Homo Periclitatus – ma 14 aug. 2006

Vanaf het rookbalkon van mijn werkplek in de Tweede Kamer zag ik hoe beneden de straat werd afgezet met rood-witte linten. Angstvallig probeerden agenten het winkelend publiek weg te houden. Was er een bezoek van een bedreigde hoogwaardigheidsbekleder gepland?

Pas uren later las ik via Internet de ware toedracht van het tafereel. Een bommelding. Bij de ingang van het kamergebouw was een verdacht pakketje gevonden met, wat later bleek, daarin een paar schoenen. Ze zullen wel heel lelijk geweest zijn, gezien de consternatie die ze te weeg hebben gebracht.

De helft van de kamer was zelfs tijdelijk ontruimd en elders opgevangen. De fractie van GroenLinks hoefde kennelijk niet verplaatst te worden Wij konden ongestoord doorgaan met ons werk. Ergens geeft me dat niet het meest geruststellende gevoel Wansmaak kan immers dodelijk zijn.

Homo Pugnax – zo 13 aug. 2006

Onderweg naar onze gedeelde douche merkte ik dat de overloop van bovenbuurjongen veroverd was door honderden vliegen. Die allemaal graag samen met mij wilden gaan douchen. Ik vond dat niet zo’n goed plan.

Bovenbuurjongen was het weekeinde in zijn geboortedorp. Dus besloot ik zelf maar iets te doen aan deze Hitchcock-hel. Gewapend met stofzuiger heb ik een bescheiden etnische zuivering in werking gezet. Met succes. Aan het eind van de operatie had ik zo’n honderd vliegen naar de stofzuigerzak gedeporteerd. De toch al bijna volle zak verdween daarna razendsnel in een afgesloten plastic zak.

Ik heb de vliegen daarna een nieuwe biotoop bezorgd in een ondergrondse afvalcontainer, vanaf waar zij binnenkort getransporteerd zullen worden naar een afvalberg. Ik denk dat ze daar een gelukkig leven zullen leiden. Gescheiden van mij en bovenbuurjongen Gelijkheid is een mooi concept, maar soms is apartheid beter.

Homo Aegrotus- za 12 aug. 2006

“Het macabere resultaat van een gestoord idee van vooruitgang.” Zo noemde het Vaticaanse L’Osservatore Romano vorige week het besluit van de EU om voorlopig wèl gewoon door te gaan met de financiering van stamcelonderzoek. Waar haalt de spreekbuis van de paus in vredesnaam het lef vandaan?

Het argument van Bush, Paus en consorten is dat onderzoek met stamcellen van embryo’s immoreel is. Die embryo’s, de restproducten van reageerbuisbevruchting, worden nu bewaard in grote diepvriezers en zullen, als straks de diepvries vol is, ongetwijfeld in de hakselaar verdwijnen, net als vele overbodige kuikentjes in de bio-industrie. Niet het mooiste karaktertrekje van onze westerse beschaving.

Dan kun je er maar beter iets nuttigs mee doen. Stamcelonderzoek kan in de toekomst het leven van miljoenen mensen draaglijker maken. Wellicht vindt de paus dat immoreel, maar levens redden staat in mijn woordenboek nog altijd als positief aangeschreven.

Maar ongetwijfeld heeft de katholieke kerk ook dit maal weer het morele gelijk aan haar zijde. Zij vindt dat embryo’s geen object van onderzoek mogen worden. Het leven is immers heilig. Net als tijdens de onder auspiciën van het Vaticaan georganiseerde kruistochten. En net als toen Pius XII weigerde de jodenvernietiging te veroordelen. Moreel gezien draait de zon nog altijd rond een platte aarde. Zo plat als de morele diepgang van het Vaticaan zelf.

Homo Lugens – vr 11 aug. 2006

Vanavond rouw ik. Ik ben verdrietig. ‘De wereld dreigt te verzeilen in onbeheersbare crisis’, kopte de voorpagina van NRC Handelsblad vanavond. Nooit was het leed van sommigen zo treffend omschreven.

Een vriendin heeft pijn. Vandaag hoorde zij dat haar beste vriendin een onbehandelbare ziekte in haar lijf heeft zitten. Het enige dat er nog gedaan kan worden is levensrekkend. Hoe zou zo’n dokter dat vertellen? ‘Wij behandelen U levensrekkend. Vies woord is dat, levensrekkend. Hoe vertelt zij het haar kinderen van 2 en 4? Mamma is ziek en wordt waarschijnlijk nooit meer beter.

