commissie vroeg CDA-fractievoorzitter Dubbelman al of ik wel mocht meestemmen omdat ik in een ver verleden (ruim 5 jaar terug) bij de BRTS had gewerkt. Na enige uitleg van mij (het is lang geleden, in de gedragscode staat dat een jaar na beëindiging geen sprake meer is van belangenverstrengeling) was het voor hem geen probleem meer. Diezelfde Dubbelman had ook aangekondigd dat CDA-raadslid André Lips niet mee zou stemmen, omdat hij onlangs nog betrokken is geweest bij TV-Gazet, een commerciële omroep in Breda en dus wel belangen zou kunnen hebben in de uitkomst.
Gisteren kwam het dossier dus in de raad. De BOS had op de valreep ook nog maar een aantal wijzigingen in hun PBO doorgevoerd. Als de BRTS het mag, mogen wij het ook, was waarschijnlijk de gedachte, en terecht. Niemand ging echter serieus in op die nieuwe lijst en vooral het CDA gebruikte allemaal ongeldige argumenten. Zij beoordeelde de programma’s, niet het PBO en dat mag dus niet. Het commissariaat zal de notulen waarschijnlijk met gefronste wenkbrauwen lezen.
Ikzelf diende een amendement in op het voorstel. Hoewel ik persoonlijk de BOS een beter PBO vind hebben (zeker met de doorgevoerde wijzigingen) voelde ik al wel dat daar geen meerderheid voor was te vinden. Maar als we als raad nu eens beide PBO’s even representatief zouden verklaren, mag het Commissariaat van de Media uiteindelijk zelf een oordeel geven. Het amendement was mede ondertekend door Leefbaar Breda, SP en D’66 en ik had hoofdelijke stemming aangevraagd. Het zou spannend worden.
Toen het op stemming aankwam, bleef CDA-raadslid Lips (diezelfde die uit eigen beweging uit de commissie was weggebleven wegens belangenverstrengeling) ineens keurig zitten alsof er niets aan de hand was. En dat deden tot mijn grote verbazing ook BRTS-programmamaker Olaf Douwes Dekker en in de inovember nog tot PBO-lid van de BRTS benoemde Patrick Ernst (beide VVD). Ook na een opmerking daarover van mij vond geen van hen dat zij de zaal bij de stemming moesten verlaten. Het is maar de vraag of daardoor het genomen besluit wel rechtsgeldig is.
Hoe dan ook: de kaarten waren toen geschud. Met deze drie mensen erbij, zou het raadsvoorstel op een meerderheid kunnen rekenen. Zeker aangezien de PvdA over de kwestie verdeeld was. De helft stemde voor mijn amendement, de andere helft tegen. Waarmee in totaal met 16 stemmen voor en 21 tegen het amendement werd verworpen. Precies omgekeerd: met 21 stemmen voor en 16 tegen werd het voorstel om een positief advies te geven over het BRTS-PBO aangenomen.
Het was een uitvoerige discussie met veel oneigenlijke argumenten. Het Commissariaat voor de Media moet binnenkort een eindoordeel geven. Daarvoor zal een hoorzitting worden gehouden en ik sluit helemaal niet uit dat zo’n beetje de voltallige raad uitgenodigd wordt om tekst en uitleg te geven bij de absurde gang van zaken.
Het lijken wel Limburgse toestanden. Maar de zaak is nog niet bekeken. En ik ben benieuwd hoe de wethouder reageert als de zendvergunning uiteindelijk toch nog aan de BOS wordt verleend. Dan zou ‘ie wat mij betreft moeten opkrassen.
Slot? Nee joh, nog lang niet.
Verhuizen – wo 24 mrt. 2004
Normaal is op woensdagavond altijd de repeititie van ons zangkoor ‘Tegen de Wind Mee’. We zingen strijdliederen en zijn dus allemaal best wel solidair.
Vandaar dat de repetitie ineens ook niet doorging. Koorlid Jenny moest verhuizen en kon weinig mensen vinden om te helpen. Iedereen heeft het immers druk druk druk tegenwoordig. Dus of we in plaats van onze repetitieruimte, naar de Maaseijkstraat konden komen, liefst met auto.
