Homo Captivus – do 22 febr. 2007

uitzichtloos

De trein van Zwolle naar Utrecht bleef stilstaan voor station Putten. De omroeper mompelde iets over een kapotte trein voor ons. Moe van de campagnedag in Leeuwarden en Zwolle, legde ik mijn hoofd tegen mijn jas.

Een half uur later werd ik wakker. Buiten werd het al langzaam donkerder. Uit het raam nog steeds hetzelfde mistroostig aandoende Puttense stadslandschap. In de volle coupé begon de sfeer om te slaan. Gevangen in een metalen rups die zich maar niet lijkt te willen voortbewegen over de metalen strip door het landschap. Ik werd recalcitrant. Wilde roken. Stak een sjekkie op op het toilet.

Na zes kwartier probeerde de trein weer te rijden. De poging duurde nog geen vijf minuten. Een medepassagier voorzag via een mobiel telefoongesprek het geheel van commentaar.

De trein is nooit in Utrecht aangekomen. In Harderwijk moesten we uitstappen en werden we in een volle trein naar Utrecht gepropt. Daar bleek tot overmaat van ramp de intercity naar Breda omgezet te zijn in een stoptrein. Alles bij elkaar duurde de reis een kleine vier en een half uur.

Een computerstoring in Utrecht bleek deze keer de oorzaak van alle ellende. Terwijl iedereen weet dat je nooit als eerste moet overschakelen op Vista.

Homo Liber – di 20 febr. 2007

gejat van Mickey

Mickey was jarig en gaf een feestje. Een homofeestje, aan de Regulierdwarsstraat in Amsterdam.

Ik reisde af naar onze hoofdstad, waar het bier rijkelijk vloeide. Ik maakte kennis met de nieuwe scharrel van Mickey. „Waarom kwijl jij op mijn schoenen”, vroeg hij.

Ik kwam ook een wannabee-cassanova tegen. Hij deed zijn best, maar als teflon liet ik zijn avances van me afglijden. Het schijnt een grappig tafereel geweest te zijn.

De moeder van Mickey kreeg een handkus. Zijn vader maar niet. En rond een uur of drie, toen Mickey zijn nieuwe liefde naar huis wilde dragen, ging ik door naar de Exit. Ik moest de rest van de nacht immers nog overbruggen alvorens ik naar mijn werk kon afreizen.

Van een studentikoos type kreeg ik een slaapplaats aangeboden. Ik ging erop in. Slecht idee, beroerde keuze. Mickey kon er wel om lachen. „Amsterdam maakt het beest in jou los”, MSN’de hij. Ik mompelde iets onverstaanbaars in de richting van het beeldscherm.

Homo Monotropus – ma 19 febr. 2007

nu even niet

Van de carnaval waren vooralsnog alle dagen aan mij voorbijgegaan. Nu vier ik doorgaans toch geen uitbundig carnaval, maar vandaag begon het een beetje te knagen.

Ik vier al jaren slechts één dag carnaval en dat dan nog op therapeutische basis. Sinds ik, tien jaar geleden woonachtig in York, een jaar heb moeten overslaan, heb ik het virus nooit meer helemaal te pakken gekregen. Op maandag ga ik met mijn vriendengroep op stap om de optocht te zien en daarna te blijven drinken tot op zijn minst één van ons zich kotsend over zijn fiets begeeft. Of iemand anders’ fiets. Dat kan natuurlijk ook.

Je zult mij niet horen afgeven op carnaval. Maar het toppunt van volksverheffing is het ook niet. Ik dacht het dan ook niet erg te vinden dat ik een groot deel van de maandag thuis moest werken. Ik hoopte er vroeger of later wel een punt achter te kunnen zetten, om me nog even bij mijn vrienden aan te kunnen sluiten, maar de werkzaamheden bleken langer te duren dan verwacht.

Om zeven uur ’s avonds was ik klaar, hees me in het eerste de beste thermo-pak dat ik kon vinden en dook de stad in. Maar mijn vrienden hadden hun vaste plek al verlaten. Zonder al te veel moeite keerde ik terug huiswaarts. Ik was te nuchter, de rest van de mensheid te dronken.

Thuis trok ik een biertje open en verdronk ik mij in walging. Niet om het carnaval en zijn weinig hoogdravende karakter. Nee, vanwege mijzelf, dat ik dit feest dit jaar geheel aan mij voorbij heb laten gaan. De dinsdag in mijn agenda stond al vol met afspraken.