Een goede vriend moet deze maand beginnen aan zijn derde chemo in twee jaar tijd. Daarna gaat ze nieuw beenmerg in z’n lijf boetseren. Het traject is risicovol, ook al weten we dat ie het gaat, nee, moet halen. Op momenten dwalen mijn gedachten naar hem. Ik hoop dat ‘ie daar wat aan heeft.

Een vriend, mag ik hem zo noemen, heeft pijn. Een liefde die onbeantwoord blijft. Herkenbaar. En hoewel er niemand ziek is, niemand sterft, is de pijn net zo hard. Wie lief heeft, maar niets terug krijgt, gaat zelf een beetje dood. Raar dat dat me raakt.

Vanavond ben ik bij alle drie langs geweest. Even, in gedachten. Net als bij Gaya, die er zeven jaar geleden besloot een punt achter te zetten, en bij Raphael, die veel te vroeg een hartaanval kreeg. En bij al die miljoenen andere mensen die allen hebben bewezen dat het leven niet rechtvaardig hoeft te zijn. En ook dat persoonlijk leed geen grootheden kent. Ik rouw vanavond om jullie allemaal.

Homo Desiderans – wo 9 aug. 2006

De krant was goed verteerbaar. Het grote wereldleed en kleine nationale opmerkelijkheden stonden overzichtelijk gerangschikt in een prettig leesbare krant met een bittere afdronk. Mijn ogen bleven hangen bij een verslag uit een schuilkelder in Israël.

Niet dat een verslag uit een schuilkelder nog indruk maakt nu de oorlog de vijfde week ingaat. Doorgaans maakt zo’n verslag melding van langzaam oplopende emoties zoals verveling, angst en agressie. Maar nooit had ik er bij stilgestaan dat zo’n lang verblijf in een schuilkelder desastreus is voor je seksleven.

Nu is mijn voorstellingsvermogen op dit punt natuurlijk danig aangetast door Hollywood. Op het moment dat de spanning ondraaglijk wordt, of het nu in een schuilkelder of op de frontlinie is, beseffen de hoofdrolspelers ineens dat ze toch eigenlijk wel heel erg van elkaar houden. Of misschien wel gewoon zin hebben in een verzetje, maar een verzetje zonder romantische context is in Hollywood natuurlijk strikt verboden.

Ik stelde me al voor, wekenlang opgesloten zitten met een prachtige joodse jongen. Daar moest toch wel wat moois uit voortvloeien. Maar niet dus. Ik had er geen rekening mee gehouden dat in die zelfde schuilkelder ook nog een grootmoeder, zes buren, een viertal oudtantes en de vervelende rotkinderen van tegenover verblijven. Dan is er inderdaad weinig ruimte meer voor een goed potje seks. Laat staan voor romantiek. Wat is oorlog toch naar.

Laat er maar snel een wapenstilstand komen. Dan kan er ten minste weer gevreeën worden. Hoe zei John Lennon dat ook al weer? O ja, make love, not war.

Homo Artifex – di 8 aug. 2006

Over een ruime maand is het weer Breda Barst, het jaarlijkse popfestival van Breda dat inmiddels zijn elfde editie gaat beleven. Hoog tijd voor de decorgroep om eens bij elkaar te komen en wat ideeën uit te werken. Want om nou alleen maar decorstukken te recycleren, vonden we wat mager.

Dat zijn de momenten waarop soms heel essentiële vraagstukken naar boven komen. Bijvoorbeeld waar al die decorstukken opgeslagen moeten gaan worden. Zeker nu onze werk- en opslagruimte, een oude loods in een bedrijfspand waar één van onze vrienden anti-kraak in woont, tot verboden gebied verklaard is. Kennelijk was de verhuurder niet erg gecharmeerd van dit ‘commerciële’ gebruik van de door hem beschikbaar gestelde woonruimte. Commerciële activiteiten in een bedrijfspand, het moet ook niet gekker worden.

‘Waarom moeten we het eigenlijk persé bewaren?’ gooide ik de knuppel maar eens in het hoenderhok. Moeten we werkelijk elk jaar alles steeds maar terug laten komen. Het was een gewaagde stelling: ik wilde toch niet serieus voorstellen dat we alles elk jaar weg zouden gooien? Nou niet alles, maar onze bewaardrift staat de creativiteit nogal ‘s in de weg, heb ik het idee. Wat we nu doen heeft iets weg van kliekjesdecor.

Joris stelde een compromis voor: hij zou zich storten op de decorstukken die bewaard moesten blijven, dan kon ik wel werken aan het wegwerpdecor. Ik kon er niet om lachen.