Een stoet van 12 auto’s en zo’n 19 koorleden kwam rond half negen bij Jenny aan. De ‘Human Chain’ werd gevormd en net als vroeger bij het blussen van een brand de emmertjes water, gaf iedereen verhuisdozen aan elkaar door.
In colonne reden we naar Teteringen en deden we het omgekeerde. De nieuwe buren zullen wel flink hebben opgekeken van al die verkeerd geparkeerde auto’s in de straat en die harde muziek van Boudewijn de Groot uit de autoradio. Maar het gros van de spullen was wel binnen twee uur oververhuisd. Hierbij dus een tip: heb je verhuisplannen, sluit je aan bij een koor dat solidariteit nog hoog in het vaandel draagt.
Actie – di 23 mrt. 2004
Telefoongesprek:
“Was je nog van plan te komen”
“Ooh, shit, is die bijeenkomst vandaag”
“We wachten al een half uur op je”
“Ik kom er nu aan, ik pak de auto wel”
De bijeenkomst ging over de demonstratie tegen de uitzetting van asielzoekers 10 april. Op voorstel van de Internationale Socialisten (een groepje marxistische jongeren dat nog heilig gelooft in de revolutie) werd ik als GroenLinkser benaderd of wij niet mee willen organiseren. En dat vinden wij prima. PvdA doet ook mee, SP was helaas afwezig.
Voor wie mee wil: de bus vertrekt om 10.00 uur ’s ochtends bij het station in Breda. reserveren kan via een nog aan te maken e-mailadres.
Lokale Omroep – do 18 mrt. 2004
Op de agenda van de commissie Cultuur stond opnieuw de zaak over de zendvergunning voor de lokale omroep (zie weblog wo 10 dec. 2003). Eens in de vijf jaar moet die vergunning opnieuw worden aangevraagd. Er zijn in Breda twee clubs (de BRTS, die nu de zendvergunning heeft, en de BOS) die een aanvraag hebben ingediend en het Commissariaat voor de Media vraagt in dergelijke gevallen advies aan de gemeenteraad. Die moet beoordelen welke omroep het meest representatieve Programmabeleids Bepalend Orgaan (PBO) heeft. Dit PBO heeft als taak in grote lijnen het programmabeleid van de omroep vast te stellen.
De kwestie was in de commissie van 10 december al eerder aan de orde geweest. Tijdens mijn voorbereiding ben ik er toen achtergekomen dat de lijst die de BRTS, één van de twee kandidaten voor de zendvergunning, volstrekt niet deugde. Bij negen van de veertien namen op de lijst heb ik toen vraagtekens gesteld. Met de lijst van de BOS was niets mis. Tumult in de commissie, want de wethouder stelde voor juist over deze omroep een positief advies te geven en de collegepartijen hadden in de vergadering al aangegeven dit voorstel te volgen. De PvdA stelde toen voor de omroepen alsnog twee maanden de tijd te geven om te gaan fuseren. Dat het een onhaalbaar idee was, is achteraf gebleken: de fusiegesprekken liepen op niets uit.
Dus stond (ruim drie maanden later!) het punt opnieuw op de agenda. Met één verschil: de BRTS had zijn PBO-lijst helemaal veranderd. Ik concludeer daaruit dat mijn kritiek op 10 december in ieder geval terecht was. En volgens de regels moet de raad de nieuwe lijst van de BRTS beoordelen, die een stuk verbeterd is ten opzichte van 10 december.
Daar had ik een nogal wrang gevoel bij. Immers, de extra tijd was bedoeld om tot een fusie te komen, niet om één van de twee clubs de gelegenheid te geven zijn PBO te wijzigen. Daarnaast was vanaf het begin duidelijk dat een fusie zou mislukken omdat de twee organisaties elkaar niet kunnen luchten of zien. Daarnaast, als de PBO van de andere club, de BOS, niet had gedeugd, zou niemand immers aangedrongen hebben op een fusie.
