Burgemeester – do 30 sept. 2004

Dat PvdA-er Peter van de Velde het bij de burgemeestersbenoeming in de raad van 28 juni gewonnen heeft van de kandidaten Van Beek (VVD) en Kaiser (CDA) dankzij strategisch stemgedrag van de PvdA en de gezamenlijke oppositie minus Lefbaar, is natuurlijk strikt geheim, net als het feit dat de hele CDA-fractie tijdens die vergadering tegen hem gestemd heeft. Het is allemaal geheime informatie uit een besloten raadsvergadering, waarover een ieder die daarbij geweest is voor 75 jaar lang zijn of haar mond dient te houden. Dat ondanks het feit dat een slimme journalist van BN/DeStem al die informatie daags erna al in de krant publiceerde. Ik kan bovenstaande informatie dan ook noch bevestigen, noch ontkennen (zie ook weblog ma 28 juni 2004).

Vandaag werd Peter van de Velde officiëel geïnstalleerd. Zo’n installatie is een plechtige, maar voor de rest louter ceremoniële aangelegenheid, waarbij ik voor de verandering maar eens een driedelig pak had aangetrokken inclusief stropdas, waarvan het omknopen altijd minstens twintig minuten kost vanwege de statige, maar vooral moeilijke dubbele Windsor-knoop die ik in mijn ontembare enthousiaste in dat ding probeer te frunniken.

Bij de installatie van een nieuwe burgemeester is het de bedoeling dat wij, simpele raadsleden, vooral onze mond sluiten terwijl andere, belangrijke mensen gewichtige toespraken houden. Het spits werd daarbij afgebeten door wethouder en loco-burgemeester Janus Oomen (loco in deze context, betekent overigens niet ‘krankzinnig’, maar plaatsvervangend). Zijn speech was een niemendalletje over wat voor mooie stad Breda wel niet is (mee eens, maar moeten we dat telkens weer benadrukken) en dat iedereen zo blij is dat de uiteindelijke keuze op Peter van de Velde gevallen is (de tegenstemmers noemde hij gemakshalve dus maar niet).

Veel interessanter was de toespraak van plaatsvervangend raadsvoorzitter (doorgaans is dat namelijk de burgemeester) Joep Taks. Joep is niet alleen nestor van de raad (boze tongen beweren dat hij al raadslid was toen Johanna van Polanen trouwde met Engelbrecht I van Nassau), hij is ook een begenadigd debater en bovenal een persoon die af en toe iets zinnigs te melden heeft. In kort tijdsbestek tekende hij het Bredase politieke landschap, de verhoudingen in de raad en de rol die een burgemeester (zelfs wanneer die niet van VVD-huize is) daar volgens hem in zou moeten spelen.

Het meest opzienbarende was echter de maiden-speech van Van de Velde zelf. Toegegeven: het was een taaie toespraak, zonder humor. Maar zijn toespraak was geen aaneenrijging van open deuren, cliché’s en andere loze opmerkingen die het mooi doen in de bloemlezing ‘one-liners uit de Bredase politiek, deel 17’. Soms helder, dan weer omzichtig, zette hij uiteen hoe hij dacht dat er in Breda geopereerd moest worden, stapte af en toe over de grenzen van zijn bevoegdheden als burgemeester heen, herpakte zich door zijn eigen rol weer te relativeren en deelde een kleine speldenprik uit naar de huidige bewindvoerders in het Haagse. De half uur durende uiteenzetting was prima te pruimen.

Daarna volgde voor de kersverse burgemeester het plichtmatige handjeschudden met de hotemetoten in de trouwzaak en nog later het handjeschudden met de Bredase burgers in de Grote Kerk, die massaal waren afgekomen om hun nieuwe burgervader te ontmoeten, dan wel om zich te laven aan de gratis consumpties. Opperhotemetoten Wim van Fessem en Tjesk Westerterp (vast niet met de auto, want aan het bier) waren ook aanwezig. Ik had een beetje medelijden met Van de Velde en echtgenote. Ruim drie uur lang heeft hij handjes moeten schudden. Het is een zwaar beroep.

Stemming – wo 29 sept. 2004

Ik heb er de laatste tijd wel vaker last van. Eén schijnbaar onschuldige nies en ik ben mijn stem kwijt. Niet meteen: ik kan altijd nog ongeveer vijf zinnen uitspreken voordat mijn stem definitief besluit van klankkleur te veranderen tot iets dat het meest overeenkomstig heeft met schuurpapier. Deze woensdagmorgen, een half uurtje voor aanvang van de wekelijkse werkvergadering van onze fractie, was het weer zover.

