Strategie – za 29 okt. 2005

De landelijke strategiedag was bedoeld om de landelijke campagneplannen te toetsen aan de ervaringen en meningen van het lokale kader. De opkomst viel een beetje tegen. Desondanks was de uitkomst van de discussie naar alle tevredenheid. Jammer alleen dat euro-fractievoorzitter Kathelijne Buitenweg door haar rug ging.

Goed, het was voor mij soms erg saai. De twee powerpoint-presentaties die de revue passeerden, had ik allebei al minstens drie keer gezien. Voor mensen als Femke Halsema, Wijnand Duyvendak, Herman Meijer en Tom van der Lee was het ongetwijfeld nog erger: zij hebben dezelfde presentaties nog vaker gezien. Zelfs Maarten Brouwer, de maker van de presentatie, moest toegeven dat ze hem inmiddels danig de keel uithingen.

De hele dag ging eigenlijk over het imago dat GroenLinks heeft, in hoeverre dat aansluit bij wat we zelf denken dat we moeten zijn en hoe we dat imago verder uit kunnen bouwen. Je praat dan al gouw in termen van kiezersmarkten, merkessenties en branding. Best grappig om politiek eens een keer vanaf die kant te bekijken.

Uiteindelijk is het allemaal relatief: GroenLinks zal geen enkel standpunt veranderen om zich marketingtechnisch beter te positioneren. Maar het kan wel ontzettend handig zijn om te weten hoe je profiel in elkaar zit. Kennis is macht, zegt men wel eens. Ik neem aan dat ze daar ook zelfkennis mee bedoelen.

Last minute – wo 29 juni 2005

Het was een dag die zich niet aan het vooraf zo zorgvuldig geplande schema hield. ’s Ochtends zou ik een gesprek hebben met GroenLinks-voorzitter Herman Meijer. Daarna zou ik even langswippen bij Dwars, de jongerenorganisatie die schuin tegenover GroenLinks is gevestigd aan de Oude Gracht, en daarna zou ik met gezwinde spoed doorrijden naar Hilversum om daar een uitzending op te nemen. Een trager-dan-normale A27 gooide roet in het eten.

En dus kwam ik een half uur later dan gepland aan bij Herman Meijer, die mij had uitgenodigd om nader kennis te maken. Hoewel ik als nieuwkomer al weer drie maanden in het algemeen bestuur van de partij zit, was er eerder geen gelegenheid om iets af te spreken. Het was een leuk gesprek, dat dan ook langer duurde dan ik had gepland. Tel daar bij op dat ik toch al later was en je komt al snel tot de conclusie dat ik de afspraak bij Dwars moest verzetten.

Onderweg naar Utrecht, na ook nog eens een verkeerde afslag genomen te hebben, belde mijn studiogast enigszins in paniek op. Ik vreesde al dat íe te vroeg in Hilversum was aangekomen en nu naarstig en tevergeefs, op zoek was naar mij. Het bleek echter dat er bij hem iets tussen was gekomen waardoor hij onze afspraak moest verzetten. Enerzijds kwam dat dus goed uit. Ik hoefde me ineens niet meer te haasten.

Die avond had ik alsnog mijn afspraak met Dwars, onder het genot van een verassend lekkere vegetarische maaltijd in Café België. Doorgaans houd ik wel van een stukje vlees, maar onder vegetariërs wil ik me nog wel eens solidair opstellen. Onder het eten bespraken we de mogelijkheden die Dwars had om een bijdrage te leveren aan de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen, die in maart 2006 zullen plaatsvinden.

Later dan gepland arriveerde ik thuis, pakte ik mijn spullen bijeen en ging naar bed. De volgende ochtend zouden we immers naar Werchter rijden.

Geldrop – wo 22 juni 2004

Een GroenLinks-afdeling in Oost-Brabant wil de afdeling vernieuwen en vroeg om de aanwezigheid van een lid van het landelijk bestuur op hun ledenvergadering. Ik kon het met moeite inpassen en toog die kant op.