Homo Dubitans – ma 7 aug. 2006

Het zijn van die vragen waar je vaak niet bij stilstaat. Opmerkelijkheden die desondanks onopgemerkt voorbijgaan. Maar weet iemand waarom er vrolijke, dansende kinderen op het keukenpapier van de Appie gedrukt staan?

Als ik keukenpapier nodig heb is er doorgaans iets vervelends gebeurd: ik heb iets gemorst. Dar is ook meteen het enige waar ik de keukenrol ooit voor nodig heb. Ik doe al een jaar met dezelfde rol en die is pas half op. Een heel enkele keer smokkel ik en gebruik ik zo’n zacht absorberend velletje ook als zakdoek.

Maar dat is geen verklaring voor de vrolijke, dansende kinderen. Of zou het zijn dat vrolijke, dansende kinderen stiekem eigenlijk mormels zijn die dankzij hun gebrekkig oorzakelijk denken altijd het hele huis vies maken. Waarna dan de ijverige huismoeder, gewapend met een keukenrol, vlijtig gaat zitten schoonmaken.

Kinderen, ze worden pas draaglijk als zij in hun eigen keukenpapier kunnen voorzien.

Homo Cithara – zo 6 aug. 2005

Ik begon de dag maar eens met heerlijk uitslapen, tot het moment dat mijn blaas besloot dat het echt tijd was om op te staan. Dat kwam stiekem wel goed uit. Ik had nog een paar uurtjes werk op de planning staan.

Rond een uur of half vijf vond ik het welletjes geweest. Het was immers een zonnige zondag en op het terras van poppodium MeZZ stond een acoustische sessie van Lily on a Dustbin gepland. Ik had half om half afgesproken daar vrienden Joost en Sebi te ontmoeten. Sebi’s levensgezellin Perlita was er ook.

Het optreden beviel, en het gezelschap ook, dus om de groep niet te hoeven opbreken besloten we de middag door te zetten tot de avond en dronken we en aten we een hapje op het terras van de Boulevard, waar Joost en Sebi afwisselend op een gitaar met nylon snaren gedreven probeerden meezing-kampvuurliedjes te verzinnen.

Ik geef toe, geen spannend verhaal. Gewoon een aangename, zwoele zomeravond op een Brabants terras met vier mensen en een gitaar met nylon snaren en enkele glazen Hoegaarden. Soms heeft een mens niet veel nodig om gelukkig te zijn.

Homo Celebrans – za 5 aug. 2006

Ooit, nog lang voordat ik geboren werd, was er een vrouw met haar man in Spanje, waar zij van een Engels man een zeer geheim en evenzeer lekker recept voor Sangria kreeg. Die vrouw werd later mijn Moeder. Vandaag was ze jarig.

Ze had haar geheime en evenzeer lekkere recept weer eens van stal gehaald en voor de hele goegemeente Sangria gebrouwen. Rond drie uur ging ik bij haar langs. Al om vier uur zat ik aan de Sangria, want de hele dag koffie is ook niets op een zaterdag.

Het was, ik schaam me dood voor een vent van 28, mijn eerste Sangria-ervaring. Ik werd Sangria-ontmaagd. Het smaakte naar meer. Wat is dat spul tering-lekker zeg. Ik heb de rest van de middag en avond flink mijn best gedaan om een groot gedeelte van de voorraad zelf soldaat te maken. Tussendoor mocht ik gelukkig blijven eten.

Het was natuurlijk ontzettend gezellig, met oma die zes keer hetzelfde verhaal vertelde. Met mijn broer en schoonzus die mij konden vertellen dat hun plant, die zij van mij voor hun verjaardag gekregen hadden het nog steeds deed (niet te veel water geven, dus dat komt bij mijn broer vast wel goed). Met alle vriendinnen van mijn moeder met wie ik als homo uiteraard bovennatuurlijk gezellige gesprekken kan hebben. En met de driepotige poes Tjits van de achterburen, die mij, nu ik niet meer bij mams thuiswoon, al weer lange tijd moet missen, maar desondanks gewoon een uur op mijn schoot kwam liggen spinnen.

O ja, moeder is 58 geworden maar ziet er nog steeds tien jaar jonger uit (hè mam?) en heeft van mij een cd van Kate en Anna McGarrigle gekregen, de moeder en tante van die heerlijke Rufus Wainwright van wie het nummer ‘Beautiful World’ zeker op mijn uitvaart gedraaid moet worden. Gefeliciteerd Ma!