Homo Accipiens in Matrimonium – zo 18 febr. 2007

gevangen

Er is de afgelopen dagen al heel wat te doen geweest rond de passage in het regeeraccoord waarin staat dat trouwambtenaren mogen weigeren homoparen te trouwen. In Breda heb ik namens GroenLinks het initiatief genomen om samen met de fracties van de PvdA, VVD, SP, Breda’97 en D’66 te vragen bij toekomstige sollicitaties alleen nog mensen aannemen die bereid zijn ook homo’s te trouwen.

Aanvankelijk heb ik even zitten twijfelen over deze materie. GroenLinks heeft namelijk een lange traditie in het opkomen voor mensen met gewetensbezwaren. Dus waarom ook niet voor ambtenaren die om meestal godsdienstige redenen liever geen homo’s trouwen? Laat ik beginnen met te stellen dat het wat mij betreft alleen gaat om toekomstige trouwambtenaren. Mensen die er nu al zitten, hoeven wat mij betreft niet ontslagen te worden.

Stel nu dat een gemeentelijk ambtenaar weigert mee te werken aan het terugsturen van een vluchtelingengezin? Daar zou ik geen moeite mee hebben. Dat heeft twee redenen: allereerst is er geen sprake van discriminatie. Ten tweede is het uitzetten van gezinnen geen hoofdtaak van de desbetreffende ambtenaar. Bij een trouwambtenaar is het afsluiten van huwelijken wel degelijk een hoofdtaak. Overigens, ik kan me goed voorstellen dat de gemeenteambtenaar die weigert gezinnen uit te zetten, beter niet bij de desbetreffende afdeling van het IND kan solliciteren.

Een tweede voorbeeld: er is in Nederland sinds vijf jaar geen juridisch onderscheid meer tussen een hetero- of een homohuwelijk. Net zoals elk ander huwelijk is het ‘homohuwelijk’ een volstrekt normaal, burgerlijk huwelijk. Stel nu dat er een gemeenteambtenaar, om wat voor reden dan ook, zou weigeren om een huwelijk te sluiten tussen een blanke en een zwarte. Dan zou, terecht, het gemeentehuis te klein zijn.

Voordat nu elke christen op zijn achterste poten (sic) gaat staan, nee, ik vind christenen geen racisten. Maar ze maken wel onderscheid tussen verschillende soorten mensen en kennen sommige mensen meer rechten toe dan anderen. Terwijl daar juridisch gezien geen basis voor is. De mensen die er een rigide interpretatie van de bijbel op nahouden, discrimineren dus wel degelijk. In de praktijk maakt het dan niet uit of je op seksualiteit of op afkomst discrimineert. En of je dat doet omdat je een racist bent, of omdat het in een boek staat.

Spinoza stelde de vrijheid van gedachte boven de vrijheid van godsdienst. Dat deed hij met een reden. De individuele vrijheid om te mogen denken en te mogen doen wat je wilt, mag niet worden ingeperkt door het subjectieve waarden en normenpatroon dat een heersende groep je op kan leggen. Een overheid moet, met al haar dienaren, op zijn minst daar garant voor staan.

Homo Festivus – za 17 febr. 2007

Herman

Oud-partijvoorzitter Herman Meijer vierde zijn zestigste verjaardag. Speciaal daarvoor had hij zestig mensen uitgenodigd. Ik was nummer zestig.

Vrolijk stapte ik de Rotterdamse woongroep binnen. Herman woont namelijk in één van die weinige woongroepen die de jaren ’80 hebben overleefd. Een vrolijk samenzijn van bekenden en onbekenden, die naar mate de avond vorderde, steeds meer met elkaar gingen mengen.

Met zijn zestigste verjaardag is er ook een oude droom van de woongroep in vervulling gegaan. Het eerste experiment met het huiskamerrestaurant. Goed, het eten kwam dan weliswaar niet uit eigen keuken, maar de tafeltjes stonden perfect. En ook al waren het niet de kooksels van woongroep Meijer cs., maar van een multiculturele cateraar die het presteerde Turks brood te serveren bij een voor de rest volstrekt Marokkaanse maaltijd, het eten smaakte er niet minder om.

Tot mijn vreugde kwam later op de avond ook mijn ‘ex’ langs. Het ging goed met ‘m en dat deed me deugd, ook al heeft hij nog steeds de gave om af en toe te kijken alsof hij het leed van de wereld torst. Ik denk dat hij dat niet beseft.

