Homo Profans – do 22 mrt. 2007

Praathuis

Eigenlijk stond er op de raadsagenda niet eens zo veel bijzonders. De Economische Impulsnota, waar iedereen redelijk positief over was, de wijziging van de Buitenruimteverordening en de enigszins omstreden aankoop van de Turfschipgarage. Toch duurde de vergadering uren en uren.

Hoe kan dat nu. Dat komt omdat politici niet in de gaten hebben dat ze zo ontzettend lang praten. Dat je dingen genuanceerd over het voetlicht wil tillen, da’s logisch. En dat je daar dan ook wat extra tijd voor neemt, da’s ook logisch. Maar een bijdrage van twintig minuten om de loftrompet over de economische impulsnota te blazen en een motie toe te lichten, dat gaat te ver.

De vergaderingen moeten korter. En als dat niet snel gebeurd door zelfdiscipline van de raadsleden zelf, dan ga ik pleiten voor spreektijden. Wat mij betreft een vast aantal minuten per onderwerp en niet – zoals soms gebruikelijk is – naar grootte van de fractie. De stemming in de raad is door het verschillende zetelaantal per partij gewogen, maar de discussie moet op basis van argumenten en inzichten worden gevoerd. En argumenten laten zich nu eenmaal niet leiden door de macht van het getal.

Homo Interrogans – ma 19 mrt. 2007

hoezo scheiding tussen kerk en staat?

Het fractievoorzittersoverleg had het college uitgenodigd om eens van gedachten te wisselen over de samenwerking. Dat deden we op een stemmige locatie: de consistoriekamer van de Onze Lieve Vrouwekerk in Breda.

Een wederkerend thema in de Bredase politiek is het eigen functioneren. Constant wordt er gedacht aan verbetering. Dat mag ook wel, want er valt behoorlijk wat aan te merken op het werk van de raad. En dat kun je dan maar beter zelf doen, in plaats van het aan anderen over te laten.

Eén van mijn kritiekpunten is de rondvraag in de commissies. Vroeger was dat een technische rondvraag met korte vragen en antwoorden. Tegenwoordig lijkt het steeds meer een debat. Dat is lastig, omdat niemand van te voren weet welke vragen er gesteld gaan worden en dus ook onduidelijk is welke wethouders er allemaal aanwezig moeten zijn. Het gebeurt wel eens dat de wethouder voor wie de vraag bedoelt is, er niet bij is, of nog veel vaker, dat er een paar wethouders voor Jan Lul bijzitten.

Vandaar het voorstel om in de commissie ook een vragenuur in te voeren. Vragenstellers moeten hun vraag dan 24 uur van te voren indienen. Het college weet dan welke wethouders er worden verwacht en de rest van de commissie kan zich een beetje voorbereiden op de discussie. Daarnaast kent het vragenuur een wat strikter reglement, zodat de discussie niet te veel uitwaaiert, zoals nu vaak het geval is.

Het voorstel werd door iedereen positief ontvangen. No questions asked.

Homo Analyzans – vr 16 mrt 2007

Denkend aan Holland zie ik lange vergaderingen traag door oneindige woordenbrij gaan.

De pré-kadernotavergadering was een verdeeld succes. Sommige fracties kwamen met wensenlijstjes, anderen, waaronder ik namens GroenLinks, hadden juist een meer thematische aanpak.

Het was voor het eerst dat de gemeenteraad van Breda gaat praten over de hoofdlijnen van de kadernota voor het komende jaar, nog voordat het college ook maar een eerste letter op papier heeft gezet. Maar wie het heeft over hoofdlijnen van beleid, moet je geen wensenlijstjes gaan indienen met een paar duizend euro hier en een half tonnetje daar. Hoofdlijnen gaan niet over geld, maar over prioriteiten.

Dat is misschien teleurstellend voor voornamelijk de dorps- en wijkraden, die een maand eerder in een vier uur durende hoorzitting al hun wensen en ongenoegens op tafel legden. Inderdaad, zij hoorden niets van hun eisenpakket terug in mijn bijdrage. Maar op dat detailniveau wilde ik het debat dan ook simpelweg niet voeren.

Er is in Breda heel wat aan te merken op de manier waarop dorps- en wijkraden behandeld worden. De politiek is enerzijds ontzettend bang voor ze en proberen hooguit op de meest poeslieve toon wel eens duidelijk te maken dat voor bepaalde wensen geen geld is. Anderzijds zijn vrijwel alle raadsleden het met elkaar eens dat de dorps- en wijkraden lang niet alle Bredanaars vertegenwoordigen en zeker ook niet alle problemen verwoorden.