Dankzij mijn aanwezigheid heb ik een beter beeld van de problemen waar kleine afdelingen mee te kampen hebben. Ik heb dan ook niets dan respect voor de mensen die daar keer op keer hun schouders eronder willen zetten. Ik hoop dat ik, als relatieve buitenstaander, wat nuttige tips heb kunnen geven.

Ondertussen begin ik langzaam te snakken naar het reces, wat een duur politiek woord is voor vacantie. Tegen de zomer wil iedereen nog even snel het één en ander afhandelen voordat de vacantie begint, met als gevolg een uitpuilende agenda. Als over twee weken het politieke werk even op een lager pitje komt te liggen, kan ik eindelijk toekomen aan wat andere dingen. Zelfs dit web-log blijft er steeds maar bij inschieten.

De Kadernota – do 2 juni 2005

De behandeling van de kadernota nam traditiegetrouw twee avonden in beslag. Want als er over het beleid van het komende jaar gepraat moet worden, is dat een gewichtige zaak, die foorgaans uitgedrukt wordt in de kilo’s papier die fracties nodig hebben om hun eerste reactie te geven.

De eerste termijn, zoals het officieel heet, wordt al jarenlang schriftelijk afgehandeld. De fractievoorzitters sturen hun bijdrage, die ze in een ver verleden altijd monotoon voorlazen in de vergadering, nu een dag van te voren op aan alle andere raadsleden. Tijdens de eerste vergadering krijgt elke fractievoorzitter dan nog kort de gelegenheid om te reageren (kort, voor de duidelijkheid, is in politieke termen nog altijd een dikke vijf minuten), waarna het college van burgemeester en wethouders de vragen kan beantwoorden. En aangezien alle vragen al een dag eerder op papier stonden, hebben de ambtsdragers aan de bestuurstafel hun antwoord al klaar.

Dan komt de tweede termijn. De fracties reageren dan op elkaar en dienen ze moties en amendementen in op de kadernota, over de dingen die ze graag nog veranderd willen zien. Dat was dus allemaal op dinsdag.

Op donderdag wordt door de raadsleden gereageerd op de beantwoording van het college, die voor de zekerheid ook op papier is gezet en rondgestuurd. Het college reageert dan ook op de ingediende moties. Meestal gaat dat als volgt: een motie van de coalitiefracties wordt overgenomen, een motie van de oppositiepartijen wordt afgewezen. Zo werd de motie van GroenLinks, mede ondertekend door SP, Breda ’97 en D’66, waarin stond dat het opknappen van de Ginnekenweg nu onderhand maar eens voorbereid moest gaan worden, ontraden. Hetzelfde gold voor een motie over een volwaardig jeugdhonk in de Haagse Beemden. Ook een gezamenlijke motie over het opknappen van de Dintelstraat in de wijk Westeinde van SP en GroenLinks, kon op weinig bijval rekenen, behalve dan dat de wethouder beloofde dat hij nog eens een keer zou gaan kijken.

Allemaal zinloos dus? Nee. Want onze motie over de Ginnekenweg haalde desondanks een meerderheid. En mede dankzij onze felle kritiek op het cultuurbeleid, werd ook op dat terrein een motie aangenomen, ook al was deze dan niet door ons ingediend (zie web-log wo 18 mei 2005). De inhoud van die motie was dat de raad nog maar eens over de bezuinigingen op cultuur moest gaan praten. Het benodigde geld is er echter niet, dus of die discussie ook zin zal hebben, is nog maar de vraag.

Twee redelijk lange avonden dus, met veel gepraat. Los van een enkel interruptiedebatje, houdt ieder normaal raadslid tijdens de kadernota-bespreking zijn mond. De kadernota, die is voor de fractievoorzitters.

Hoorzitting – vr 20 mei 2005

De gemeentelijke Kadernota met daarin het beleid voor 2006 wordt binnenkort behandeld. In Breda betekent dit dat de burgers hun wensen en verlangens voor het komende jaar uit de doeken mogen doen in een speciale hoorzitting. Wie denkt dat dat een saaie bijeenkomst is met zeurende burgers heeft voor ongelijk.

