Tussen kalkoen en klapper – 25 t/m 31 dec. 2005

Tsja, het log heeft een beetje stil gestaan in de donkere dagen tussen kerstkalkoen en nieuwjaarsklapper. Het zijn ook altijd van die rare dagen, waarvan ik weer blij ben dat ze voorbij zijn. Voor wie het wil weten: mijn goede voornemen is net als elk jaar gewoon stug door te blijven roken. Andere goede voornemens neem ik nooit met de jaarwisseling, aangezien door de drank van de jaarwisseling het risico aanwezig is deze toch weer te vergeten.

Ik ben met kerst nog nooit zo vaak in de kerk geweest als de afgelopen keer. Dat had vooral te maken met de situatie rond de Heilig hartkerk (zie logs wo 21 dec 2005, do 22 dec. 2005-1, do 22 dec. 2005-2, vr 23 dec. 2005 en za 24 dec. 2005), maar ook met een optreden dat we met het koor Tegen de Wind Mee hadden gepland op eerste kerstdag in de Pelgrimskerk. Daar wordt jaarlijks een Kerstherberg gehouden voor dak- en thuislozen en mensen die om wat voor reden dan ook anders alleen thuis zouden zitten. Het voelde goed daar op kerstochtend te zijn. In de Pelgrimskerk wordt met kerst invulling gegeven aan de kerstgedachte en het begrip barmhartigheid. Iets wat nog maar weinig lijkt te gebeuren tussen alle kerstballen en slingers.

De rest van de kerst was redelijk standaard: ’s middags op visite bij mijn oma en ’s avonds eten bij mijn moeder. Aangezien grote broer dienst had bij het Algemeen Dagblad, moest zij het zonder haar andere zoon doen. Ter compensatie, maart ook uit gemakzucht, ging ik maar beide dagen naar haar toe. Tweede kerstdag eindigde overigens in Dok 19.

Verder vormen de dagen tussen kerst en oud-en-nieuw de ideale gelegenheid om eens wat afspraken te maken met dezen of genen. Zo kon de al lang geplande belofte om eens met partijvoorzitter Herman Meijer te eten bij Z&M aan de Veerhaven in Rotterdam worden ingelost. Ter genoegdoening voor hun afwezigheid met kerst kwamen broer en schoonzus donderdag bij moeder eten, met de vraag of ik, om het familiegebeuren te completeren, ook aanwezig wilde zijn. Vrijdag deed ik een speciale gastcolumn bij de laatste uitzending van 2005 van het Omroep Brabant-programma Een Robbertje Bartol, om daarna wat te eten met oud-collega Eefke Boelhouwers en haar vriend Hugo.

Eigenlijk zou ik die column donderdag voorgelezen hebben vanuit de studio in Breda, maar door een probleem met mijn nog altijd geldige toegangspasje kon ik de studio niet binnen. Vandaar dat de column verplaatst werd naar vrijdag. Ik had maar meteen toegezegd ‘m dan maar live voor te dragen vanuit de studio in Eindhoven, waar het programma dagelijks vandaan komt. De voorspelde sneeuw- en hagelstorm viel erg mee en het was op de wegen dan ook amper gladder dan normaal, ook op de terugweg, zo rond één uur ’s nachts. In Nederland is het altijd zo dat voorspelde moeilijkheden vrijwel altijd uitblijven en zich voordoen op het moment dat niemand wat in de gaten had.

Over de uitgestorven snelweg reed ik met zo’n 100 kilometer per uur onder de achterhaalde adviesborden met het getal 50 door. Het was inmiddels de laatste dag van het jaar en een prachtige winterdag. Soms kan een mens ineens intens gelukkig worden.

Heilig Hart (5) – za 24 dec. 2005


foto: Johan van Gurp-BN/DeStem

Gelukkig was mijn afspraak met één van de kerkbewoners pas om twee uur ’s middags. Toen Jaap me wakker maakte met een ontbijt (op bed, jawel!) voelde ik me dermate beroerd dat ik niet veel meer op heb dan thee en grapefruitsap. Waarbij aangetekend moet worden dat het grapefruitsap niet zo geweldig viel.

Eén van de bewoners van de kerk had een computer met Internetaansluiting nodig. Ik had aangeboden dat de faciliteiten van de GroenLinks-fractie tot hun beschikking stonden. Behalve enkele telefoontjes werd een mailtje van de bewoners rondgestuurd aan zoveel mogelijk mensen. Het bericht spreekt voor zich en ik druk het hieronder dan ook af. Stuur het, op verzoek van de bewoners van de Heilig Hartkerk, door naar iedereen die er belangstelling voor zou kunnen hebben.