Wie zich in het beginstadium van het debat al laat leiden door de wensenlijstjes van de dorps- en wijkraden en de beperkte spreektijd gebruikt om op detailniveau het beheer en de inrichting van de openbare ruimte, is niet bezig met het formuleren met uitgangspunten voor beleid, maar met uitvoeringskwesties. Ik ben er van overtuigd dat de Kadernotabehandeling daar in eerste instantie niet voor bedoeld is.

Homo Orans – do 15 mrt 2007

wijze raad?

Een novum in de Bredase politiek: de pré-kadernotabehandeling. Vroeger kon de raad alleen maar reageren op de kadernota, die op het moment van de behandeling al vrijwel helemaal was dichtgetimmerd door ht college. In de pré-kadernotabehandeling geeft de raad het college van Burgemeester en Wethouders de kaders mee waarbinnen de Kadernota moet worden opgesteld. Hieronder mijn bijdrage.

De bespreking van de kadernota is in Breda vaak een postzegelbespreking geweest, waarbij hier of daar nog een klein bedrag wordt binnengehaald voor een bepaalde buurt of wijk. Een jaarlijkse dans waarbij na een uren durende vergadering duidelijk werd welke stoeptegel er het komende jaar recht gelegd zou worden.

Klimaat
De Pré-kadernota is een wat andere vergadering. Zij vraagt, on onze ogen, om een wat meer thematisch verhaal, waarbij het college onderwerpen meekrijgt die de raad nader uitgewerkt wil zien. Waar de raad accenten verwacht in de Kadernota. Verwacht dus van mij hier op dit moment geen verhaal op de vierkante millimeter. Daar is deze vergadering niet voor bedoeld.

De klimaatverandering staat internationaal eindelijk weer hoog op de agenda. Dat gevoel van urgentie wordt gevoed door alarmerende rapporten in opdracht van de VN, waarin geconcludeerd wordt dat het niet meer zozeer de vraag is of het klimaat veranderd, maar hoe ernstig die veranderingen zullen zijn. Dat die klimaatverandering aan de mens is toe te schrijven, wordt door de wetenschap ook nauwelijks meer in twijfel getrokken.

De gevolgen van de klimaatcrisis zijn niet eenzijdig af te wentelen op de landelijke overheid of de internationale gemeenschap. Ook op gemeentelijk niveau moet een krachtige extra inspanning geleverd worden om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. Door energiezuinig te bouwen. Door nieuwe wijken zo in te richten dat ze qua energieverbruik nagenoeg zelfvoorzienend zijn. Er is in Breda een streven om te komen tot een energie-neutrale of klimaat-neutrale stad. Willen we dat doel halen, dan is het noodzakelijk om daar een helder beleid op te voeren en hiervoor ook voldoende middelen voor te reserveren.

Qua luchtkwaliteit, maar ook de kwaliteit van bodem en oppervlaktewater wordt Breda geconfronteerd met nieuwe, strengere Europese regels. Willen we aan onze verplichtingen voldoen, zal ook daar extra geld voor beschikbaar gesteld moeten worden.

Wat GroenLinks betreft wordt dit thema van duurzaamheid, naast de bestaande thema’s uit het programacoord leidend in de kadernota 2008. Daarbij gaat het om meer dan alleen maar geld. Het gaat evenzeer om toekomstgericht denken op alle beleidsvelden.

Solidariteit
Dit college heeft zich een jaar geleden duidelijk uitgesproken voor een sociale en solidaire stad. Dat betekende in eerste instantie voortzetting van het armoedebeleid. Zonder daar iets aan af te doen, weten we dat er desondanks groepen zijn die moeite hebben om de eindjes aan elkaar te knopen. Dat vraagt vooral creativiteit van het college. Het voorstel van de PvdA om het armoedebeleid op te rekken en daarmee de problematiek van de armoedeval te dempen, wordt door ons van harte ondersteund.

Ook op mondiaal vlak heeft deze coalitie verdergaande ambities getoond. Allereerst door met elkaar af te spreken dat de middelen in deze periode konden worden opgehoogd tot 1 euro per inwoner. Afgelopen maand heeft de commissie bestuur die ambitie nog eens herhaald. Breda gaat werk maken van mondiale samenwerking. Nu er een beroep gedaan gaat worden op die extra middelen, is het van belang dat deze in de kadernota 2008 ook als zodanig gereserveerd worden.