Je hebt klagers en klagers. De belangenvertegenwoordigers die op de hoorzitting afkwamen waren, hadden inderdaad nogal wat wensen en aanmerkingen op het gemeentelijk beleid. Maar zeuren was het niet. In tegendeel, veel van de dingen op de wensenlijstjes van de diverse sprekers, vond ik niet meer dan normaal.

Of we aan alle wensen ook tegemoet kunnen komen, is een tweede. Want politiek is keuzes maken. En hoewel raadslid André Lips de eerste was om te zeggen dat Gemeenschapshuis De Koe nu onderhand maar eens rap moest worden uitgebreid, heb ik daar nog wel wat kanttekeningen bij. Want ik ken buurthuizen in andere wijken die harder aan een opknapbeurt toe zijn. En politiek is nu eenmaal keuzes maken, zeker wanneer de bomen even niet meer tot aan de hemel groeien.

En dan kies ik in eerste instantie voor de kwetsbare buurten, de wijken die het het hardste nodig hebben. Dat is bij sommige insprekers misschien geen populaire boodschap, maar het is wel eerlijk. Dus men moet niet verbaasd staan te kijken als ik het jeugdhonk in de Haagse Beemden of de bestrating in het Westeinde belangrijker vind dan het uit zijn jasje gegroeide gemeenschapshuis in Princenhage.

Jongerennetwerk – ma 25 apr. 2005

Het jongerennetwerk van GroenLinks kwam in crisisberaad bijeen. Het bestuur had de geldkraan dichtgedraaid (‘jullie kunnen toch met Dwars samenwerken’), een beslissing die ik gelukkig die avond niet hoefde te verdedigen, en wilde het jongerennetwerk nog enig bestaansrecht hebben, moesten er toch echt enkele activiteiten georganiseerd gaan worden. De vraag was of dat nog zin had, of wij er zin in hadden en of anderen er de zin van inzagen. Driewerf ja. Dat geeft het jongerennetwerk sowieso nog een jaar de tijd om erachter te komen of, en zo ja op welke manier, het netwerk en Dwars in elkaar geschoven kunnen worden.

Laatste boodschap – vr 18 mrt. 2005

Op de dag voor het GroenLinks-congres, waarvan één van de punten de verkiezing van een nieuw partijbestuur waarvoor ik als kandidaat ben voorgedragen (zie weblog wo 5 jan. 2005 en ma 14 febr. 2005), besloot ik nog een laatste boodschap op mijn ‘campagne-site’ te zetten. Een video-boodschap deze keer. Een ‘afhankelijkheidsverklaring’ aan GroenLinks.

Omdat er meer kandidaten zijn dan plaatsen in het Algemeen Bestuur van GroenLinks, blijft het tot het laatste moment spannend of mijn voordracht ook door het congres wordt overgenomen. Een aantal kandidaten dat niet is voorgedragen is namelijk hard aan het lobbyen. Dat juich ik overigens ook toe: als je je bestuursleden democratisch wilt laten benoemen op een congres, dan moet er ook wat te kiezen zijn. En waar iets te kiezen valt, hoort campagne gevoerd te worden. Ik doe dat vooral via mijn website www.selcuk.nl.

De videoboodschap was bedoelt om op het laatste moment nog wat extra aandacht voor mijn kandidatuur te krijgen. Maar het was tevens een reactie op de ‘onafhankelijkheidsverklaring’ van Geert Wilders (zie web-log ma 14 mrt. 2005. Wilders verklaart zich in dat 21 kantjes tellende oerconservatieve document onafhankelijk van de Haagse politieke elite. Hij verklaart zich ook onafhankelijk van oude politieke partijen. In mijn ‘afhankelijkheidsverklaring’ die ik precies het tegenovergestelde: ik verklaar mij afhankelijk van GroenLinks. Een goede visie op maatschappelijke ontwikkelingen kun je immers niet in je eentje formuleren: daar heb je een partij voor nodig waarin discussies open gevoerd worden, waarin leden actief worden betrokken bij de meningsvorming. Wilders mag het wat mij betreft in z’n eentje doen: ik werk liever samen met gelijkgezinden binnen ‘mijn’ politieke partij.

