Homo Reclamans – 12 t/m 14 juni 2007

axie

De ‘week of hell’. In ieder geval agenda-technisch. In de week van de presentatie van het 100-dagen-plan van het kabinet hield CoolClimate een klimaatvierdaagse. En daarnaast waren er ook nog tal van bijeenkomsten, overlegjes en vergaderingen. Dat moest wel fout gaan.

Dinsdag ging eigenlijk prima: ik stond na een korte nachtrust ’s ochtends vroeg bij het americain-hotel, waar Mirjam de Rijk en Ruud Lubbers pleitten voor het gebruik van tweede generatie biobrandstoffen in de Rotterdamse Haven. Woensdag was al wat lastiger. Om op tijd in het Bulderbos te zijn, zou ik om kwart over zeven opgehaald worden in Haarlem. En daar kun je vanuit Breda met de trein zo vroeg niet komen, dus bleef ik crashen op de bank bij Jaap in Delft, waar ik om vijf uur gewekt werd door de wekker op mijn mobieltje.

Donderdag ging het mis. De vorige avond kreeg ik een SMS-je of ik, dit maal als chauffeur van een camper die nodig was voor de actie van donderdag, om acht uur in plaats van tien uur in Den Haag kon arriveren. Hoewel ik al een paar nachten te kort had geslapen, zei ik desondanks ja. Maar sliep vervolgens, ondanks het irritante geluid, de volgende ochtend keihard door het electronische en doorgaans zeer irritante geluid van mijn wekker. Met als gevolg dat ik niet voor, maar midden in de spits naar Den Haag reed. En als bijkomend probleem dat het nog eens extra druk was op de wegen. En dus zelfs de oorspronkelijke tijd van tien uur niet eens haalde.

Die ochtend was ik eigenlijk al helemaal gesloopt. Desondanks wachtte donderdagavond ook nog een lange raadsvergadering, met onder andere het voor onze achterban gevoelige dossier Bouvigne op de agenda.

Homo Valedicens (2) – ma 11 juni 2007

Lege stoel

Regelmatig moeten we aan het begin van een raadsvergadering gaan staan, omdat er weer eens een oud raadslid is overleden. Meestal zijn dat relatief onbekende figuren die jaren geleden ooit eens in de raad hebben gezeten. De burgemeester leest dan een in memoriam voor. Daarna gaat iedereen over tot de orde van de dag.

Vanavond was een speciale vergadering belegd om het veel te vroege overlijden van Joep Augenbroe te herdenken. Op de eerste ring zijn naaste familie en zijn partijgenoten. Op de tweede ring bleef de stoel van Joep leeg. Op de publieke tribune vrienden, familie, partijgenoten. Volle bak.

Twee anekdotes nog over Joep. In de vorige periode ging een groot deel van de gemeenteraad na een vergadering altijd nog wat naborrelen in café Publieke Werken. Fractiegenoot Piet Hein en ik gaan echter altijd naar De Beyerd. Op één zo’n avond stapte Joep, samen met fractiegenoot en inmiddels fractievoorzitter André Lips De Beyerd binnen. „En vandaag drinken jullie op onze kosten”, riep Joep en bestelde een rondje.

Een ander moment, wederom na een raadsvergadering. Piet Hein en ik fietsen gezamenlijk naar huis. Een grote en dure auto rijdt, tot onze schrik, met behoorlijke snelheid recht op ons af. De auto stopt vlak voor ons. Joep stapt gul lachend uit en zegt „hoe voelt het nou om eens bijna geschept te worden door een echte auto”.

Joep was soms een kwajongen. Iedereen kent wel een paar van zijn streken. Ze zullen gemist worden.

Homo Spatians – zo 10 juni 2007

Markdal

Om het Markdal, één van de mooiste stukken natuur in Breda, wat meer onder de aandacht te brengen, had GroenLinks een natuurwandeling georganiseerd. Als fractievoorzitter mocht ik natuurlijk niet ontbreken bij deze educatieve tocht.

