Homo Lavans (3) – za 28 juli 2007

Etna

Hij was vies en vettig, maar desondanks was ik meteen verliefd. Zo eentje wilde ik al heel lang hebben.

Naast de wasmachine en de afwasmachine, wilden Joris en Liesbeth ook hun fornuis terug. Dat was voor mij de gelegenheid om een lang gekoesterde wens in vervulling te laten gaan: ik ging op zoek naar een fornuis met gasoven.

Niet zomaar een gasoven, ik wilde een ouderwetse Etna. En aangezien half Nederland vroeger zo’n fornuis had, met klassieke rode knop in het midden en temperatuurwijzer in de glasplaat van de oven, leek het mij niet zo moeilijk om er een te vinden. En zowaar: de kringloopwinkel om de hoek had er eentje.

Het fornuis zag eruit alsof het gefrituurd was, zo vet en plakkerig was hij. Dat maakte het naar boven sjouwen behoorlijk makkelijk, al liet je los, het fornuis bleef toch wel aan je vast plakken. Het schoonmaken was daarentegen wel een hele klus. De hele dag heb ik op mijn knieën zitten poetsen en schrobben, totdat het email spiegelde en blonk. En toen het hele geval was aangesloten, heb ik meteen koekjes gebakken. Die ik helaas wel een beetje heb laten aanbranden. Het is nog even wennen, zo’n gasoven.

Homo Lavans (2) – vr 27 juli 2007

Miele trommel met Softcare honingraatstructuur

Niet alleen de afwasmachine moest terug naar Joris en Liesbth, ze wilden ook hun wasmachine terug. Dit tot grote vreugde van mijn onderbuurman, een handelaar in witgoed, die nu eindelijk geld aan mij kon verdienen.

Uiteindelijk werd het net niet de allerduurste Miele, maar veel kan het niet gescheeld hebben. Anderzijds, bij het naar boven sjouwen van dat ding, bedacht ik dat de kiloprijs van een wasmachine best meevalt. Godskolere wat zijn die krengen zwaar.

Blij met mijn nieuwe machine besloot ik die avond ook maar meteen een was te draaien. Voor de zekerheid controleerde ik voor ik naar bed ging nog even of ‘ie het wel echt deed. Volstrekt geruisloos draaide de trommel rond. Dankzij de kreukbeveiliging kon ik veilig gaan slapen.

Een half uur later werd ik wakker door een piepend geluid. Mijn wasmachine. Het bleek nog een heel handige functie te hebben: hij waarschuwt als ‘ie klaar is met wassen.

Homo Lavans (1) – do 26 juli 2007

af was

Toen ik naar de Ceresstraat verhuisde, kon het witgoed van Joris en Liesbeth nog wel even blijven staan. Het huis waar zij naar toe gingen had al een ingerichte keuken. Nu, twee jaar later, hebben ze een huis gekocht en willen ze hun witgoed terug. Logisch.

Eén van de dingen die ik twee jaar geleden in bruikleen kreeg, was een afwasmachine. „Kunnen jullie die echt niet meenemen”, probeerde ik nog, maar ze hoefden echt geen twee afwasmachines. „Waarom wil je die niet, da’s toch handig”, vroeg Liesbeth nog. En dat was ook precies waarom ik hem niet wilde. Te handig. „Als jullie hem later terug willen ben ik er vast zo aan verslaafd dat ik zelf een nieuwe ga kopen.” Terwijl ik afwasmachines eigenlijk overbodige luxe vind”.

Het moment van afscheid was daar, de oude afwasmachine ging weg, terug naar de rechtmatige eigenaar. Mijn voorspelling kwam uit. Nog geen tien minuten later werd de nieuwe afwasmachine de trap opgedragen. Een collega was verhuisd naar een nieuwbouwwoning en kreeg daarbij compleet ingerichte keuken, inclusief afwasmachine. En twee afwasmachines vond ‘ie een beetje overdreven. Mijn strijd tegen overbodige luxe indachtig nam ik het oude apparaat van hem over.

Homo Cenans – wo 25 juli 2007

salade

„Dus wij moeten lijden omdat jij vagetariër bent geworden”, zei Joris toen hij hoorde dat ik alleen vegetarische gerechten had klaargemaakt. En kortgezegd kwam het daar natuurlijk wel op neer.

„Je hoeft natuurlijk niet mee te eten”, antwoordde ik goedlachs ik, maar Joris hield zijn gezicht strak. Hij stond nog net niet op het punt om de shoarma-boer te bellen. Met tegenzin schoof hij aan aan de eettafel en wierp een blik op de gerechten.