Jeugd / cultuur
Een opmerking wil ik nog maken over het cultuurbeleid in de stad. De stedelijke discussie staat in de startblokken en GroenLinks is benieuwd naar de uitkomsten. In de culturele sector zijn de voornaamste knelpunten eindelijk opgelost. Maar er blijven pijnpunten die binnen de huidige geldstromen moeilijk zijn op te lossen. Dat geldt met name ook op het gebied van jeugd- en jongerencultuur. Hier moet in geïnvesteerd worden.

Extra aandacht verdient op dat punt Danstheater De Stilte. Dat zij kwaliteit leveren staat buiten kijf en dat dat een zware wissel trekt op een eigenlijk te beperkt aantal medewerkers is ook bekend. In het net verschenen rapport van de raad van cultuur wordt dat onderkend. De raad pleit voor extra middelen voor de jeugddans. Het is aan een gezamenlijke verantwoordelijkheid van politiek, bestuur en De Stilte zelf om er zorg voor te dragen dat De Stilte kan meedelen in de ruif en dat hoe dan ook de professionalisering van De Stilte niet tot stilstand komt door gebrekkige financiële middelen.

Homo Docens – do 8 mrt 2007

NHTV (foto: Wessel Keizer)

Daar ik de dag ervoor eerst zonder stemkaart en vervolgens – nadat ik terug was gegaan om die te halen – zonder sleutels van huis was gegaan, bleef ik, na onze nachtelijke escapades in Amsterdam, op het Dwarspand in Utrecht slapen.

Onthouden van elke vorm van luxe of zelfs maar een luchtbed, bleef er voor mij weinig anders over dan de vloer als matras, mijn scheerwollen jas als deken en een stapel oude NRC’s als kussen. Ik werd dan ook niet bijster prettig wakker de volgende morgen.

Nu zou dat allemaal niet vreselijk erg zijn geweest, indien ik, zoals te doen gebruikelijk na een verkiezingsdag, ook daadwerkelijk vrij had gehad. Helaas had ik me gecommitteerd aan het geven van een gastcollege op de Nationale Hogeschool voor Toerisme en Verkeer. Daar hadden de dame en heer docent een dubbel educatief doel mee voor ogen. Allereerst inzicht geven in de politiek-bestuurlijke afweging die voorafgaat aan een te nemen verkeersbesluit. En ten tweede, het opdoen van debatvaardigheden. Dus of ik ze aan de hand van een stelling ook nog eens met elkaar in debat wilde laten gaan.

Ik wilde het eerst allemaal maar op de automatische piloot doen, maar eenmaal geconfronteerd met een klas vol enthousiaste – of althans, niet geheel ongeïnteresseerde – studenten, vond ik dat ik dat toch maar niet kon maken. Daarnaast had ik een gewaardeerd GroenLinks-lid en oud NHTV-student om mij door de moeilijkste momenten heen te helpen.

Zowaar, ik had af en toe zelfs het gevoel dat het fantastisch ging.

Homo Deligens – wo 7 mrt. 2007

anti-slaapbeugels? que?

Toen ik de deur achter me dichttrok en in de richting van het station liep, ging ik nog even na of ik wel overal aan gedacht had. Ik voelde of ik mijn portemonnee bij me droeg, mijn zware shag op zak had en mijn sleutels wel had meegenomen. Alles zat op de juiste plaats. Toch knaagde het.

Halverwege het station schoot het me te binnen. Mijn stemkaart. Ik zou het, na weken campagne zelf bijna vergeten. Ik liep terug, draaide de deur open, pakte mijn stemkaart, trok de deur achter me dicht en kwam vervolgens tot de conclusie dat ik dit maal mijn sleutels op de eettafel had laten liggen. Gmpff.

Mijn dag bracht ik werkend door in het partijburo in Utrecht. Aan het eind van de middag reisden we met een klein groepje af naar Amsterdam, om daar met andere GroenLinksers in pakhuis de Zwijger de uitslagenavond te volgen. Lange tijd waren we erg tevreden over de uitslagen: weliswaar een licht verlies ten opzichte van vier jaar geleden, maar beter dan bij de landelijke verkiezingen. We behielden, volgends de voorspellingen onze vijf zetels in de Eerste Kamer. Toen Ferry Mingelen die voorspelling naar beneden moest bijstellen, werd ook bij ons de sfeer wat bedompt.