De wandeling werd begeleid door een gids van het Instituut voor Natuureducatie. Die, toegegeven, werkelijk alles wist over de blaartrekkende boterbloem, de dwergbies en de Canadese gans. Nadeel daarvan was dat we om de tien meter moesten stoppen om weer een ander wonder van de natuur te bestuderen. En ik ben dan toch iemand die liever flink doorstapt.

Voor andere deelnemers gold dat niet. Bewapend met verrekijkers en vergrootglazen werd door enkele oudere dames elke vierkante centimeter nauwkeurig geobserveerd. ‘Wat is dit voor plantje?’, vroeg de één aan de ander. De ander noemde de naam van het paarsige plantje. ‘Interessant’, reageerde de vrouw, ‘het is alleen zo jammer dat ik het vanavond allemaal weer vergeten ben’.

Homo Valedicens (1) – vr 8 juni 2007

Joep

Het was ongekend druk op het voorplein van de Sacramentskerk. Het duurde nog even voordat de kerkdeuren open gingen. Daar maakten velen gebruik van door nog snel even een sigaret op te steken.

De kerk puilde uit. Familie, vrienden, politici en collegae, parochiegenoten. Mensen met wie Joep vanuit één van zijn functies wel eens te maken had gehad. Joep was een onvermoeibaar mens.

Een jaar geleden werd Joep een beetje ziek. Maar geen dokter die toen wist waar hij last van had. Dat werd pas een maand geleden duidelijk. Maar toen was het al te laat.

Als prominent raadslid stond Joep regelmatig in de krant. Maar in alle jaren had hij vrijwel nooit een krantenknipsel bewaard. Daar had hij nu spijt van. Vanwege zijn driejarige zoontje. Die had hij graag een tastbaar bewijs van zijn politieke drive nagelaten. En dus had de politiek redacteur van BN/DeStem een hele stapel artikelen uit het archief opgezocht en bij Joep afgeleverd.

Van alle sprekers wist directeur Heerema van het Havenbedrijf waar Joep werkte, hem misschien nog wel het meest treffend te typeren. Je moest stiekem wel lachen, de manier waarop hij de inzet, het karakter maar vooral ook de humor van Joep neerzette. ‘Dat volgende biertje, dat pakken we nog wel, daarboven’. Het moment dat het zoontje van Joep één van de kaarsen rond de kist aanstak, was ontegenzeggelijk het meest aangrijpend. Om te janken.

Het was een klamme, drukkende dag. Geen wolkje aan de hemel, maar een loodzware lucht.

Homo Narrans (1) – 4 t/m 7 juni 2007

Koorkamp in de Ardennen 

De maandag begon opmerkelijk vrolijk. Met het zaterdagse drankgelag in de Ardennen inmiddels uit mijn systeem, maar de zondagse middagwandeling door de Ardennen nog enigszins in de benen, stapte ik ’s ochtends uit de trein en wierp ik een euro in de gitaartas van straatmuzikant Chuck Deely.  Het was het begin van wat een lange, drukke en inspannende maand beloofde te worden. Met de afwezigheid op dit web-log als – letterlijk – stille getuige.

De fractievergadering van de maandagavond was een behoorlijk inspannende, vanwege de voorbereiding op de Kadernota 2008, die aanvankelijk later die week in de gemeenteraad behandeld zou gaan worden. Op dat moment wisten we nog niet wat we de volgende ochtend te horen kregen, namelijk dat het ernstig zieke collega-raadslid Joep Augenbroe die avond was overleden. Er was al afgesproken dat als dit zou gebeuren – het gebeurt immers gelukkig niet zo vaak dat een zittend raadslid overlijdt – alle activiteiten zouden worden opgeschort. Dat gold ook voor de behandeling van de kadernota. Ik kom later op dit weblog nog terug op Joep. Die aandacht verdient hij.