Beste Mensen,

Afgelopen woensdag heeft ons `dorp`de Heilig Hart Kerk in Breda op zijn grondvesten geschud. Een overmacht aan politie, brandweer en medewerkers van sloopbedrijf Stolwerk kwamen binnen zonder kloppen om ons huis onaangekondigd en op wel zeer ongebruikelijke wijze brandveilig te maken. (Lees SLOPEN). Dit tot grote verontwaardiging van (buurt)bewoners, kerkbezoekers, en de meerderheid van de gemeentelijke raadsleden. Voor de leken: Ons huis is sinds 1986 gekraakt ter voorkoming van afbraak van de kerk. Afgelopen jaar heeft zij de monumentenstatus verkregen. In de voorbije jaren is de `kraakkerk` een heus begrip geworden in de gemeente, en is zij tot een toevluchtsoord gemaakt voor en door (levens-) kunstenaars, wereldbereizigers, nieuwsgierigen en Gelovigen. Door de jaren heen is er door de goede samenwerking en wederzijdse openhartigheid een unieke vertrouwensband ontstaan tussen gemeente, politie, brandweer en `krakers`…….dachten wij.

Afgelopen woensdag werden we dus om half negen wakker gemaakt door oom agent met het bevel de Kerk te verlaten. De aanwezigen onder ons kregen welgeteld 30 minuten om dierbare bezittingen naar een veilig onderkomen te brengen. De tijd om weggekropen huisdieren te zoeken in de ontstane chaos was zelfs teveel gevraagd! Vervolgens is een sloopbedrijf de gehele dag bezig geweest om onze huisjes te slopen, het gebouw ernstig te beschadigen en persoonlijke eigendommen met kunstwerken te vernielen om daarna alles, maar dan ook alles, in de container te storten, behalve de al gereed staande vuilnis. Het elektriciteitscircuit gesaboteerd, gasleidingen onklaar gemaakt, en ter bevordering van de brandveiligheid de gehele waterleiding en blusinstallaties moedwillig(!) onherstelbaar gesloopt. Een twintigtal politieagenten hebben ondertussen de wacht gehouden om eventuele aanslagen(?) te voorkomen, lege cellen bleven leeg.

Donderdagochtend konden we onze ogen niet geloven, wat de avond ervoor nog mee leek te vallen (behalve het ontbreken van onze bedden), loog er bij daglicht niet om. Wij zijn er van overtuigd dat het huishouden van de gemeente op 1 dag het pand aanzienlijk meer schade heeft toegebracht dan negentien jaar bewoning van de kerk.

Het Spel van College van B&W wordt nu, na hevig verzet van de Gemeenteraad, op dusdanig niveau gespeeld, dat wij, de directe gedupeerden, niet gehoord of gezien willen worden en het College van B&W blijkbaar nog geen verantwoordelijkheid wil / kan of durft te nemen. Een schoolvoorbeeld van Burgervaderlijke Ongehoorzaamheid misschien?

Wij hebben alle aandacht en (juridische) hulp nodig om dit karakterloze optreden van de gemeente aan de kaak te stellen, en zo dmv. een rechtvaardige procedure tevens een andere invulling aan het begrip ‘spoedbestuursdwang’ te kunnen geven!

Wilt u reageren, heeft u suggesties of denkt u ons te kunnen helpen, bel naar 06-28468892 (onze computer heeft de waterschade niet kunnen bolwerken)
Reageren op Mariekeweggen @ hotmail.com is ook mogelijk, maar wij hebben er meer baat bij dat niet wij, maar de Gemeente Breda wordt aangesproken op haar besluitvorming en zich realiseert dat de Heilig Hart Kerk na negentien jaar niet meer weg te denken is uit de Bredase samenleving. E-mailadres Burgemeester vd Velden: burg.pacm.van.der.velden@breda.nl

De Bewoners en sympatisanten van de Heilig Hart Kerk wensen U een vrolijk Kerstfeest en een karaktervol 2006!

Deze tekst mag op welke wijze dan ook verveelvoudigd en openbaar gemaakt worden, graag!

Heilig Hart (4) – vr 23 dec. 2005


foto: Johan van Gurp-BN/DeStem

’s Ochtends een vergadering met de programcommissie, met daartussen vleugjes Heilig Hartkerk. Een hernieuwd bezoek aan de kerk zat er even niet in. Wel telefonisch overlegd met bewoners. En aangezien Jaap deze avond zou blijven eten, wilde ik eigenlijk ook nog enkele boodschappen doen.

Tijdens de vergadering van de programmacommissie ook kort overleg gehad met Johan Kwisthout van de SP over de aanvraag van een spoeddebat. Hij stelde een korte verklaring op die door de diverse partijen ondertekent kon worden. Het debat is inmiddels ook gepland: op 5 januari om 19.30 ten Stadhuize in Breda. Deze vergadering is openbaar toegankelijk. Iedereen die betrokken is bij de zaak nodig ik van harte uit om dan wel op de publieke tribune, dan wel beneden in de trouwzaal via televisie, de vergadering te volgen. De trouwzaal is wellicht de meest rielekste plek om te kijken: daar hoef je niet de hele tijd muisstil te zijn en kun je ook nog eens een keer per ongeluk vloeken.