Daarnaast was er nog een tweede punt: de wethouder vond dat met de nieuwe lijst het PBO van de BRTS beter was dan dat van de BOS. Ook daar had ik wat vraagtekens bij. Wat mij betreft zijn ze op zijn minst gelijkwaardig. Daarnaast ben ik van mening dat de BRTS zo slordig is geweest (je zou de lijst van 10 december zelfs frauduleus kunnen noemen, omdat ‘ie echt voor geen meter deugde en er onjuiste informatie opstond), dat ze eigenlijk geen tweede kans verdienen. En wellicht zouden we als raad zelfs helemaal geen uitspraak meer moeten uitbrengen, omdat we op 10 december gewoon meteen een positief advies over de BOS hadden moeten uitbrengen (dit vond althans het Commissariaat voor de Media in een brief die ze de raad gestuurd heeft).
Het punt nam bijna twee-en-een-half uur in beslag en een duidelijke uitkomst was er niet. Hoe het in de raadsvergadering van volgende week gaat aflopen is dus nog onduidelijk. CDA, VVD en de eenmansfractie Ben Joosse (samen 19 zetels) blijven onverkort vasthouden aan de BRTS. GroenLinks, Leefbaar Breda, SP en D’66 (samen 10 zetels) zijn voor de BOS. PvdA en Breda ’97 (samen 9 zetels) twijfelen heel erg. Zij zullen wellicht helemaal geen advies willen uitbrengen, of misschien zelfs ook voor de BOS kiezen. In dat laatste geval staken de stemmen, 19 tegen 19, en hangt de situatie af van eventuele afwezigen tijdens de vergadering. Het wordt dus nog een spannende week voor beide omroepen.
Rekeningcommissie – wo 17 mrt. 2004
Een paar keer per jaar komt de rekeingcommissie bijeen. En aangezien wij, sinds het vertrek van Ben, een fractie hebben waar nu niet bepaald de wereldkampioenen hoofdrekenen en boekhouden in zitten, is de nobele taak van het screenen van reserves mij toebedeeld.
Hoe vaak ik het toch niet vreselijk omvangrijke stuk ook gelezen had, ik werd er niet meteen veel wijzer van. Dus ik schrok ook een beetje toen collega-commissieleden de ambtenaren tijdens de vergadering complimenteerden met de leesbaarheid van het stuk. Bang om domme vragen te stellen (ja, ze bestaan echt!), had ik maar besloten niet al te veel te zeggen en eerst ‘ns te luisteren wat de rest te melden en te vragen had.
Toen bleek dat een aantal vragen van andere commissieleden ook vragen waren, die mij niet helemaal duidelijk waren, slaakte ik een zucht van verlichting: gelukkig, ik ben niet vreselijk dom. Ook niet als het om boekhouden gaat. Dus als de rekeningcommissie over een paar maanden weer bijelkaar komt, dan heb ik niets te vrezen.
OLV-lyceum – di 16 mrt. 2004
Mijn oude decaan hing enkele dagen geleden aan de telefoon. Of ik ‘ns wilde langskomen op mijn oude middelbare school. Ik was iets te laat voor mijn afspraak en wilde uit routine al een te-laat-briefje bij de conciërge gaan halen, maar dat hoeft natuurlijk niet meer.
De decaan, Gerard Noordemeer, wilde mij vragen een bijdrage te leveren aan de OLV-weken. Dat zijn speciale weken waarin allerlei excursies en workshops worden gehouden in plaats van het reguliere lesprogramma. Eén van de onderdelen is een debatmiddag en de vraag aan mij was of ik die zou willen leiden.
Uiteraard heb ik alles over voor mijn oude school en daarnaast lijkt het me echt hartstikke leuk. Dus ik heb meteen ja gezegd. Tijdens het afgaan van de zoemer namen we afscheid. Gerard moest de les in, en ik ook, naar mijn eigen studenten in Tilburg. Enigszins onwennig liep ik, met een attachékoffer in mijn rechterhand geklemd, tussen het scholierenvolk, dat bewapend met rugzakken of schooltassen krioelde door de gangen van het ruim 80 jaar oude gebouw. Jeugdsentiment? Nah, daar ben ik nog veel te jong voor!