Nu vertelde zijn vriendin naderhand dat Joris het allemaal eigenlijk best lekker had gevonden, maar tijdens de maaltijd liet hij daar niets van blijken. Met argwaan liet hij zijn ogen glijden langs de diverse gerechten. Met priemende ogen probeerde hij de salade te ontleden. „Ik ben toch zeker geen konijn.”

Met engelengeduld schoof hij alle stukjes komkommer naar de zijkant van zijn bord. Komkommer is echt een brug te ver.

Homo Coquens – di 24 juli 2007

in de bonen

Nog anderhalve maand voordat popfestival Breda Barst van start gaat. Tijd voor de decor-groep van Breda Barst om eens echt in actie te komen. Nou ja… actie, de bups kwam gisterenavond langs voor een eetoverleg.

Het werd vegetarisch. Aanvankelijk overigens niet tot ieders genoegen. Vier gerechten, want de moderne mens wil wat te kiezen hebben. Rijst, salade, gebakken aubergine met knoflookyoghurt en barbunya, een koud gerecht met witte bonen, ui, citroen, olijfolie, rode peper en peterselie.

Het geklaag zwol verder aan toen bleek dat twee van de aanwezigen niet van witte bonen hielden. De extra druk op mij werd voelbaar: het was toch al voor het eerst dat ik dit gerecht, zonder kookboek ook nog ‘ns, probeerde te maken en nu moest ik dus extra mijn best doen. Een half uur lang was ik bezig de verhouding tussen zout, peper, citroen en olie uit te balanceren.

Het was gelukt, zelfs de bonen-haters schepten een tweede keer op. En, zo werd mij verzekerd, niet uit beleefdheid. Alhoewel, het kan natuurlijk ook dat ze de overige gerechten nog smeriger vonden.

Homo Socio – ma 23 juli 2007

overdaad kent geen maat

Ik was gastschrijver op BW14. Voor één keer mocht ik daar een verhaaltje schrijven. Een opstel met een verplicht onderwerp: een verslag over de weblog-meeting van gisteren, ten huize van Billy en René. Ik deed het braaf, in BW14-stijl.

Gast aan tafel

Decanteren is vooruitzien. Selçuk Akinci (1978‑ …)

Ik ben zo duf als een konijn. Het waren dan ook geen kleine hoeveelheden rosé die gisteren tijdens de weblogmeeting van René en Billy naar binnen zijn gegoten. Dat was ook wel nodig om de aanhoudende teleurstelling te boven te komen.

Het ging al mis bij Overbuurjongen. Maandenlang had ik me verheugd op het moment dat we met zijn allen verlekkerd voor het raam naar buiten zouden kijken naar zijn. aangezicht. Helaas. Overbuurjongen bleek met vakantie.

Vervolgens bleek Willemwiebe ook al niet te komen. Eerdere meetings werden verwarmd met zijn accordeonspel, zijn prachtige blonde lokken en zijn sierlijke, ik zeg zelfs hemelse gelaat. Deze keer liet hij een gat, zowel aan de eettafel als in mijn hart.

En toen bij het vorderen van de middag ook de kans vervlogen was dat Matijn ons met zijn aanwezigheid zou verblijden, was de teleurstelling compleet. Stilletjes nipten wij aan onze rosé en namen we af en toe plichtmatig een hapje van de diverse gerechten op tafel, die door de voelbare kilte lang niet zo lekker smaakten als ongetwijfeld de bedoeling was.

[Nee hoor. Het was hartstikke gezellig. De tafel stond vol met heerlijkheden, we kletsten, namen foto’s en zongen vrolijke liedjes tot diep in e avond. En we kregen ook allemaal cadeautjes mee naar huis, zoals dvd’s en sleutelhangers. Een dagje BW14 is niet zomaar een uitje, het is een belevenis.]

Homo Ignotus – zo 22 juli 2007

zondagse trein

Voor ik thuis wegging had ik nog even de laatste vijf pagina’s van BW14 geopend, zodat ik ze in de trein op mijn gemak kon lezen. Voor de zekerheid had ik ook nog een bosje bloemen gekocht. Maar dit alles kon het gevoel van schaamte niet wegnemen.