Om twee uur een optreden met ons koor op de Balfortbrug, waar op deze dag werd herdacht dat precies 62 jaar geleden twintig Bredanaars hun leven verloren door een Engelse vliegtuigbom die per abuis boven deze wijk werd losgelaten. We begonnen met ‘Sagt mir wo die Blumen sind’, wat, zo hoorden we achteraf, niet door iedereen erg toepasselijk werd gevonden. Ook al is het nummer tegen de oorlog en staat het bijna symbool voor de strijd tegen Nazi-Duitsland, kennelijk ligt het gebruik van de Duitse taal bij dit soort gelegenheden voor sommigen nog steeds erg moeilijk.

’s Avonds gegeten en (erg veel) gedronken met Jaap, en later ook zijn vriendin Hedwig die onverwacht langskwam. Ondertussen werd ik nog gebeld door één van de bewoners van de kerk om een afspraak te maken voor zaterdagmiddag en plofte de rapportage over de ontruimingsactie die de gemeente die avond nog had laten bezorgen, op de mat.

Heilig Hart (3) – do 22 dec. 2005


foto: Johan van Gurp-BN/DeStem

Hierbij een afschrift van de schriftelijke vragen die we donderdag aan het college hebben gesteld over de ontruiming van d Heilig Hartkerk.

Geacht college,

Gisteren hebben de fractievoorzitters kennis genomen van de ontruiming van de Heilig Hartkerk. Het betrof geen ontruiming in die zin dat de bewoners uit hun woning werden gezet, maar een bevel de woonruimte tijdelijk te verlaten om Brandweer en Bouw- en Woningtoezicht de gelegenheid te geven de een week eerder gerapporteerde brandonveilige situatie te beëindigen. De burgemeester vermeldde daarbij, ook via een persen Breda Bericht, dat de bewoners de gelegenheid zouden krijgen allereerst hun persoonlijke eigendommen veilig te stellen. Overige persoonlijke bezittingen van de bewoners zouden worden opgeslagen, brandgevaarlijke spullen zouden worden verwijderd. Overigens zou één en ander geen invloed hebben op het opgebouwde woonrecht van de huidige bewoners van de Heilig Hartkerk.

Onze fractie trof ter plaatse helaas een volstrekt ander scenario aan. Ondergetekenden zijn op verschillende momenten van de dag poolshoogte gaan nemen op de Baronielaan. De verhalen en eigen waarnemingen liegen er niet om. De bewoners hebben welgeteld een kwartier de tijd gekregen om persoonlijke eigendommen veilig te stellen en zich uit het pand te verwijderen. De manier waarop dit alles is gegaan, lijkt in te druisen tegen elke fatsoensnorm die in dit land gebruikelijk is. Het is dan ook in de bewoners te prijzen dat zij zich zo beheerst hebben opgesteld.

Gedurende de gehele dag werden in de kerk bouwconstructies, die dienden als slaapkamer of persoonlijke ruimte, hardhandig gesloopt door Stolwerk. Dat hierbij dusdanig tekeer gegaan werd dat ernstige schade is toegebracht aan het Rijksmonument, is in onze ogen ronduit schandelijk. Zo zijn flinke gaten (tot bijna 1 meter) in de muren ontstaan op plaatsen waar de constructies aan de muren waren bevestigd. Gaten en beschadigingen die voorkomen hadden kunnen worden als bedachtzamer was omgegaan met de verwijdering. Ook zijn grote delen van de houten vloer en de betegelde vloer voor het altaar zwaar beschadigd. Beschadigingen die er tot gisteren niet waren, weten wij uit eigen waarneming.

Dat bij het naar beneden halen van de constructies vele eigendommen van de bewoners zijn beschadigd, geplet of voor het gemak tezamen met het puin in de verpletteraar zijn verdwenen, is in onze ogen ook niet uit te leggen. Een laptop, om maar een voorbeeld te geven, werd teruggevonden onder een dikke laag puin en ook nog eens in een plas met water, die was ontstaan door een lekkage, veroorzaakt door onvakkundig verwijderen van een deel van de waterleiding, dit alles onder de verantwoording van Bouw- en Woningtoezicht en dus de gemeente Breda.

Het vervolg had zomaar een verloren gewaand hoofdstuk uit het boek ‘Der Prozess’ van Franz Kafka kunnen zijn. Kunstwerken en eindexamenprojecten van kunststudenten werden vernietigd, dossiers en administraties verdwenen in de vuilcontainer en in het kader van de brandveiligheid verdwenen fietsen, bromfietsen, bankstellen, kunstwerken en andere volstrekt normale huisraad in verpletteraar of container. De ontruimers volgden orders op van hogerhand of volgden nauwgezet de regels omtrent brandveiligheid, die, daar ter plaatse, van elke realiteitszin gespeend leken. Zelfs de biechthokjes, onderdeel van het beschermde interieur van de kerk, werden als brandonveilig beschouwd en afgevoerd. Een volledig stenen haard in een volledig stenen omgeving was vernietigd, zonder dat duidelijk was aan welke regels deze haard niet voldeed.