Dinsdagavond eten bij Bart, een goede vriend in Den Haag. Ik had beloofd hem te helpen met het installeren van zijn laptop, alhoewel ik achteraf niet begrijp waarom ik daar uitgerekend deze drukke week voor had uitgekozen. Anderzijds is het in mijn leventje de laatste tijd altijd druk, zij het in verschillende tinten, dus deze avond was zo goed als elke andere.

Woensdagavond naar het koor. Er moest nieuw repertoire ingestudeerd worden. Shanties, om precies te zijn. Niet dat we ineens een zeemanskoor zijn geworden, maar ons koor is gevraagd om bij de heropening van de Bredase haven een deel van het programma te verzorgen. En dus moeten er in een maand tijd een achttal nieuwe nummers ingeramd worden. Meerstemmig, ook dat nog.

En toen was het donderdag. Eigenlijk zou die avond de Kadernota behandeld worden, één van de belangrijkste financiële documenten van het jaar. Maar die vergadering was dus opgeschort vanwege het overlijden van collega-raadslid Joep Augenbroe van het CDA. Nu wil het dat diezelfde avond ook het begeleidingspanel Organisatie van de Commissie van Ojik bij elkaar kwam op het landelijk bureau van GroenLinks. Die bijeenkomst had ik eerder al afgezegd, maar nu de raadsvergadering was opgeschort, kon ik er toch naar toe. Ergens volde het een beetje morbide: toch bij een bijeenkomst kunnen zijn omdat er iemand is overleden. Maar ik ben toch maar gegaan. Een avond verplicht voor de buis hangen of de kroeg induiken leek mij minstens zo dubieus.

Et tu, Oscar? – vr 1 juni 2007

Stembiljet

Naast sturen op hoofdlijnen en het controleren van het bestuur , behoort de volksvertegenwoordigende taak van een politicus tot de belangrijkste taak. Juist daar hebben de GroenLinks-fractie in Zuid-Holland en één statenlid in Noord-Holland het laten afweten. Daarmee hebben zij hun krediet als vertegenwoordiger verspeeld.

Politici moeten zelf actief op zoek gaan naar de mensen die zij menen te vertegenwoordigen. Dat zijn in eerste instantie de eigen leden en, minstens zo belangrijk, dat smaldeel van de kiezers dat op GroenLinks gestemd heeft. Aan hen moeten de volksvertegenwoordigers verantwoording afleggen over hun werkzaamheden. Zij hebben immers het recht te weten wat er met hun stem gebeurd is. Van hen krijgt de politicus het mandaat op basis van het verkiezingsprogramma en de partijbeginselen, aangevuld met het persoonlijk profiel, vier jaar lang politiek te bedrijven.

Wanneer de politicus meent af te moeten wijken van deze drie kiezersbeloften, ontstaat een nieuwe situatie. Allereerst zal de politicus vooraf in discussie moeten met de eigen directe achterban, de leden. Daarnaast zal de politicus zijn best moeten doen om ook met de kiezers van gedachten te wisselen. Tot slot zal er verantwoording afgelegd moeten worden over de gemaakte keuze.

Terug naar de politieke realiteit. Eén statenlid in Noord Holland heeft gemeent bij de verkiezing voor de Eerste Kamer ongeldig te moeten stemmen. Cheryl Braam zegt ‘per ongeluk’ een verkeerd vakje aangekruist te hebben en daarna maar zeven hokjes rood gekleurd te hebben. Er vanuit gaande dat die verklaring juist is, diskwalificeert zij zichzelf als statenlid op grond van onkunde.

Minstens net zo discutabel is de handelswijze van de fractie in Zuid-Holland. Uit ‘protest’ hebben zij de door het congres vastgestelde lijstvolgorde genegeerd en hun stem uitgebracht op Jan Laurier, die hiermee een voorkeurszetel krijgt. Daarvan is kandidaat-senator Yolan Koster de dupe. Fractievoorzitter Oscar Dijkhoff zegt zorgvuldig te werk gegaan te zijn om tot zijn beslissing te komen. Drie maanden lang heeft hij er met zijn fractie over nagedacht en erover gesproken met zijn afdelingsbestuur en enkele kaderleden, zo schrijft hij.

