Once more unto the breach – 25 t/m 28 mei 2006

We waren er weer ingetrapt, Sammy en ik. We waren opnieuw de lul, voor het zoveelste achtereenvolgende jaar. En we zaten eraan vast.

Na jaren als vrijwilliger te hebben gewerkt voor het Bredase Jazzfestival ben ik daar vorig jaar mee gestopt. De reden was dat de commissie Wapperende Handjes, waar ik toe behoorde, het, eufemistisch gesteld, niet helemaal eens was met de wijze waarop de organisatie werd aangestuurd.

Enkele weken voor het Jazz Festival. Leo van Lieshout hangt aan de telefoon: ‘Ik ga iets doen met het Jazz Festival, doe je mee?’. En voor ik een antwoord kon bedenken had ik natuurlijk al weer ‘ja’ gezegd (zie web-log di 7 sept 2004).

Vier dagen lang stonden we bij zijn podium op de Nieuwe Veste. Waar muzikanten als Relax, Jan Akkerman en Bergit Lewis werden afgewisseld door jong talent van de hoog aangeschreven Bredase muziekschool De Nieuwe Veste. En hoewel het bezoekersaantal door de bijna continue stroom regen erg tegen viel en de omzetcijfers nauwelijks voldoende om de stroomrekening te dekken, was Leo niet ontevreden. ‘Weet je het eerste jaar Breda Barst nog’, vroeg hij, memorerend aan het verlies wat de kleine anderhalf duizend bezoekers tellende eerste editie van Breda Barst.

En zo kwamen russen de regenbuien en de optredens door voor de zoveelste keer de oude verhalen van voorbije festivals langs. Waarschijnlijk is dat de reden waarom we er elke keer weer intrappen. Omdat we het er zo verdomd goed naar onze zin hebben.

Dag Marijke – di 23 mei 2006

Marijke Vos nam afscheid van de Tweede Kamer. Ze is wethouder geworden in Amsterdam. Het einde van twaalf jaar kamerlidmaatschap, dat haar de waardering van milieuorganisaties, later vluchtelingenorganisaties en nog later zo’n beetje de gehele Nederlandse bevolking heeft opgeleverd.

Hoe wordt je als GroenLinks-politicus populair? Door voorzitter te worden van de parlementaire enquêtecommissie ‘bouwfraude’. Of eigenlijk ‘bouwnijverheid’, zoals hij eufemistisch genoemd werd.

Minder populair zal ze zijn bij de bouwbedrijven zelf. Zij vinden politici namelijk alleen maar leuk als ze dure dingen willen laten neerzetten, gemaakt van veen beton. Maar tegen Marijke waren ze niet opgewassen, ze heeft er tijdens haar enquêtedagen zelfs eentje aan het janken gekregen.

Er werd gelachen, gespeeched en gedronken. De ene anekdote volgde na de ander. En na het officiële deel ging het afscheid verder op een terras aan het Plein. De Tweede Kamer zal haar nog missen.

Retour Den Haag – ma 22 mei 2006

Om een net zo dramatische vertraging als de vorige maand (zie blog di 18 apr 2006) te voorkomen, nam ik, naar goed treinforenzisch gebruik, een trein eerder. Met een beetje geluk had ik vertraging en kon ik mijn krant uitlezen. De NS werkte niet mee, ik kwam een half uur te vroeg aan.

De andere gesprekspartners hadden minder geluk met hun dagindeling. Zij liepen uit, waardoor ik uiteindelijk in het Tweede Kamergebouw alsnog mijn krant heb kunnen uitlezen. Dat overigens wel pas nadat de beveiligingsbeambten mijn tas uitvoerig hadden gecontroleerd via hun scanner. Kennelijk geldt de opiniepagina van het NRC niet als gevaarlijk.

Ook moet je door een sluis, waar je maar met één persoon door kan. Alles lichter dan 50 en zwaarder dan 125 kilo wordt niet doorgelaten. De Tweede Kamer is niet gemaakt voor dikke mensen. Ook de tourniquets bewijzen dat ook maar al te graag. Ik vraag me stiekem af of Erica Terpstra er wel eens in is blijven steken. Zo ja, had ik er graag bij geweest. Niet om haar uit te lachen, maar om een aanklacht te kunnen indienen tegen het systeem. Ik klaag graag over het systeem. Het maakt het leven draaglijk.