Toen om half tien het pand uiteindelijk weer werd vrijgegeven, was de frustratie, de ontsteltenis en het verdriet groot. Niets was er over van de voormalige woonsituatie. Gas en electra waren afgesloten en het water, hoewel niet afgekeurd, was eveneens afgesloten vanwege een door de ontruimers veroorzaakt lek welke de halve kerk blank deed staan. Koud, zonder verwarming en zonder water of licht, werd het pand ‘bewoonbaar’ verklaard. Het surrealisme druipt er vanaf: de brandslang is gedurende de ontruiming door één van de ontruimers doorgesneden. Wij zien niet hoe dat de brandveiligheid in het pand bevordert.

Het anderhalve week eerder door de bewoners zelf schoongeveegde voorplein was een puinhoop, vandaag door de kerkbewoners zelf schoongeveegd. Ook de kerk werd aangeveegd, de schade bekeken en de verloren spullen geïnventariseerd. Maar de moraal is niet gebroken. Er klonk een kwartier na het vrijgeven van de kerk al weer muziek, de bewoners zijn vast overtuigd dit monument en de culturele vrijplaats die de afgelopen twintig jaar is ontstaan, te blijven verdedigen.

Het brengt ons in eerste instantie tot de volgende vragen:

1. Waarom, als het rapport van de brandweer al op 16 december is binnengekomen, is er drie werkdagen gewacht met de ontruiming? Waarom zijn de bewoners niet eerder gewaarschuwd zodat zij zelf al maatregelen hadden kunnen treffen ter bevordering van de brandveiligheid of, op zijn minst, het elders onderbrengen van eigendommen, huisraad en kunstwerken?

2. Waarom kregen de bewoners slechts 15 minuten om het pand te verlaten en kregen zij niet de mogelijkheid om bij het afvoeren van spullen aan te geven welke eigendommen opgeslagen dienden te worden? Was het niet reëel geweest hier bijvoorbeeld enkele uren of een gehele dag ruimte voor te geven?

3. Hoe brandbaar zijn biechthokjes, bankstellen en fietsen? Zijn houten voorwerpen als kasten, biechthokjes, bankstellen en fietsen voorwerpen die volgens de huidige regels niet meer in een woonruimte mogen staan? Kan op deze manier elke woning in Breda ontruimd worden?

4. Waarom heeft de gemeente zich niet aan haar toezegging gehouden alle persoonlijke eigendommen op te slaan? Waarom is niet met de bewoners overlegd over de spullen die bewaard moesten blijven?

5. Hoe kan het dat in opdracht van de Burgemeester zoveel schade is toegebracht aan dit rijksmonument? Is de gemeente Breda verantwoordelijk voor die kosten van deze schade? Wie is verantwoordelijk voor de schade of het verlies van vele persoonlijke eigendommen, waaronder ook – in sommige gevallen zelfs getaxeerde – kunstwerken?

6. Waarom is de brandslang aan de linkervoorzijde van de kerk doorgesneden? Waarom zijn enkele brandblussers afgevoerd?

7. Hoe kon het gebeuren dat een verder niet afgekeurde waterleiding toch is vernietigd, zonder dat hier opdracht toe was verleend? Wanneer gaat de gemeente Breda dit herstellen? Is de gemeente Breda verantwoordelijk voor de reparatiekosten?

8. Welke reden hadden de uitzetters om de achterdeur van de Heilig Hartkerk af te sluiten en dicht te timmeren, terwijl deze deur nu juist een extra vluchtweg biedt bij eventuele brand en ook als zodanig dienst deed? Was er opdracht tot het afsluiten van deze deur afgegeven?

9. Waarom heeft de brandweer de kerk nooit eerder gecontroleerd? In het persbericht staat misleidend dat het is ‘de eerste keer dat de brandweer van de bewoners toegang kreeg tot het pand voor een controle’. In werkelijkheid is de afgelopen jaren de hoofdbewoner geen enkele keer verzocht om toegang voor inspectie van het pand.

10. Welke reden was er voor de inzet van massale politie? Op een gegeven moment zijn wèl tien tot twintig beambten gesignaleerd. Hoeveel personen zijn er in totaal ingezet voor de gehele operatie en hoeveel geld heeft deze gekost?

11. Waarom is gekozen voor deze confronterende opstelling vanuit de zijde van de gemeente, terwijl tot op heden altijd een normaal contact is geweest met de bewoners van het pand en dit ook tot gisteren prima mogelijk was geweest?

12. Hoewel wij het positief ervaren dat op zijn minst de kapel van Salvator in tact is gelaten, lijkt hier enige sprake van willekeur te zijn. Waarom zijn hun spullen, vergelijkbaar met de als brandgevaarlijk afgevoerde huisraad van de bewoners, niet afgevoerd? Wordt hier niet met twee maten gemeten?

13. Kunt U als bijlage bij de beantwoording ook het inspectierapport meezenden of ter inzage leggen, alsmede de evaluatie van de operatie en een inventarisatie van de afgevoerde spullen?