Nu hadden we maandag al aangekondigd het vragenuur van de raadsvergadering op woensdagavond te gebruiken om de kwestie rond de ID-banen aan de orde te stellen (zie web-log vr 17 sept. 2004). We hadden nog niet besloten of Piet Hein of ik het onderwerp zou behandelen, maar aangezien mijn stem het niet meer deed (of, zoals Piet Hein het omschreef: “Selçuk is de gave van het woord kwijt”), leek het ons de meest verstandige beslissing om Piet Hein dit maar af te laten handelen. “Tenzij je je stem op miraculeuze weer terugkrijgt”, voegde hij eraan toe.

Nu heeft mijn stem de eigenaardige eigenschap om soms net zo spontaan weer terug te keren als dat zij was verdwenen. En zo ook deze keer. Op de racefiets terug naar huis, trilde hij door het gebrek aan vering onder mijn zadel als het ware weer goed. Dit, later op de avond, in de rookruimte van het Stadhuis vlak voor aanvang van de raadsvergadering, tot grote verbazing van Piet Hein, die niets anders kon doen dan het hele dossier weer terug aan mij te geven.

Waar het dus om ging: het ontslag van 33 ID-banen (de vroegere Melkertbanen) bij de Bredase welzijnsorganisatie Vertizontaal (wat een naam trouwens). Deze mensen werken onder meer bij scholen, waar ze belangrijk werk doen. Maar dankzij dit asociale kabinet wordt de geldkraan voor deze banen dichtgedraaid. Vertizontaal zegt dat ze daardoor de ID-ers niet langer in dienst kan houden en dus, dat ze, jammer maar helaas, niets anders kunnen doen dan deze groep collectief te ontslaan.

Niet alleen GroenLinks was hier nogal boos over, ook wethouder Marja Heerkens had al laten weten aan Vertizontaal hier absoluut geen genoegen mee te nemen. In het vragenuur vroeg ik haar om de exacte financiële cijfers van de in Breda werkzame ID-ers (allemaal, niet alleen die bij Vertizontaal), de functies die zij vervullen en hoeveel er door het kabinet het afgelopen jaar op is bezuinigd. Ik ben namelijk van mening dat als wij vinden dat die ID-ers allemaal belangrijk werk doen in de stad (en dat doen ze in veel gevallen absoluut), we die mensen maar op een andere manier moeten betalen om dat werk te kunnen blijven doen. Dat wil de wethouder volgens mij ook wel, al zegt ze dat niet hardop in de raadsvergadering om CDA en VVD niet tegen de haren in te strijken. Ze heeft in ieder geval toegezegd al die gegevens zo snel mogelijk op tafel te leggen. En dat is alles wat ik wilde horen.

Hersenspinnen – di 28 sept. 2004

Het los-vaste avondje drinken in de kroeg met vrienden ging niet door. Gert-Jan was moe, Joris had geen zin en ik had vergadering met fractie en bestuur. Althans, het was eigenlijk een ‘brainstormsessie’. Wat zijn goede thema’s om met burgers over te praten?

Na anderhalf uur vergaderen was het lijstje niet bijster origineel. Dus gaan we politieke café’s organiseren rondom thema’s als ‘multi-culturele samenleving’, ‘kunst en cultuur in Breda’, ‘mobiliteit’ en ‘de toekomst van de stad’. Veel van het succes van zo’n politiek café hangt uiteindelijk af van de invulling en de genodigde sprekers. Ofwel: binnenkort, in dit theater…

Hilversum 4 – ma 27 sept. 2004

Ik ben altijd al verliefd geweest op radio. Mijn eerste wekkerradio was van het obscure merk Asahi, maar desondanks prima geschikt om zaterdag naar Rabarbara (NCRV) en zondag naar de Ko de Boswachtershow (AVRO) en later Heksennest (KRO) te luisteren. Inmiddels ben ik de gelukkige eigenaar van vijf werkende radio’s, waarvan vier antieke buizenmodellen (één met korte golf), een draagbare wereldontvanger en een op de kabel aangesloten receiver. Het niet-werkende radiomeubel-met-buizen dat verbannen is naar de zolder reken ik voor het gemak niet mee. Het zal duidelijk zijn dat ik derhalve geen voorstander ben van digitale radio.