Het argument dat hij aandraagt voor het afwijkend stemgedrag van zijn fractie, namelijk dat de partijtop te veel invloed op de lijstsamenstelling gehad zou hebben, is op zijn minst discutabel en zijn kwalificatie van een zorgvuldige afweging geeft totaal geen pas. Op geen enkel moment heeft hij zijn intentie kenbaar gemaakt aan de leden in de provincie. Dijkhoff heeft selectief lopen winkelen onder bij hem bekende kaderleden. Aan dit zware besluit is geen ledenraadpleging vooraf gegaan. En de 65.684 kiezers zijn al helemaal nooit om hun mening gevraagd. Een eenzijdige beslissing van de Zuid-Hollandse partijtop dus, zonder democratische legitimatie.

Daarmee heeft de gehele fractie van Zuid-Holland zich gediskwalificeerd als vertegenwoordiger. Tijdens de verkiezingscampagne sprak lijsttrekker Oscar Dijkhoff nog plechtig de volgende woorden. “Bovendien vind ik dat een politicus voorrang moet geven aan het vertegenwoordigen van de standpunten van zijn achterban boven zijn eigen persoonlijke standpunten.” Die belofte heeft hij nu flagrant gebroken. Als fractievoorzitter en eerst verantwoordelijke voor het stemgedrag van zijn fractie zou het hem sieren als hij zijn zetel ter beschikking zou stellen.

Homo Stupefactus – wo 30 mei 2007

wie heeft er vuile handen?

Wat een ongelooflijke ellendige klootzakken – en nog een hoop ergers. Zo ongeveer was mijn eerste reactie. Het grote voordeel van achterlopen met je weblog is, dat het niet die allereerste reactie was, die ik op nu op het wereldwijde web gepubliceerd heb.

Dinsdagochtend werd duidelijk dat GroenLinks geen vijf, maar slechts vier zetels in de Eerste Kamer zou krijgen. Op dinsdag stemden in heel Nederland namelijk de provinciale staten om de zetelverdeling van de Eerste Kamer. Op grond van een lijstverbinding met de Partij voor de Dieren hadden wij hoop op een vijfde restzetel.

Die kwam er echter niet, omdat een GroenLinks-statenlid in Noord-Holland
een ongeldige stem had uitgebracht. Verbijsterend, want een ongeldige stem uitbrengen, doe je als Statenlid niet per ongeluk, zou je zeggen. Het moest wel opzet zijn, zo dachten we. Opzet, om zo Herman Meijer uit de senaat te houden. Vanwege zijn opstelling in de affaire Pormes, of omdat hij door de Platvoet-aanhang zo ongeveer persoonlijk verantwoordelijk wordt gehouden voor de ‘Vrije Val van Platvoet‘ op het afgelopen ledencongres. Of misschien vanwege het nergens op gebaseerde en steeds terugkerende gerucht weer eens de ronde doet dat Herman het met kleine jongetjes zou doen.

Daarmee ging de restzetel van de lijstcombi GroenLinks/Partij voor de Dieren niet naar één van ons, maar naar de SP. Overigens, zo bleek later op dinsdag, zou de restzetel vanwege een extra stem van een onafhankelijk statenlid in Utrecht op de PvdD, sowieso niet naar GroenLinks gegaan zijn. Dus eigenlijk is het de Partij voor de Dieren die nu de dupe is van het bizarre gebeuren in Noord Holland. Daar ontkende tot woensdag overigens iedereen degene te zijn geweest die maar liefst zeven vakjes had roodgekleurd, waarmee het stembiljet ongeldig werd.