Vrolijk en eigenzinnig wij waren, besloot het jonge deel van de aanwezigen, waar ik me nog steeds graag toe reken, de hoofdstad onveilig te maken. Ik had het plan opgevat om de bende richting de regulier te loodsen, waar we overigens nooit terecht zijn gekomen. Wel liepen we langs de Wallen, zodat we toch nog iets van de grootstadse allure van Amsterdam hebben mogen meemaken.

Na verloop van tijd besloten we de eerste de beste kroeg binnen te gaan. Bleek dat geheel toevallig tevens het nakater-kroegje van Wouter Bos en kornuiten. Party-crashen bij de PvdA, wie had dat gedacht. En eerlijk is eerlijk, het was best gezellig, al dacht de partijleider van de sociaal-democraten daar, gezien zijn teleurgestelde blik, net iets anders over.

Na het laatste nummer, en de volgende zes, was de laatste trein naar Breda al lang vertrokken. Ik besloot met het nachtnet mee te reizen naar Utrecht, om daar in het Dwars-pand het laatste restje van de nacht weg te slapen. Op de grond, met een lange scheerwollen jas als deken. Ver voordat de trein die mij daar naartoe zou brengen, in Amsterdam arriveerde, had mijn lichaam al besloten het voor die dag voor gezien te houden.

De foto heb ik gejat van Maritjuh, wier eigen verslag van deze avond alhier te lezen is.

Homo Legens – di 6 mrt. 2007

Femke goes Goes.

Ons bezoek aan Goes begon met een lunch in Boekhandel annex Drukkerij annex lunchroom annex kantoorartikelenwinkel De Koperen Tuin. Buiten regende het mot.

Zet tien GroenLinksers in een boekhandel en het lijkt wel alsof de lagere school uitgaat. Of eigenlijk, het tegenovergestelde. Of het nu reisboeken, dichtbundels of romans zijn, iedereen koopt wel iets. De mevrouw achter de kassa kon dat wel waarderen. Zoveel omzet draait ze doorgaans niet op een dinsdag.

Dat de Goese bevolking niet massaal was uitgelopen om Femke te begroeten, vergeven we ze met liefde. Het regende nogal. Mogen de eerstvolgende verkiezingen weer in de zomer?

Homo Telefonicus – ma. 5 mrt. 2007

calling all angels 

De telefoon staat niet bepaald roodgloeiend op het callcentre van GroenLinks. Iedereen snapt precies wat GroenLinks in de provincie doet. Of de provincie leeft niet, dat kan natuurlijk ook.

Terwijl het zo belangrijk is. Niet voor niets sta ik als één van de provinciale lijstduwers op de lijst van GroenLinks. Of, beter gezegd: ik sta vierkant achter onze statenleden.

Homo Praedicans – zo 4 mrt. 2007

on tour 

Nog drie dagen te gaan voor de provinciale statenverkiezingen. De campagnebus was al weer enige tijd geleden weer van stal gehaald en ik ging mee.

En dus gingen we naar plaatsen als Leeuwarden. En naar Zwolle, Utrecht, Rotterdam en Den Bosch. Rookten we sigaretten en shag als de bus weer eens stond te wachten op een parkeerplaats. Genoten we van het best wel warme voorjaarsweer. De campagnefamilie van november was wederom verenigd. Samen trokken we ten strijde.

Het zijn provinciale verkiezingen. Hoe heldhaftig onze pogingen ook zijn en hoe heroïsch onze daden, ze vallen op vruchteloze bodem.

De provincie? Wat is dat?

Homo Iacens – za 3 mrt. 2007

onder het volk

Uitgerekend vandaag, terwijl BW14 op de campagnebus van Femke aanwezig is als embedded blogger, lig ik thuis geveld door het griepje dat de hele week al op de loer lag.

Het was niet heel erg. Maar voor iemand die zich nooit ziek meldt, was het een primeur. Het zal deels ook de vermoeidheid geweest zijn. Het is al met al nogal een intensieve week geweest, met drie commisies, hectische dagen in Den Haag en gisteren een provolle dag Bredase politiek.

Met de laptop volgde ik de avonturen op de bus. Was ik er toch nog een beetje bij.