Als kind heb ik menigmaal mogen rondhuppelen in het oude KRO-gebouw aan de Emmastraat 52 in Hilversum (uitstappen op Hilversum Sportpark). Dit gebouw bood onderdak aan de vele radiostudio’s van de Katholieke. Centraal in elke studio stonden steevast twee zware platenspelers en drie of vier grote bandrecorders, waarop gemonteerd werd en uitzendingen werden opgenomen. De CD-spelers hadden nog een niet-prominente plaats bovenop het hierop niet berekende meubel.

Ik was onderweg naar Hilversum. Ik had een afspraak voor een stage-plaats bij NPS Radio 4. De omroepen huizen al lang niet meer in statige panden verspreid over de stad Hilversum. Tegenwoordig zit alles wat met omroepland te maken heeft samengepakt op het Mediapark in soms onooglijke kantoorpanden van befaamde architecten. Er is structureel te weinig parkeerruimte en sinds de moord op Pim Fortuyn is het mediapark een bijna onneembaar Bastion geworden. Het journaille zit veilig weggestopt in een afgehekt stukje Hilversum, ver van het ‘gewone’ volk. De bandrecorders hebben al jaren geleden plaatsgemaakt voor digitale opnamesystemen als Dalet en Pro-Tools.

Ik ben de laatste die wil beweren dat ‘vroeger alles beter was’. Maar de walging van het Mediapark is een breed gedeeld gevoelen. Het is waarschijnlijk de fysieke uiting van de toenemende macht van omroepbureaucraten en de heerschappij van formats.

Gelukkig heeft ook het Net3-gebouw van VPRO, VARA, NPS en RVU naast grote, fel verlichte kantoortuinen ook stille, achterafgelegen hoekjes. Daar zitten ze verstopt: de grofgebekte radio-makers met hart voor het medium. Misschien is het maar verbeelding, maar volgens mij beramen ze daar stilletjes een coup. Een fluwelen revolutie in radioland met het symbolisch verbranden van formats als ultieme verzetsdaad. De herwaardering van de gezonde anarchie in radioland. En ‘Het Gebouw’ van de VPRO weer terug op de zender.

All in the Family – zo 26 sept. 2004

Eén keer per jaar is er geen ontsnapping mogelijk. Dan komt de hele familie bijeen voor de familiedag, een relatief jong begrip in onze familie. Het was dit jaar de derde editie. En aangezien we elkaar allemaal niet vreselijk veel te melden hebben, wordt zo’n dag volgepland met dingetjes om te doen.

Mijn moeder komt uit een nest van negen. Het overgrote merendeel daarvan heeft Terheijden nooit verlaten en komt elkaar dus regelmatig tegen in De Zevende Hemel. Zo’n familiedag begint dan ook altijd met een verslag van de avond ervoor, bij voorkeur met de daarbij behorende aantallen biertjes die zijn genuttigd. Lijdzaam hoor ik deze verhalen aan.

Voor de 2004-editie van de familiedag was een bus gehuurd die de Van Teteringetjes van plek naar plek zou vervoeren. Hoogtepunten van dit jaar: schieten bij Café Oud Strijbeek, een bezoek aan het Wuustwezelse cowboy-dorp El Paso en tot slot schransen in Hoeve Galderzicht, waar ook nog een keur aan oud-Brabantse spelletjes stond uitgestald (zelfs oma van 84 waagde een poging bij het kopspijkerspel). Ik was zowel de zaterdageditie van NRC als mijn boek vergeten mee te nemen.

Onze familie heeft weinig overeenkomstig. Op één onderdeel na: als het om alcohol gaat spugen we er niet in. De enige manier waarop zo’n familiedag is te overleven, is dan ook met het drinken van in de begroting van de familiedag niet te verdoezelen hoeveelheden bier. Het is voor mij de manier om niet te verveeld te geraken en voor de rest van de familie waarschijnlijk de enige manier om mijn cynische opmerkingen te dulden. Zo tegen het einde van de dag, als het echt gezellig dreigt te worden, wordt de familiedag beëindigd. Drank redt meer families dan je lief is.

Feestje – za 25 sept. 2004

Toen ik om kwart voor elf voor de eerste keer wakker werd, besloot ik die dag maar als verloren te beschouwen. Ik draaide me voorzichtig om in mijn slaapzak en haalde mijn arm open aan de iets te scherpe rits.

De vorige avond was ik bij Jaap gaan eten. In eerste instantie zou hij mee gaan naar het feest in Utrecht, maar daar was hij op terug gekomen. Het was voor hem een intensieve week geweest. Dus toog ik alleen verder naar Utrecht.

Cbi vierde zijn verjaardag (samen met een mij verder onbekende Monique, een leuke meid met een hele vette hanekam) in de mega-keuken van het studentenhuis. Drank in overvloed aanwezig in de smaken bier, wijn, vodka en het sinds de opheffing van het verbod erg populaire Absinth.