Wachtend op Uw antwoord,

Piet Hein Scheltens, Selçuk Akinci,

Heilig Hart (2) – do 22 dec. 2005


foto van voor de ontruimingsactie, genomen op 10 december 2005 door Liesbeth Kuijpers

Toen ik dacht dat deze week relatief rustig zou zijn, wist ik nog niet dat op woensdag de Heilig Hartkerk in Breda voor een dag zou worden ontruimd. En de bewoners natuurlijk ook niet. Ik schreef het al in het log over gisteren: persoonlijke bezittingen waren zoek of kapot of in de kraak-machine (toepasselijk woord?) verdwenen. Maar pas de volgende dag werd echt duidelijk hoe destructief de mannen van de gemeente tekeer waren gegaan.

Piet Hein en ik kwamen samen op de fractie om allereerst wat zaken op een rijtje te krijgen. De belangrijkste informatie: hoe kunnen de bewoners weer beschikken over gas, water en licht. Dat bleek een lastige zaak: het is namelijk de eigenaar die gas, water en licht moet aanvragen en Stichting Woonzorg Nederland zal niet genegen zijn dit spoedig te doen. Zij willen de krakers er immers het liefste uit hebben. Overigens leverde ditzelfde telefoontje op dat de spullen van de bewoners zijn opgeslagen hij de afvalservice op de Slingerweg. Ze konden daar nog drie maanden terecht om het af te halen.

Een bezoek aan de kerk leverde een mistroostig beeld op. Niets was er over van de bar, de keuken en de slaapkamers die daar door de eerste generatie bewoners nog zijn gebouwd. Weg was de houten ‘parasol’ die de ontmoetingsruimte versierde. Weg waren zelfs de biechthokjes, die door Bouw en Woningtoezicht om volstrekt onduidelijke redenen ook als brandgevaarlijk bestempeld werden. Ik waarschuw de katholieke kerk maar vast. Helemaal absurd was dat bij de opruimactie ook nog ernstige schade is toegebracht aan de kerk. De vloer voor het altaar is ontzet en de tegels compleet beschadigd. De houten vloer in de linkerbeuk vertoont een groot gat.

We brachten de bewoners het nieuws over gas, water en licht en lichtten ze in over de opslag van spullen. Ik maakte een nieuwe afspraak met de kerkbewoners voor die middag. Terug op de fractie bereidde ik schriftelijke vragen voor over de kerk, die nog diezelfde middag de deur uitgingen.

Terug in de kerk was de ontsteltenis wederom groot. Een bezoek aan de afvalservice leerde dat van alle afgevoerde spullen en huisraad slechts drie kachels zijn bewaard gebleven. De rest is allemaal afgevoerd als grof vuil. Daaronder vele kunstwerken, maar ook multomappen met administraties van mensen (bankgegevens bijvoorbeeld), stereo-apparatuur, beddegoed, tapijten, de gehele keukeninventaris, computerapparatuur en wat al niet meer. Eén van de bewoners keerde terug met drie kachels en een hoop extra frustraties.

Na nog een vergadering over de nieuwsbrief van de afdeling, die grotendeels gewijd gaat worden aan de Heilig Hartkerk, reed ik door naar Eindhoven. Ik was gevraagd daar een jongerendebat te leiden en dat deed ik met plezier. Dat het lang van te voren geplande evenement nu wel erg ongelegen kwam, deed daar gelukkig niets aan af. Dat ik pas over twaalven thuis kwam en toen nog mijn avondeten heb zitten koken, nam ik maar voor lief. Er zijn mensen die het erger hebben. In de Heilig Hartkerk bijvoorbeeld.

Heilig Hart – wo 21 dec. 2005

De al bijna twintig jaar gekraakte Heilig Hartkerk werd vandaag ontruimd. Het pand was door de brandweer onbewoonbaar verklaard. De houten constructies in het pand zouden te onveilig zijn. Dat zou vandaag worden opgeruimd. Daarna mochten de krakers weer gewoon terug. Dat het desondanks uitliep op een drama is te danken aan het discutabele optreden van burgemeester Peter van der Velden.

Allereerst iets over de krakers: het is aan deze groep mensen te danken dat de kerk er nog steeds staat. Zonder hen was het pand al lang tegen de vlakte gegaan of weggeregend. Inmiddels is het een Rijksmonument. Dit trouwens dankzij de jarenlange inzet van vele omwonenden, waaronder de dit jaar overleden Ad Meeuwissen.

Vanochtend werden de fractievoorzitters ingelicht over een alarmerende situatie in de voormalige kerk. Het pand was absuluut brandgevaarlijk. Er moest accuut ingegrepen worden. Vandaar dat bouw- en woningtoezicht samen met de brandweer op datzelfde moment het pand ontruimde om de brandgevaarlijke spullen te verwijderen. Huisraad en persoonlijke eigendommen zouden blijven staan of worden opgeslagen. En aan het einde van de dag zouden de krakers weer in hun woning terugmogen.