Strategiedag – za 20 mei 2006

De Stategiedag van GroenLinks ging over kosmopolieten, urban-jongeren en over beeldvorming en imago. Maar de meest interessante gesprekken vinden plaats aan de randen van dit soort bijeenkomsten. Bijvoorbeeld toen Femke Halsema en ik bij gebrek aan een asbak maar bij de open haard van het sociëteitsgebouw gingen zitten.

Het was koud en regenachtig. En Femke zag er een beetje ontdaan uit. Het debat over Ayaan Hirsi Ali was haar niet in de koude kleren gezeten en ze had diverse keren contact gehad met het ex-kamerlid. Ze had, zo vertelde ze, er zelfs niet van kunnen slapen. Het lijkt voor de buitenwacht misschien vreemd, maar Femke en Ayaan kunnen het, ondanks hun meningsverschillen, goed met elkaar vinden.

Partijbijeenkomsten vinden doorgaans plaats, zo wil de wet van Murphy, op zonnige dagen waarop een ieder liever buiten in de zon zit dan binnen. Dat was vandaag anders. De mistroostigheid buiten was alles behalve aanlokkelijk. En de hoosbui na het einde van de bijeenkomst, precies op het moment van vertrek, joeg de overgebleven GroenLinksers de eerste de beste kroeg in. Bij de haard of aan de bar, daar zochten we de geborgenheid die in de Nederlandse politiek de laatste tijd zo ver te zoeken is.

Duaal debatteren – do 18 mei 2006

De Cursus duaal debatteren kende winnaars noch verliezers. Volgens de beste Olympische traditie was meedoen belangrijker dan winnen. Toch was het een kleine tegenvaller toen de een debat over een vooraf opgelegde stelling in het voordeel van de opponenten uitviel.

Voor de rest was de debattraining een nogal a-politiek gebeuren. Zoals fractievoorzitter Joep Taks mij ooit eens in de raad toewierp: „maar Mijnheer Akinci, de raad is geen debat-clubje.” En daar heeft hij tot op bepaalde hoogte gelijk in. Zelfs een ijzersterk debater kan vaak de vooraf ingenomen stellingen niet veranderen. Het politieke debat is nu eenmaal vaak een debat voor de bühne, waarbij iedereen nog eens de eigen standpunten uiteenzet en probeert iemand met een andere mening daarop te attaqueren. Dat is niet altijd goed, maar het is helaas nu eenmaal wel de realiteit.

Politiek speelt zich soms af in de wandelgangen, op bijeenkomsten en in telefoongesprekken. De raad is daarvan het openbare resultaat, de verantwoording van dat proces en ook de democratische legitimatie. Politiek is meer dan debatteren. De raad, daarentegen, is zo bezien eigenlijk toch niet veel meer dan een debatclubje. Toch, mijnheer Taks?

Jaarrekening – wo 17 mei 2006

In de commissie bestuur werd de jaarrekening besproken. Vroeger gebeurde dat in de rekeningcommissie, maar deze commissie is afgeschaft. Voeg dat bij het grote aantal nieuwe raadsleden die sinds de verkiezingen in de raad zitten, en je krijgt iets geheel nieuws.

‘Ja, maar dit is niet de bedoeling’, sputterde wethouder Henk Snier nog even tegen. En ook al had hij alle gelijk van de wereld, hij kreeg het niet. De commissie bestuur deed namelijk iets heel vreemds: een aantal nieuwe raadsleden ging politiek bedrijven. Maar heren, zo doen wij dat niet.

De jaarrekening is de weerslag van de geldstromen van het afgelopen jaar (bent U er nog). En in de rekeningcommissie werd altijd een oordeel geveld over de kwaliteit van de verslaglegging van die geldstromen (nog even bij blijven). Daarnaast gaf de rekeningcommissie een oordeel over de financiële risico’s die de gemeente loopt en de mate waarin deze zijn afgedekt. Maar de rekeningcommissie hield zich nooit bezig met politiek. Dat, mijne heren, was werk voor de voltallige raad.

Maar nu de rekeningcommissie is afgeschaft en de commissie bestuur voortaan de jaarrekening mag voorzien van commentaar, is deze regel kennelijk vergeten. En aangezien de oud-voorzitter van de rekeningcommissie de huidige wethouder financiën is, kon ook hij er niets meer over zeggen. Behalve dan die ene opmerking. ‘Dat het toch niet de bedoeling kon zijn dat er hier politiek bedreven ging worden.’ De commissieleden keken hem meewarig aan. Zij waren toch immers politici.