De feestvreugde bij huize Meijer duurde tot ver na de laatste trein terug naar het zuiden. Maar dat mag aan de Noordsingel geen probleem heten. En zo werd ik voor het eerst sinds jaren weer eens wakker naast Leon.

Homo Convocans – vr 16 febr. 2007

het café

Na afloop van de raadsvergadering gisterenavond ging de hele stoet naar café Dante. Voorheen dronk de hele club beneden in de trouwzaal nog een drankje, maar dat vond men te saai. Daarnaast is het niet duurder om in een café een uur lang de tap te laten stromen, dan op het stadhuis het personeel nog een uurtje door te betalen.

Het zuipen na het vergaderen is een langgewortelde traditie in Breda. Aanvankelijk gebeurde dat altijd in publieke werken op de credit cards van collegeleden of de BrIM. Ooit kwam ik als kersvers raadslid Publieke Werken binnen. Ik was van mening dat, wilde onze partij ooit de coalitie in, het handig was om na afloop een beetje te netwerken met de rest van de raad. Joviaal wilde ik ook een rondje geven en bestelde zes pils voor de groep waarmee ik stond te praten. Bij het trekken van de portemonnee kwam een collega van de liberale fractie mijn kant op. „Wat ben je aan het doen?”, vroeg hij. „Afrekenen”, antwoordde ik. Twee ogen die keken  alsof Jahweh zich zojuist aan de bar had openbaard, staarden mij aan. „Dat doen wij hier niet”. Ik had besloten na afloop van een raadsvergadering niet meer mee te gaan, zolang dit nog bekostigd zou worden met de gemeentelijke credit cards.

Het was de nieuwe burgemeester Van der Velden die, mede op aandringen van de fractie GroenLinks, een einde aan dit tafereel maakte. Er werd voortaan beneden in de trouwzaal een klein drankje gedronken. Daarna mocht een ieder doen wat hij wilde, zolang het maar legaal was en op eigen rekening. Iets wat al snel op protesterende raadsleden kon rekenen, immers, de trouwzaal is zo ongezellig. Vandaar dat, ruim twee jaar later, we opnieuw en masse de café’s induiken. Voor een uurtje. Daarna sluit de gemeentelijke rekening en is het ieder voor zich.

Het blijft me tegen de borst stuiten. Ik vraag me eerlijk gezegd af waarom de raad zo nodig op kosten van een ander moet drinken, ook al is het maar een uurtje. Ik ben negenentwintig dagen per maand oud genoeg om mijn eigen drankrekening te betalen. Dat is op de avond van een raadsvergadering niet anders.

Ik denk dat ik de volgende keer na de raadsvergadering weer meteen afzwaai naar de Beyerd. Want heel veel politieke zaken worden er in de kroeg toch niet meer gedaan op dat tijdstip. Anderzijds is het wel een ideale plek om spanningen tussen mensen weg te nemen. Vooruit, alleen als er politieke massage nodig is, loop ik naar Dante. Zou de pers voortaan de stabiliteit in de coalitie gaan afmeten aan mijn kroegbezoek?

Homo Concilians – do 15 febr. 2007

Stadhuis Breda 

Ondanks de korte agenda met slechts drie punten en een hele waslijst aan formaliteiten die onder de noemer ‘verzamellijst’ in één keer worden goedgekeurd, wisten de dames en heren raadsleden de vergadering nog aardig te rekken.

Dat begon al met het vragenuur, dat door vriend en vijand werd aangewend om voor het oog ganzes volks te laten zien dat de dames en heren wel degelijk een heel serieus vak beoefenen. Jammer dat in de uitwerking vaak eerder het tegendeel bewezen wordt. Erg bijzonder vond ik de gestelde vragen niet, in sommige gevallen zelfs op het gênante af.

Het vragenuur duurde dit maal precies een uur. Een unicum. Zes fracties stelden vragen. GroenLinks maar eens een keertje niet. Het vragenuur is vaak namelijk helemaal geen geschikt middel om vragen te stellen. Als je een gedegen antwoord wil, dan gebruik je schriftelijke vragen. Het vragenuur kun je beter gebruiken om een verschil van opvatting scherp neer te zetten. Niet om antwoord te krijgen op belangrijke levensvragen. Die overigens ook nooit gesteld worden.

Homo Stipendiarius Maxima – wo 14 febr. 2005

Leuker? Makkelijker? Rot op!

Iemand met twee werkgevers wordt al gauw geconfronteerd met naheffingen. Dat is tot daaraan toe. Het werd me alleen wat bond toen ik vorig jaar binnen twee maanden tijd de extra heffing over twee jaar moest betalen. En nu lag er weer een blauwe envelop op de mat.