Hoewel Cbi vanwege zijn kuur de hele avond verplicht nuchter bleef, verliep de rest van het feestje volgens vast stramien en na verloop van tijd was het gros van de bezoekers dan ook onder invloed van drank of anderszins. Op een gegeven moment was zelfs het broertje van de gastheer kwijt (na achteraf bleek als gevolg van een pilletje of twee; heeft zes uur lang verdwaald door Kanaleneiland gelopen en is daarbij ook nog eens door zijn enkel gegaan). Al met al leverde het feest genoeg leuke tafereeltjes op, waaronder bovenstaande foto. Rond een uur of vijf gaan slapen. Het feest ging daarna nog drie uur door, waarna Cbi de dweil ter hand nam om nog tot elf uur ’s ochtends de vloer te schrobben (bikkel!).

Goed, ik werd dus nog een aantal keren tevergeefs wakker, maar om twee uur besloot ik definitief mijn slaapzak te verruilen voor een douchecabine. Een klein uurtje later reden Cbi en ik op de snelweg, op zoek naar een pompstation met kaasbroodjes en koffie. Cbi moest die avond optreden met zijn band Conquestador en deze band verzameld altijd in Tilburg. Ik reed door naar Breda. Net op tijd voor Star Trek Voyager.

Winterklaar – vr 24 sept. 2004

Het kwik daalt en half Nederland begint zich al weer af te vragen of er dit jaar misschien een elf stedentocht komt. Ik geef voorlopig echter nog niet toe en blijf stug in veel te dunne t-shirts rondlopen. Ik houd namelijk niet zo van de winter en nog minder van de herfst. Liever heb ik hete, eindeloze zomers. Het moge duidelijk zijn: ik ben zit jaar niet echt aan mijn trekken gekomen.

Zolang mijn adem binnenshuis nog geen zichtbare vormen aanneemt hoeft de kachel nog niet aan. Eenmaal aan gaat ‘ie namelijk ook niet meer uit. Hetzelfde geld voor dikke kleding. Eenmaal gewend aan een dikke trui blijf je daar maanden in rondlopen. En zolang je in een dikke trui rondloopt, heb je ook niet in de gaten dat het buiten stiekem al weer wat warmer aan het worden is. Er gaan zelfs winters voorbij waarin mijn winterjas niet uit de kast komt. Ik weet niet eens of het gevoerde spijkerjack (wat volgens kenners eigenlijk niet eens een winterjas is) nog past.

Maar zelfs al houd ik het nog lang vol in t-shirts rond te lopen zonder ronkende cv, zelfs al wordt het midden-oktober nog even zonnig, zelfs al lukt het me ook dit jaar om mijn winterdip zonder noemenswaardige tegenslag door te komen, er is één ding waar ik nu al weer moeite mee begin te krijgen: wakker worden.

Werd vandaag opgebeld door B&W om te praten over de toetreding van Turkije in de E.U. Ben echter toch maar niet uitgenodigd. Er waren kennelijk leukere mensen te vinden. Komt enerzijds wel goed uit. Heb vanavond namelijk ook een afspraak in Delft en een feestje in Utrecht. Kosmopolitisch, hè?

Dubbele agenda – do 23 sept. 2003

Sinds enkele dagen ben ik mijn agenda kwijt. De laatste keer dat me dat overkwam was, geloof ik, in 1999. Nu dus weer en ik ben bang dat ik ‘m niet meer terug ga vinden. Gelukkig had ik nog heel wat afspraken die ik me kon herinneren, en die heb ik maar snel op een A4-tje geschreven. Wat ik me echter niet meer zo goed wist te herinneren, was dat ik me had opgegeven voor een rondleiding met collega-raadsleden ambtenaren langs enkele grote projecten. Een soort excursie, zeg maar.

Iets over enen ging de telefoon. Of ze nog lang moesten wachten en of ik überhaupt nog van plan was te komen. De excursie begon helemaal niet aan het eind van de middag, zoals ik dacht. Ik heb maar gezegd dat ze zonder mij moesten vertrekken. Want om ze nu nog een kwartier te laten wachten in de kou…

Slechte opkomst – wo 22 sept. 2004

Het was erg rustig vanavond bij de rekeningcommissie. Van de tien fracties in Breda waren er slechts vier aanwezig. Waarvan geen enkele van de coalitie, met uitzondering van technisch-voorzitter-met-stemrecht Henk Snier (PvdA). CDA en VVD, de partijen die zich doorgaans toch erg bekommeren om financiën, blonken door afwezigheid. De oppositie was zwaar in de merderheid: naast ondergetekende van GroenLinks waren daar Cees Schoenmakers van Breda ’97 en Boy Boer van Leefbaar.