De wethouder kreeg slechts stille steun van de commissielid Frank van Overveld en van mijzelf. De enige overgebleven leden van de oude rekeningcommissie. Wij stelden slechts technische vragen over de verslaglegging. Want bij het bespreken van de jaarrekening in de commissie, mijne heren, wordt er géén politiek bedreven. Wat de rest er ook van vindt.

Ayaan – di 16 mei 2006

Lieve Ayaan,

Volgens mij ben ik in het verleden niet altijd even aardig tegen jou geweest. Niet dat ik daar spijt van heb, je was zelf immers soms ook nogal behoorlijk grof. Maar, dat vinden we waarschijnlijk beiden, een politiek debat mag soms best scherp gevoerd worden. En ik ben het nu eenmaal oneens met jouw polariserende opstelling in het islam-debat. Ik blijf van mening dat je jouw verlichtingsideaal niet af kunt dwingen. En daarnaast houdt verlichting ook in dat je tolerant bent naar mensen die er minder humanistische ideeën op na houden. Dat mis ik bij jou, en nog meer bij je vriendje Wilders.

Maar daar gaat het nu niet om. Verdonk is dit weekeinde tot de conclusie gekomen dat ze jou nationaliteit wil gaan afpakken. Of, zo beweert zij, eigenlijk wordt je geacht deze nooit gehad te hebben. Je hebt immers gelogen bij je asielaanvraag, zo heb je ook zelf toegegeven. En Verdonk is nu eenmaal een autistische minister. Zij noemt dat zelfde recht door zee’, maar eigenlijk is ze een niets ontziende regelneuker.

Ik heb met verbazing zitten luisteren naar de ontwikkelingen van de afgelopen dagen. Het zal voor jou een klap in je gezicht zijn geweest. Dat het land waar je in korte tijd zo’n onvervreemdbaar onderdeel van bent geworden jou op zo’n schofterige manier behandelt. Ik spreek er schande van. En velen met mij.

Ik vond je sterk in je persconferentie, die je, naar ik begrepen heb, samen met Leon de Winter hebt voorbereid. Je deed het geweldig. Een prachtige toespraak, met een krachtige presentatie. Misschien wel je sterkste optreden tot nu toe. Respect daarvoor. Het zal niet makkelijk geweest zijn in een ongetwijfeld zeer emotionele periode.

Je hebt je Kamerlidmaatschap opgezegd. Misschien is dat niet zo erg. Je bent immers meer actievoerder dan parlementariër. De Tweede Kamer is niet echt jouw podium. De reden voor je afscheid vind ik diep triest. Liever had ik een vrolijker, ongedwongener afscheid gezien.

Je gaat nu vervroegd naar Amerika, waar je onderdeel wordt van een denktank en waar je je opnieuw bezig zal houden met ‘jouw’ onderwerp, de relatie tussen het westen en de islam. Eén ding kan ik alleen niet begrijpen; dat je in een zo oer-conservatieve denktank gaat zitten. Volgens mij past dat niet bij je. En dat weet je zelf volgens mij eigenlijk ook wel. Je hebt je altijd beziggehouden met emancipatie. En dat is een progressief ideaal. Je noemde je ook niet voor niets altijd behorend tot de linker-vleugel van de VVD, alhoewel ik zelf bij die opmerking ook wel eens mijn wenkbrauwen moest fronzen. Wat moet iemand als jij nu bij een conservatieve denktank die jouw idealen niet, maar hooguit jouw afkeer tegen de islam deelt. Desondanks hoop ik dat je er op je plaats bent. Misschien kun je vanaf je nieuwe werkplek de neo-cons in Amerika ook wat verlichting bijbrengen.

Ik wens je het allerbeste,
liefs,

Selçuk Akinci

accountancy – ma 15 mei 2006

In de politiek hebben de meeste fracties één financieel specialist. Maar eigenlijk is dat niet goed. Oud-raadslid en thans financieel wethouder Henk Snier zei altijd dat de raad eigenlijk uit 39 financieel specialisten moest bestaan. Het budgetrecht is namelijk zo’n beetje het belangrijkste sturingsinstrument van de raad.

Toegegeven, bij GroenLinks hebben we eigenlijk nooit echte experts gehad op dit gebied. Fianciën was altijd een onderdeel dat iemand tegen wil en dank op zich nam en daarna de financiële kennis zich zo goed en zo kwaad als het ging eigen maakte. De afgelopen periode was ik de spreekwoordelijke lul.