Als ik dit schrijf, ben ik onderweg naar Arnhem. Ik ben uitgenodigd voor de derde mini-weblogmeeting van René. Ik ben waarschijnlijk de enige die een maand achterloopt met zijn blog. En het ergste is, het is niet de eerste keer. Sterker nog, een maand of wat achterlopen begint een beetje het handelsmerk van mijn blog te worden. Samen met het woord ‘homo’ in elke titel uiteraard. Ik ben een slechte blogger.

Aan de andere kant heeft het ook wel weer een voordeel. Ik heb ten minste nog iets te vertellen wat iedereen nog niet weet.

Homo Explodens – do 19 juli 2007

Ik reed opnieuw naar Utrecht, naar het DWARS-pand. Naar aanleiding van de vondst van een koffer met enkele bom-onderdelen was de interesse in DWARS enorm toegenomen.

De bewuste koffer is gevonden in een rommekhok, waar oud-campagnemateriaal, t-shirts en ander verouderd of onbruikbaar geworden materiaal werd gedumpt. Het rommelhok werd opgeruimd om de ruimte te kunnen gebruiken als opslag voor het archief. En toen kwam de koffer dus tevoorschijn.

Het rommelhok werd dus verbouwd tot archief. Desondanks leek het verstandig om de ruimte voorlopig nog maar even te bestempelen als rommelhok. Anders zou de indruk kunnen ontstaan dat de koffer netjes bij de E van Explosieven stond, tussen de D van dodenlijst en de F van FN MAG Mitrailleurgeweer. En dat was natuurlijk niet zo.

Homo Placidus – wo 18 juli 2007

Rotterdam CS

Enige tijd geleden stond er in de Spits een onderzoekje waaruit bleek dat zestig procent van de treinreizigers graag een praatje wil maken maar het niet aandurft een wildvreemde aan te spreken. Dat laatste stemt mij gelukkig. Ik ga namelijk het liefst in dialoog met het NRC.

De onderzoekers hebben mij natuurlijk nergens om gevraagd. Ik heb namelijk helemaal geen behoefte aan een gesprek. ‘Goedemorgen’ bij het instappen en ‘prettige reis’ als men de coupé verlaat, vindt ik meer dan voldoende. Ik hoef niet te weten waar mensen naar to gaan, hoe ziek hun familie is en al helemaal niet hoe hun CV eruit ziet. Mijn schouders zijn niet breed genoeg om naast het wereldleed ook dat nog te torsen.

Voorts concludeerde het onderzoek dat bij vertraging de barrière om wildvreemden aan te spreken, wegvalt. Er zou dan een gezamenlijke ervaring zijn, waardoor bij het aansnijden van dat onderwerp geen inbreuk op de privacy gepleegd wordt. En als het eerste woord eenmaal gevallen is, is de rest van het gesprek geen enkel probleem meer.

Ik ondervond dit aan den lijve, toen Blij Meisje mij aansprak op Rotterdam Centraal. De trein reed vanaf daar niet meer verder vanwege – hoe is het mogelijk – een stier ergens op het traject Rotterdam-Den Haag. Aanvankelijk kon ik daar nog wel om lachen, totdat bleek dat er voorlopig geen enkele trein voorbij Rotterdam zou rijden en we het advies kregen via Gouda te reizen.

Blij Meisje praatte in de overvolle sprinter vrolijk verder. Ik probeerde haar nog een NRC-katern in haar handen te duwen, maar dat mocht niet baten. Ze moest en zou leeglopen en haalde het eerder genoemde onderzoek nog even aan. ‘Hartstikke leuk toch. Zonder vertraging hadden we elkaar nooit ontmoet.’ Ik knikte vriendelijk en onderging mijn leedwezen met waardigheid.

Wellicht dat de onderzoekers een vervolgonderzoek kunnen doen waaruit blijkt dat 90 procent van de NRC-lezers liever gewoon de krant leest.

Homo Explodens – di 17 juli 2007

verdacht koffertje

Tegen het einde van de middag kwam het bericht binnen dat er onderdelen van een bom waren gevonden in het Dwars-pand. Voor de zekerheid ontruimde de door Dwars verwittigde politie het pand, en ging met honden op zoek naar explosieven. Er werd niets gevonden.

Het leek me een goed moment om naar Utrecht te reizen en de Dwarsers te ondersteunen in de media-aandacht die zou gaan volgen. De eerste afspraak die ik daar maakte: iedereen die gebeld wordt, verwijst door naar de woordvoerder, die alle contacten met de media zal afhandelen.

Meer kan ik dus niet zeggen. Ik verwijs U daarom ook maar door.