De wijken in – ma 15 mrt. 2004
Het zal misschien wel aan mij gelegen hebben, maar de fractievergadering schoot maar niet op. Eerder had ik al een vergadering met PvdA, SP en JS achter de rug, want net als vorig jaar willen onze clubs weer samen de 1 Mei-viering (Dag van de Arbeid, je weet wel) organiseren. De daaropvolgende fractievergadering wilde echter maar niet opschieten en ik geloof dat ik ‘m grotendeels met mijn hoofd schuddend tegen de vergadertafel heb doorgebracht. Soms voel je de energie uit je lijf geluld worden. Gisteren was dus zo’n dag.
Toch hebben we aan het einde nog iets zinvols besloten. Onze fractie gaat een oud plan opnieuw ten uitvoer brengen: we gaan de wijken in (goh, al weer?). Geen uitstapjes met de hele raad, waarbij gelikte power-pointpresentaties worden afgewisseld met toespraken van de plaatselijke buurt-bobo, nee, gewoon in een buurthuis zitten en praten met de mensen die daar hun koffie of pilsje drinken, al dan niet in combinatie met een (illegale) sigaret (leve het rookbeleid!). Het plan moet nog even uitgewerkt worden, maar we gaan voortaan één keer per maand minder vergaderen en daarvoor in de plaats als fractie de wijken in. We hebben er zelfs al een naam voor: ‘GroenLinks komt Buurten’. Oké, volgens mij hebben we die naam gejat van GroenLinks Utrecht, maar beter goed gejat dan slecht bedacht, denk ik dan.
Allochtoon – za 13 mrt. 2004
De PON, één of ander provinciaal onderzoeksinstituut, is een jaar of wat geleden begonnen met een onderzoek naar allochtone raadsleden. En verhip, ze kwamen ook bij mij uit. Want volgens de CBS-statistieken ben ik een allochtoon. Geboren en getogen in Breda weliswaar en Nederlands is ‘gewoon’ mijn eerste taal (heus!), maar ik heb nu eenmaal een Turkse vader en of je het nu wilt of niet, dan ben je allochtoon. Ik mocht dus allemaal vragen beantwoorden en ook mijn fractievoorzitter werd naar zijn mening gevraagd over mijn functioneren als ‘allochtoon’ in de raad.
Enkele weken geleden viel ineens de uitnodiging in de bus om aanwezig te zijn op een afsluitingsbijeenkomst van het onderzoek. En dus ging ik op mijn vrije zaterdagmiddag naar het PON in Tilburg om daar te praten over het allochtoon zijn in de raad. Slechts vijf (!) andere allochtonen uit het Brabantse hadden diezelfde moeite genomen.
Er werd lang gepraat over barrières voor allochtonen om in de politiek te gaan, over de problemen die je als allochtoon tegenkomt en hoe we de vertegenwoordiging van allochtonen op peil kunnen brengen (want eerlijk is eerlijk, ‘we’ zijn een beetje ondervertegenwoordigd). Maar eerlijk is eerlijk: al die problemen die werden genoemd, herken ik helemaal niet. Volgens mij word ik niet aangekeken als allochtoon en volgens mij is er geen barrière. De taal misschien, voor sommige anderen, maar ja, die zul je toch echt moeten beheersen wil je volksvertegenwoordiger worden.
Mijn eigen conclusie: het komt van zelf goed. Je moet gewoon meer jongeren werven (over ondervertegenwoordiging gesproken). Want de eerste generatie buitenlanders krijg je nu echt de politiek niet meer in. En jongeren willen de politiek niet meer in, omdat het saai lijkt (en soms ook inderdaad vreselijk saai is). En als je nieuwe, jonge mensen weet te werven, weet ik zeker dat de verdeling tussen allochtonen en autochtonen veel evenwichtiger is. En als je meer jonge mensen werft, dan zal daarvan ook zo’n beetje de helft vrouw zijn. Want die komen we in de politiek ook nogal wat te kort.
Kortom, van de oudjes (sorry, ik bedoel het niet oneerbiedig) hoef je op dit vlak niet te veel te verwachten. Maar als het lukt de jongeren weer wat meer bij de politiek te betrekken, dan zie ik een vreselijk evenredig vertegenwoordigde raadzaal voor me. Tsja, hoe zal ik dat ‘ns formuleren… I had a dream, of zoiets.