Het bleek één aaneenschakeling van onwaarheden. Want na een hardhandige ontruiming waarbij één van de bewoners van enkele meters hoogte naar beneden viel, volgde een ware beeldenstorm. Allereerst werden de houten contructies van de bewoners, die dienden als slaapruimte, met grof geweld naar beneden gehaald met een grijper, waarbij naar alle waarschijnlijkheid ook flink wat schade is toegebracht aan het monument. Maar behalve het bouwmateriaal verdwenen ook vele persoonlijke eigendommen in de verplettermachine. Fietsen, een bromfiets, een bankstel, dossiers van bewoners, persoonlijke huisraad en vele kunstwerken (de kerk wordt deels bewoond door Kunstenaars) verdwenen rücksichtslos in de verpletteraar. Van de beloofde gemeentelijke opslag bleek geen sprake. Iets wat aan het einde van de dag trouwens ook bevestigd werd door de coördinator van Bouw- en Woningtoezicht.

Het is me niet geheel duidelijk wat er allemaal aan beslissingen zijn genomen die geleid hebben tot dit tafereel. Was het een vooropgezet plan om de krakers te demoraliseren, of was er daadwerkelijk sprake van brandgevaar. Maar dan nog: geef de mensen dan de gelegenheid zelf op een fatsoenlijke manier de boel te demonteren en laat ze op z’n minst hun eigendommen veiligstellen voordat je met grof geweld van alles in de shredder stopt. En sinds wanneer is een bankstel brandgevaarlijk? Betekent dat dat straks elke burger met een bankstel op een zelfde wijze behandeld wordt door de gemeente? Het was werkelijk te zot voor woorden: Kafkaesk tot en met. De vele ambtenaren en politiemensen beriepen zich op regels en opdrachten die van hogerhand werden opgelegd, maar niemand die zich bekommerde om een fatsoenlijke afwikkeling van de zaken of om de huisraad en kunstwerken van de krakers. Kennelijk zijn de regels belangrijker dan de slachtoffers die door de dikke boeken vol onverklaarbare regels worden geplet. Bureaucratie-burger: 1-0.

De Burgemeester zal zich ongetwijfeld beroepen op de rellen die in zijn ogen zouden zijn ontstaan op het moment dat de actie vooraf was aangekondigd. Dus liever maar een onaangekondigde actie waarbij de rechten van de bewoners tot op het bot zijn geschaad. De overheid moet erop toezien dat persoonlijke eigendommen van diefstal of vernietiging worden gevrijwaard, niet dat ze worden vernietigd.

Als laatste blijk van invoelend onvermogen werden water, licht en gas (waarvoor maandelijks keurig werd betaald) afgesloten. Ongetwijfeld moet de brandweer hebben gedacht dat ook het water ontzettend brandgevaarlijk was. En zo werd om circa half tien het pand ineens weer bewoonbaar verklaard. Zonder gas, water en licht weliswaar, en dus ook steenkoud, maar kennelijk toch bewoonbaarder dan ’s ochtends. In de ogen van de gemeente althans. De krakers dachten daar geheel anders over. Treurend of zelfs huilend over het verlies van zo veel van hun goederen namen zij bezit van een ineens behoorlijk lege kerk. Maar ik ben er van overtuigd dat ze twee keer zo sterk uit deze catastrofe zullen komen. Morgen ga ik opnieuw langs, om bij daglicht te kunnen zien welk een destructieve wervelwind heeft huisgehouden in de Baronielaan. En Burgemeester Peter van der Velden zal daar zeker nog over horen. Het laatste woord is hier immers nog niet over gezegd. Kerst of geen kerst.

Schoenedoos – di 20 dec. 2005

Nu de uitgaven van de politieke partijen in Breda streng gecontroleerd worden op rechtmatigheid, werd het ook voor ons tijd om de schoenedoos met bonnetjes erbij te pakken. Onze schoenedoos bleek gelukkig een redelijk complete multomap, waarin één bonnetje en één bankafschrift ontbrak. Het bankfschrift wordt door de giro nagezonden en het bonnetje betreft een rekening aan de gemeente, dus dat is ook makkelijk na te zoeken. Een eerste, globale controle van een accountant duidde op een keurige boekhouding.

Maar daar dacht ik niet in eerste instantie aan bij het woord ‘schoenedoos’. Ik dacht aan de tussen-n die tien jaar geleden massaal is ingevoerd door de Nederlandse Taal Unie. De meest belachelijke spellingshervorming ooit, dacht ik, totdat eerder dit jaar een nog belachelijkere spellingsherziening het daglicht zag. Er is inmiddels een ware taalstrijd ontketend, waarbij veel media al hebben aangekondigd dat ze deze spelling niet gaan overnemen.

Terecht. Want ‘Mijnheer de Koekenpeer’ slaat natuurlijk nergens op. En het afbreekstreepje tussen ‘Fran’ en ‘krijk’ natuurlijk ook niet (het is immers het Rijk der Franken, niet het Krijk der Franen). Ik heb dus maar weer eens een moedige beslissing genomen: dit weblog volgt de nieuwe spellingshervorming niet. Net zoals ik die van 1995 ook niet hanteer. Wat mij betreft wordt de spelling van 1954 gevolgd. Dat is niet concservatief, dat is consistent. Want taal moet alleen maar veranderen wanneer dat voorziet in een behoefte van de taalgebruiker. Opgelegde veranderingen van bovenaf door professoren, daar is geen behoefte aan. En voor de duidelijkheid: wie over honderd jaar nog wil dat gedichten van Vondel of boeken van Multatuli nog in het originele manuscript te lezen zijn door de toekomstige generaties, doet er verstandig aan de taal niet te veel te wijzigen. Wie zijn taal verkwanseld, gooit zijn erfgoed weg. Dus laten wij doen zoals de Engelsen, die al eeuwenlang dezelfde spelling hanteren. Terwijl juist die de meest onlogische spelling denkbaar hebben.