Nieuwjaarsborrel – zo 9 jan. 2005

GroenLinks Breda heeft al jarenlang de gewoonte dat zij de laatste nieuwjaarsborrel van het jaar organiseert. Vorig jaar viel deze op 23 januari. Dit jaar lijkt met die traditie gebroken.

Aangezien Leon in Breda was, moest hij mee. Gelukkig vond ‘ie dat niet erg en zelfs de nieuwsgierigheid van enkele partijgenoten die nu wel eens wilden weten of het echt zo’n leuke jongen was, vond hij niet vervelend. Hij werd overigens door iedereen ‘goedgekeurd’. Voor wat dat waard is overigens, want wie het tegendeel zou vinden kan maar beter liegen of z’n bek houden.

Zo’n borrel heeft altijd de plezierige gewoonte langer te duren dan op de uitnodiging staat, zij het dat de bestellingen vanaf dat moment voor eigen rekening zijn. En terwijl de fractievoorzitter zijn korte vacantie in Zeeland herkauwde en de vice-voorzitter haar hormonen botvierde op de barman, genoot ik van het feit dat ik 1) niet met een gezin op vacantie hoef en 2) dat ik niet meer hoef te flirten met een barman.

Simon – za 2 okt. 2004

De dag van de grote demonstratie was aangebroken. Sinds drie jaar ben ik trouw elke landelijke demonstratie tegen het asociale beleid van deze regering bezocht. Maar tot mijn eigen droefenis kon ik vandaag niet.

Ik was gevraagd om als lokale politicus aanwezig te zijn bij een trainingsdag voor jongeren. Nota bene georganiseerd door GroenLinks. En dat had ik al weken geleden toegezegd. Hoe is het mogelijk dat onze moederpartij uitgerekend op die datum een trainingsdag organiseert, zou je denken, en dat dacht ik ook. Maar toen de trainingsdag werd voorbereid stond 2 oktober nog helemaal niet in de agenda als een grote en belangrijke demonstratie. En toen het belang en de massaliteit van die dag duidelijk werd, was het al te laat om alle gemaakte afspraken nog terug te draaien. En ik had beloofd te komen en dat maakt schuld.

Wonder boven wonder was het overgrote deel van de mensen dat zich voor de training had opgegeven ook daadwerkelijk op komen dagen. Slechts een handjevol had zonder afmelding toch besloten (althans, dat vermoedden wij) naar Amsterdam af te reizen. De trainingsdag, onder andere over debating-technieken, was voor iedereen erg leuk, concludeerde ik. En ik was ook erg tevreden over mijn rol: het uitleggen van de lokale realiteit en het geven van feedback.

Het leuke van dergelijke bijeenkomsten is het feit dat je altijd weer leuke mensen tegenkomt. Sommigen kende ik al van eerdere bijeenkomsten, anderen alleen van gezicht, velen helemaal niet. Eén van die mensen was Simon. Die overigens de dag erna naar Amerika zou afreizen om daar mee te helpen bij de verkiezingscampagne.

Van Kerry, zul je denken. Nee, hij ging helpen bij de Amerikaanse groenen. Toen hij dat vertelde, maakte blijdschap voor zoveel actiebereidheid op onze gezichten plaats voor droefenis. Hoe kan iemand nu, terwijl Bush en Kerry in de peilingen zo dicht bij elkaar liggen, campagne voeren voor een kleine linkse partij die misschien wel net genoeg stemmen van Kerry afpakt om Bush aan de macht te helpen. Tsja, hij ging voor zijn idealen, niet voor de minst slechte kandidaat.

Gelukkig gaat hij campagne voeren in de staat New York. En daar staat Kerry zo ver voorop (New Yorkers moeten niets hebben van Texaanse conservatieven met een godscomplex) dat een paar stemmen voor de Amerikaanse Groenen niets uitmaakt. Vooruit dan, dacht ik. Stiekem ben ik namelijk ook wel jaloers op zoveel actiebereidheid.