In Zuid-Holland had de hele fractie overigens ook nog een voorkeurstem op Jan Laurier uitgebracht, die daarmee in plaats van Yolan Koster in de Eerste Kamer komt. Ook hier kan ik me niet aan de indruk onttrekken dat gaat om een afrekening met Herman Meijer. In de politiek maak je kennelijk geen vrienden.

Ondertussen holde ik, met een naar gevoel over vijfde colonnes binnen mijn eigen partij, naar mijn volgende commissievergadering in verband met de kadernota.

Homo Cyclicus – vr 25 mei 2007

geef onze fietsen terug

De gemeente heeft aangekondigd dat verkeerd geparkeerde fietsen in de binnenstad voortaan verwijderd zullen worden. Een vrolijke anarchist als ik krijgt meteen kriebelende nekharen.

Toegegeven, soms is er geen doorkomen aan in de binnenstad. Bepaalde plaatsen staan soms vol met fietsen, tot last van enkele ondernemers van wie de etalage niet meer zichtbaar is of die om hun terras op te bouwen eerst een half uur fietsen moeten verplaatsen.

Toch schoot het persbericht van de gemeente Breda me een beetje in het verkeerde keelgat. Want in de binnenstad zijn simpelweg te weinig betaalde en onbetaalde fietsenstallingen. Vrijwel nergens is een rijtje rekken te zien waar mensen even hun fiets in kunnen klemmen. En dan krijg je dus vanzelf al die wildparkeerders.

Wat me ook niet beviel was de mededeling dat de fietsen overgebracht zouden worden naar de Riethil. Dat betekent dat de fietser van wie de fiets zojuist verwijderd is, zo’n 2,5 kilometer moet lopen om tegen betaling van 25 euro boete zijn fiets terug te krijgen. Oneerlijk: een verkeerd geparkeerde auto wordt in Breda – bizarre uitzonderingen van overlast daargelaten – nooit weggesleept. Auto’s krijgen niet eens een wielklem, maar slechts een prent onder de ruitewisser.

Ik heb er schriftelijke vragen over gesteld. Even dacht ik in een lollige bui nog een verwijzing te kunnen maken naar een regime dat ooit ook eens overging tot het massaal confisqueren van fietsen. Een leuke vergelijking om te gebruiken in een column, wellicht. Maar als politiek argument vooral onsmakelijk. Gelukkig kan deze vrolijke anarchist zich af en toe ook beheersen.

Homo Excludens – do 24 mei 2007

Stijle hellingbaan

In de commissie van gisteren ging het over ‘inclusief beleid’. Vandaag hoorde ik een aantal keren het begrip ‘maatwerk’ vallen. In plaats van algemene oplossingen proberen gemeentes steeds vaker individuele oplossingen voor individuele problemen te vinden.

Inclusief beleid wil zeggen dat je bij al je plannen in de uitvoering rekening houdt met zoveel mogelijk verschillende mensen. Lichamelijk gehandicapten bijvoorbeeld, door te zorgen dat bij de inrichting van de openbare ruimte gezorgd wordt dat ook zij zo zelfstandig mogelijk kunnen bewegen.

Dat blijkt nogal weerbarstig in de praktijk. Bij het ontwerp van de nieuwe haven is dat mis gegaan. De lage kade is voor mensen in een rolstoel onbereikbaar, omdat de hellingbaan te stijl is. Dat moet nu opgelost worden met een lift of iets dergelijks. Een dure oplossing, die voorkomen had kunnen worden als we op tijd hadden nagedacht.

Dat de problematiek weerbarstig is, bleek ook uit de buffetmaaltijd die de commissieleden deze dagen voorgeschoteld krijgen. Doordat de commissievergaderingen al om vier uur ’s middags begonnen, is er warm eten voor de dames en heren politici. Maar aan de vegetariër is niet gedacht. Nu ben ik gelukkig heel flexibel in mijn nieuwe overtuiging. Ik at mee met datgeen de pot schafte. Voor iemand die met een rolstoel voor een onbegaanbare hellingbaan staat is het een stuk lastiger om zich flexibel op te stellen.