Was de bestuursrapportage dan zo onbelangrijk? Verre van dat. Sterker nog, het is de eerste keer dat de raadsleden in Breda de kans hadden om het financiële beleid van de wethouders tussentijds te toetsen. Vroeger deden we dat altijd alleen maar achteraf, sinds kort doen we dat twee keer per jaar ook tussentijds.

Waarom we dat doen? Zodat we niet pas achteraf geconfronteerd worden met eventuele tekorten en voor een voldongen feit komen te staan, maar meteen kunnen bijsturen. Maar ook zodat we eventuele bezuinigingen die het college tussentijds heeft doorgevoerd, kunnen controleren. Immers, het zou best kunnen dat de raad liever op andere dingen zou bezuinigen om te zorgen dat aan het eind van het jaar de gemeente niet in de rode cijfers terecht komt.

Daarnaast was het nog eens extra belangrijk omdat dit de allereerste tussentijdse rapportage was. We moesten dus ook nog eens bepalen of wij blij waren met de informatie die in het rapport stond.

Nee dus. Want wat ons betreft stonden er overbodige dingen in, terwijl wij andere belangrijke cijfers weer misten. Nu is dat de wethouder van financiën niet kwalijk te nemen, want voor hem was het ook de eerste bestuursrapportage ooit en dus wist hij ook niet zo goed wat hij moest opschrijven. En daar zijn we nu dus uit. Want doordat er zo weinig mensen waren, konden we de materie uitgebreid bediscussiëren.

Wat dat betreft mag de coalitie wel wat vaker wegblijven: kennelijk komt het de besluitvorming ten goede. En dan mag best iedereen weten dat we ook nog eens tot twee maal toe vertrouwen hebben uitgesproken in wethouder Janus Oomen (CDA). Maar, en dat zeg ik er expliciet bij, toen ging het niet over al het beleid van dit college.

Prinsjesdag – di 21 sept. 2004

Ik heb niet zo veel moeite met de koningin, maar eigenlijk ben ik republikein. Zolang de koningin slechts een ceremoniële functie heeft, soit. Dat de koningin slechts een ceremoniële functie heeft, blijkt wel uit het feit dat ze gisteren de troonrede gewoon heeft voorgelezen. Van de koningin is bekend dat ze best progressief is en waarschijnlijk heeft ze het conservatieve beleid van JP en Kornuiten dan ook tandenknarsend voorgelezen. Althans, ze struikelde af en toe over de zinnen en dat kan bij een vrouw met zoveel ervaring alleen maar komen door knarsende tanden.

Ik geef er allemaal niet zo veel om, het gaat mij immers om de inhoud, maar als we Prinsjesdag op deze manier in stand willen houden, pleit ik voor de Engelse ceremonie. Ook daar houd de koningin aan het begin van het parlementaire seizoen, ergens in oktober of november, een rede in het bijzijn van leden van het Lagerhuis (Tweede Kamer) en de Senaat. En ook daar komt de koningin met een prachtige stoet (veel mooier dan in Nederland) aan bij the Lords, de Britse Eerste Kamer.

De Koningin mag in Engeland nooit het Lagerhuis binnen. Dus op het moment dat de koningin de House of Lords betreedt, worden de parlementariërs uitgenodigd door een dienaar van de koningin, om in the House of Lords naar de toespraak van de koningin te luisteren. Op het moment dat de dienaar bij het Lagerhuis aankomt, wordt demonstratief de deur voor z’n neus dichtgesmeten (serieus!) om aan te tonen dat het Parlement onafhankelijk is. De dienaar klopt dan drie keer met zijn staf tegen de deur, een bode vraagt aan de leden van het Hogerhuis of deze asjeblieft mag binnenkomen en de leden van het Hogerhuis accepteren ten slotte de uitnodiging met tegenzin. Ze lopen daarna treuzelend en verveeld naar het Lagerhuis.

Deze hele ceremonie geeft aan dat The Commons (de Tweede Kamerleden) geen verantwoording verschuldigd zijn aan de koningin en gewoon doen waar ze zelf zin in hebben. Een stuk leuker en symbolischer dan de brave vertoning hier in Nederland. Wie zou het hier in z’n hoofd halen om de deur dicht te smijten als de koningin langs komt.