Verkiezingen – do 10 juni

De wekker ging om vijf uur. Ik was al vanaf drie uur wakker. Redelijk uitgerust, maar zonder honger, stapte ik uit bed. Nog even een motie aanpassen voor de vergadering van vanavond en een mailtje sturen naar mijn studenten die het vandaag zonder mij moeten doen. Zelfs mijn column voor Omroep Brabant moest een weekje overgeslagen worden. Om half zes reed ik richting Hoge Vucht, als voorzitter van stemdistrict vijftien, stembureau ’t Kievitsnest, met in mijn koffer voordeursleutel, stemgeheugen en stemsleutel.

Het zitten in een stembureau is één van de mooiere taken die je kunt krijgen. Elke verkiezing weer zijn er tal van mensen die een hele dag zo’n stembureau bezetten em het mogelijk te maken dat iedereen zijn of haar stemrecht kan uitoefenen. Ook veel raadsleden zitten op zo’n dag op een stembureau.

Helaas was de burgemeester van mening dat diezelfde avond om 19.30 de eerste van twee kadernota-vergaderingen gepland moest worden. In die vergaderingen wordt het beleid voor het komende jaar, dus 2005, in grote lijnen uitgezet. Gelukkig wordt er pas in de volgende vergadering gestemd, dus was het niet zo’n groot probleem om rond 21.00 uur even uit de vergadering weg te gaan om het stembureau af te sluiten. Dacht ik…

Tijdens mijn afwezigheid bleek echter een felle discussie te zijn opgelaaid over een plan van GroenLinks over het volkshuisvestingsbeleid. In Breda zijn lange wachtlijsten en is een tekort aan sociale woningen. Sinds kort bepleit onze fractie een nieuwe aanpak, waarin zoveel mogelijk mensen de gelegenheid wordt gegeven een huis te kopen. Het idee is als volgt: huurders krijgen de gelegenheid om hun huis van de woningbouwvereniging te kopen. Met dat geld worden nieuwe sociale woningen gebouwd, waar mensen die nu geen woning hebben, in kunnen wonen. Per saldo neemt het aantal huurders af, een heleboel hebben immers hun woning gekocht en dus hebben we minder huurwoningen nodig. Voor de mensen die wel een hypotheek kunnen betalen, maar deze via de bank niet krijgen (de bank stelt soms onnodig hoge eisen) kunnen via de gemeente of de woningbouwcorporatie een garantstelling voor de hypotheek krijgen met de eigen woning als onderpand, dus in principe kost het de gemeente weinig tot niets.

Van veel mensen om me heen heb ik positieve reacties gehad op dit idee, dat in België voor een deel staand rijksbeleid is. Zo niet uit de politiek. Veel partijen waren erg gereserveerd. De PvdA was zelfs ronduit kwaad: in hun ogen was het een asociaal plan. Ik snap dat niet, want het is geen doelstelling om zoveel mogelijk sociale huurwoningen in je stad te hebben staan. En het is volgens mij ook niet sociaal of links om mensen te dwingen hun hele leven te huren, terwijl ze wellicht liever hun huis in eigen bezit zouden hebben. PvdA-fractievoorzitter Haarhuis zag dat kennelijk heel anders en noemde het plan van GroenLinks ‘zwart-rechts’. Wat weer in het verkeerde keelgat schoot van mijn fractievoorzitter Piet Hein Scheltens en overigens ook de fracties van veel andere partijen.

Henk Haarhuis zal zich achteraf wel op z’n lip gebeten hebben. Een slip-of-the-tongue, even niet goed nagedacht, foutje. Maar zijn excuses wilde hij toch ook weer niet aanbieden.

Zijn de verhoudingen tussen PvdA en GroenLinks nu helemaal stuk? Dat zal wel meevallen. Het is niet leuk om door een andere ‘linkse’ partij, nota bene in een officiële raadsvergadering, bestempeld te worden als rechtse of conservatieve politicus. Althans, niet als je van GroenLinks bent. Debatteer liever op basis van argumenten en standpunten. Aan de andere kant zullen we toch verder moeten en ik ga er nog maar even vanuit dat Henk Haarhuis zelf ook wel snapt dat we niet van plan zijn in bruine overhemden en zwarte laarzen door de straat te marcheren. Wellicht moet ik ‘m dat anders nog eens uitleggen.