En na drie jaar rekeningcommissie, vier begrotingen en vier keer een jaarrekening, begon ik het zo langzamerhand een beetje te begrijpen. Maar mijn echte vuurdoop vond plaats tijdens de coalitieonderhandelingen. Want leuke plannen en ideeën is één ding, het gaat uiteindelijk om de financiële dekking. En dus zat ik gedurende de onderhandelingen soms tot diep in de nacht mijn financiële kennis bij te spijkeren.

En toen lag de uitnodiging van accountantsbureau Ernst en Young ineens op de mat. Een korte cursus begotingen lezen voor raadsleden. We zijn er met de hele fractie naar toe gegaan. De raad zal misschien nooit bestaan uit 39 financieel experts. Maar inmiddels is bij GroenLinks in ieder geval ook de rest van de raadsleden wat beter op de hoogte van de spelregels in begrotingsland.

Partijraad – za 13 mei 2006

De Partijraad had weer een vergadering. Als lid van het partijbestuur was het deze keer mijn beurt om, samen met enkele collegae, bij die vergadering aanwezig te zijn. Een mooie gelegenheid om eens uitgebreid het NRC te lezen.

Niet dat ik niet heb zitten opletten, maar ik verkeer in de gelukkige omstandigheid dat ik heel redelijk kan lezen en luisteren tegelijkertijd. Als het echt interessant wordt, legt ik de krant even opzij. Minder interessante gedeelten vang ik tijdens het lezen slechts in grote lijnen op. Een efficiënte, zij het enigszins vermoeiende werkwijze.

En zo koos de Partijraad een nieuwe interim-voorzitter (Henk Nijhof), gaven zij hun mening over de concept-integriteitscode en besloten zij over hun eigen toekomst. Het GroenLinks-congres had in een motie namelijk min of meer aan de partijraad gevraagd zichzelf te herstructureren. En toen gebeurde er iets opvallends.

Er waren diverse scenario’s voor een partijraad nieuwe stijl. Zo moesten de leden kiezen tussen en partijraad die door de lokale afdelingen van GroenLinks gekozen wordt (zoals nu), of door het congres. Een andere keuze was de grootte van de partijraad. Blijft deze bestaan uit 80 mensen, of wordt ‘ie verkleind tot 60 of zelfs 40 leden.

Maar er veranderde helemaal niets. De samenstelling van de partijraad blijft zoals deze is. Alhoewel, de vergaderfrequentie werd wel uitgebreid. Ik vroeg me af of dat ook daadwerkelijk was wat de indieners van de congresmotie destijds in gedachten hadden.

Binnen GroenLinks is de samenstelling van de Partijraad geregeld in het huishoudelijk reglement. En laat de Partijraad nu ook het orgaan zijn dat, naast het congres, over wijzigingen van datzelfde reglement gaat. Ergens klopt dat natuurlijk niet, omdat daarmee de partijraad het enige orgaan is dat in eerste instantie zichzelf reguleert. Maar laat ik nou niet wantrouwend zijn. De partijraad kennende trekken zij de ingediende congresmotie op hun fatsoen. En komen zij binnenkort met een eigen plan en tijdpad over de verdere herstructurering van hun eigen orgaan. Ondertussen had ik mijn krant uit.

Gecrashed – vr 12 mei 2006

De harde schijf van mijn bovenbuurman was gecrashed. En dat is lullig, als er op die harde schijf allemaal schoolopdrachten staan en je nooit een backup hebt gemaakt. Ik weet er alles van, ik ben zelf op die manier ooit ook vier jaar van mijn digitale leven kwijtgeraakt.

Had ik toen geweten wat ik nu wist, had ik al die data waarschijnlijk nog terug kunnen halen. Gelukkig heb ik mijn kennis kunnen aanwenden om mijn bovenbuurman te helpen. Ik heb een kleine helft van zijn verloren data, zo’n 18.000 bestanden, kunnen redden. Dat het overgrote deel van die geredde bestanden onbruikbare windows-toepassingsuitbreidingsbestanden waren, laat ik maar even buiten beschouwing.

Ik hoop dat het de laatste keer is geweest dat ik mensen moet helpen met dergelijke problemen. Dus hierbij nog maar eens een gratis advies. Koop een externe harde schijf, download het gratis back-up programmatje Cobian en maak regelmatig een backup. Toegegeven, het is een alles behalve origineel advies. Maar zolang hordes computerconsumenten dit advies niet volgen, kan het niet vaak genoeg herhaald worden. Je zal ze de kost moeten geven.