Bestuursbons – ma 19 dec. 2005

Vorige week was de laatste fractievergadering van het jaar. Op deze maandag volgde de laatste vergadering van het Partijbestuur van dit jaar. We zitten inmiddels ruim een half jaar en besloten een deel van de tijd te gebruiken voor een terugblik.

Het Dagelijks Bestuur had soms graag een kritischere houding van het Algemeen Bestuur verlangt, zo werd al snel duidelijk. Ik ging meteen bij mezelf na of ik wellicht niet kritisch genoeg was geweest. Anderzijds: wanneer je het eens bent met een gekozen lijn, hoef je daar geen oppositie tegen te voeren. Hooguit de uitwerkingsplannen. Maar volgens mij ben ik daar op momenten juist behoorlijk kritisch over geweest. Conclusie: ik voelde me niet aangesproken. Maar ik zal het voor de zekerheid nog eens navragen. Niets is nuttiger dan iemand die je een spiegel voorhoudt.

We zijn met het bestuur best ingrijpend bezig: de organisatie moet omgebouwd worden tot een kiezerspartij, wat betekent dat we ons meer naar buiten toe willen manifesteren. Geen ellelange interne debatten, maar juist discussies met de buitenwacht. Het is een ontwikkeling waar ik veel van verwacht. Maar het brengt ook met zich mee dat de werkwijze van mensen soms ingrijpend moet veranderen. Niet op de laatste plaats de werkzaamheden van de mensen op het landelijk bureau. En dat betekent ook dat sommige werkzaamheden moeten komen te vervallen, hoe moeilijk die keuze soms ook is.

Al met al kijk ik terug op een redelijk positief half jaar. Nog anderhalf jaar te gaan, met enthousiasme en liefde voor de partij. Of klinkt dat laatste dan weer te soft?

Zonder thuis – 12 t/m16 dec. 2005

Waar ik me na terugkomst uit Kenya het meest aan geërgerd heb, is de hele kwestie Verdonk. Ze mag dan nog zo populair zijn en precies zeggen waar het op slaat, als minister zou ze zorgvuldiger met de dossiers moeten omgaan. Ik acht haar politiek verantwoordelijk voor de dood van 11 asielzoekers in de gevangenis bij Schiphol, maar ook voor het gevaar waarin de naar Congo teruggestuurde asielzoekers verkeren doordat aan de Congolese autoriteiten werd meegedeeld dat het om vluchtelingen ging. Als Verdonk inderdaad de ballen had die half Nederland haar toedicht, dan was ze afgetreden.

Ook lokaal is er leed. Soms klein leed, soms ingrijpend. Maandagavond na de fractievergadering kreeg ik een telefoontje van een goede kennis die de volgende ochtend zijn huis uit zou worden gezet. Toegegeven: slordigheden van zijn kant waren daar deels de oorzaak van. Anderzijds: het ging om iemand die met zijn werk ver onder het minimum verdiende en van de gemeente nooit een aanvulling tot bijstandsniveau heeft ontvangen. En dan kan je op een gegeven moment de huur niet meer betalen. Uitzetten, is dan het beleid van de corporaties.

Politiek kon ik weinig meer voor hem betekenen. Het was er ook al te laat voor. Wel heb ik de volgende dag nog proberen te overleggen met de woningbouwcorporatie Laurentius. Zonder resultaat. Het enige dat ik kon doen was ter plaatse kijken hoe het met hem ging. Daar stond hij, 57 jaar, temidden van zijn huisraad op een gazonnetje in het Heuvelkwartier.

Er zat niets anders op dan zijn spullen in te laden en naar een opslag te brengen. Iets dat overigens de hele dag duurde, ondanks de hulp van enkele buurtbewoners die enkele deuren verder woonden in woongroepen van Amarant, instelling voor mensen met een beperking. Wat die beperkingen ook mogen zijn, aan sociaal gevoel ontbrak het ze geenszins en datzelfde kun je wellicht niet zeggen van een doorsnee villa-wijk.