Vorig jaar heb ik mijn naheffing 2005 betaald en kreeg ik van de belastingdienst al vast een voorlopige naheffing 2006. Braaf betaalde ik die, ook al was het te veel. Vandaag viel een nieuwe brief in de bus. Geen anonieme liefdesverklaring, maar de heffing 2007. Met de vriendelijke mededeling dat ik die, zo gewenst, in maandelijkse termijnen mocht betalen.

Ik mocht het uiteraard ook in één keer betalen. Ik kreeg dan maar liefst veertien euro korting. En hoewel dat nog niet eens het renteverlies dekt, heb ik daartoe maar besloten. Dan ben ik voorlopig in ieder geval van het gezeik af. Tenzij ze natuurlijk straks ook al gaan bedelen voor 2008 en 2009.

Homo Dimidius – di 13 febr. 2007

Halve krant

Breda is sinds een week een half-paper city. Net als alle andere bladen van Wegener, is ons plaatselijke dagblad BN/DeStem namelijk in oppervlakte gehalveerd. Tabloid, noemen ze dat en het schijnt een besmettelijk modeverschijnsel te zijn.

Ik ben zelf geen fan van tabloids (zie 23 jan. 2007). Doe mij maar een echte krant. Het is, naast de superieure inhoud, één van de redenen waarom ik landelijk een verstokt NRC-lezer ben. Een krant van formaat, zullen we maar zeggen.

Desondanks is de nieuwe BN/DeStem een geslaagd product. De halvering ging niet gepaard met allerlei problemen, zoals destijds bij het AD. De vormgeving was zelfs minder ordinair dan dat de grote BN/DeStem de laatste tijd was geworden. Een nette krant, met een paar goed gejatte ideeën die door voorgangers al warn uitgeprobeerd.

De vrees dat het aantal regiopagina’s minder zou worden, blijkt onterecht. Een aparte ‘krant-in-een-krant’ bevat al het regionieuws en draagt de lang geleden door voorganger De Stem in de ban gedane naam ‘Stad&Streek’. Mijn eerste indruk is juist dat er ruimte is voor meer nieuws, helaas alleen niet voor veel lange artikelen.

In Café de Beyerd bespraken we de krant. Daar was namelijk de afscheidsreceptie van stadschef Willem Reijn. Jarenlang gaf hij leiding aan de stadskatern, die nu wordt overgenomen door voormalig chef kunst René van der Velden. Willem wordt nu voorlichter bij voetbalclub NAC. Het was een krantenfeestje. Met veel bier, peuken en discussies. En wetenswaardigheden. Zo blijkt de zoon van Willem zich warm te lopen als piloot van een Fokker 50. Nog zo iemand die het hogerop zoekt.

Homo Odoratus – ma 12 febr. 2007

geurterreur

Een dame stapte de coupé binnen en nam naast mij plaats. Mijn truc altijd achteruit te reizen werkte ditmaal niet.

Mijn neus werd op de vroege ochtend geconfronteerd met een onaangename geur. Niet van de dame in kwestie zelf, maar van haar luchtje. Het was een vies luchtje, dat nog het meeste weg had van lavendel vermengd met witte wijnazijn.

Ik heb zelden last van geurtjes, lichaamseigen of niet, die me kokhalzend de coupé uit willen doen laten rennen. De meeste odeklonjes zijn in het ergste geval nog best om te harden. En ook de lichaamsgeur van de meeste mensen is prima vol te houden, zolang het maar niet uit de billen komt, of van onder de oksels van heel dikke mensen die heel luidruchtig telefoongesprekken voeren in een stiltecoupé.

Maar het luchtje van de dame in kwestie was te erg. Ik vroeg me af waar het vandaan kwam. Zulke bocht kunnen ze zelfs in de Lidl niet met goed fatsoen verkopen. Het was je reinste geurterreur.

Op zoek naar het slechte in de mens, bedacht ik me dat het wellicht een door de dame zelf thuis gemaakt recept betrof, dat met opzet zo ranzig rook. Haar variant van achteruitzitten in de trein: het minste risico dat er iemand naast je gaat zitten.

Ik gunde haar de lol niet, ik liet me niet kennen. Ik ben naast haar blijven zitten. Nou viel dat gelukkig nog alleszins mee. Ze stapte in op Den Haag Holland Spoor. Op Centraal moesten we er allemaal al weer uit.