Het werk van dinsdag werd verschoven naar de rest van de week. Werd het toch weer stressen, want vrijdag moesten alle artikelen voor de verkiezingskrant van GroenLinks af zijn. En donderdag had ik, naast een raadsvergadering, ook een debat dat ik moest leiden in Amsterdam. En vrijdag werd ik ook nog eens verwacht op de vergadering van het Strategisch Beraad van GroenLinks. Aan werkdruk geen gebrek. Maar alles kwam op tijd af en ik kon met een gelukkig gevoel het weekeinde in. Alhoewel: ik had op zaterdag natuurlijk wel twee bijeenkomsten…

In het diepe – 3 t/m 9 dec. 2005

Veel tijd om bij te komen, had ik niet. De agenda stond al weer vol bijeenkomsten, vergaderingen en activiteiten. Daarnaast had ik natuurlijk twee keer negentien kranten te lezen, lagen de commissiestukken van de afgelopen cyclus vrolijk op mijn deurmat te wachten om, ook al waren de betreffende vergaderingen al geweest, ingelezen te worden, verlangde het huis dringend naar een opruimwoede en hadden de planten hoognodig behoefte aan water.

Ik was ruim drie weken geleden enigszins overhaast naar Kenya vertrokken. De tas werd op het laatste moment pas ingepakt… sterker nog, enkele uren voordat ik vertrok naar Schiphol moest de rugtas zelfs nog aangeschaft worden. Dat had niet zo zeer te maken met een slechte planning, maar meer met de onmogelijk drukke week die direct aan mijn vertrek voorafging. En hoewel het aanvankelijk nog mijn bedoeling was om het huis netjes opgeruimd en stof gezogen achter te laten, bleek dat niet meer mogelijk. En nee, het is niet leuk om direct met een rotzooi geconfronteerd te worden bij thuiskomst. Gelukkig haalde mijn moeder me af op Schiphol en mocht ik bij haar ontbijten.

De zaterdag bestond dan ook voornamelijk uit een bezoek aan platenzaak TunesVille, een sinds kort op zaterdag gesloten fotozaak (alleen ‘De Afdruk’ mag mijn rolletjes ontwikkelen, alle andere zaken sturen ze naar een fotolab waar regelmatig rolletjes kwijtraken), het snel doorlezen van 478 mailtjes en, ik was doodop van het reizen, in slaap vallen om drie uur ’s middags om pas de volgende ochtend wakker te worden.

De zondag bracht ik voornamelijk lezend en wasmachinevullend – en weer legend – door, van opruimen kwam nog steeds weinig terecht. Dat gebeurde op maandag. En maandag was ook meteen weer een dag vol politiek. Zo deed ik schriftelijke vragen uitgaan over de inmiddels in volle gang zijnde sloop van De Beyerd (zie o.a. weblogs wo 4 febr. 2004, do 19 febr. 2004, do 7 juli 2005 en do 10 nov. 2005). Bij de sloop kwam aan het licht dat een aantal argumenten van de gemeente Breda om over te gaan tot sloop, niet juist bleken te zijn. Om kort te gaan: de wethouder heeft in de procedure tegen de sloop gezegd dat de bouwtechnische staat van de zuilen van de zuilengalerij dusdanig slecht was dat deze niet behouden kon blijven. Dit kwam doordat de zuilen destijds zouden zijn ingefreesd om kozijnen tussen te plaatsen. Dit bleek bij de sloop totaal onjuist.

’s Avonds een tweetal vergaderingen: allereerst in Utrecht om met betrokkenen te kijken of het mogelijk was het GroenLinks JongerenNetwerk in de groenlinkse jongerenorganisatie Dwars op te laten gaan (missie geslaagd) en daarna een fractievergadering in Breda. Dinsdag volgde een vergadering van de campagnecommissie en een gezellige avond met mijn vrienden, woensdag wederom fractie en ’s avonds koorrepetitie en donderdag tot slot een wijkbezoek aan de Hoge Vucht.

Dat laatste was trouwens een erg leuk wijkbezoek. Breda Noord is een late wederopbouwwijk uit de jaren ’60, met diverse problemen. Veruit de grootste daarvan was destijds de aanwezigheid van hangjongeren rond een friettent die naast kroketten ook drugs verhandelde en een bijkomend onveilig gevoel. Daarnaast wonen er in de wijk erg veel allochtonen, wat door sommigen ook als een probleem word gezien. Sinds echter een jaar geleden de friettent op last van de gemeente gesloten is en op de wijk een integraal veiligheidsbeleid werd toegepast, is er op dat gebied echter veel verbeterd. Volgens veel buurtbewoners kent de wijk helemaal geen ‘buitenlandersprobleem’ meer. Veel meer aandacht werd nu gevraagd voor zaken als het ’s zomers vaker maaien van de gazons, het schoonvegen van de stoepen en het beter luisteren naar de inbreng van bewoners. Allemaal zaken die we serieus moeten oppakken. Desondanks is het positief wanneer de problemen van nu relatief klein zijn met die van enkele jaren terug.

Nog een positief punt: de parochie in Breda Noord is erg actief. Zij gaan langs bij mensen, helpen hen met individuele problemen en leveren een intensieve bijdrage aan ontmoetingen tussen mensen. Ik heb weinig op met religie in het algemeen en met het instituut kerk in het bijzonder. Maar deze parochie mag van mij als voorbeeld dienen voor vele anderen. Ik ken meerdere bevlogen pastors in Breda en omgeving, dat er één van in Noord woont is mij op deze avond duidelijk geworden.