Valkenberg – di 2 aug. 2005

De dinsdagavonden in de zomer staan in Breda in het teken van de Valkenbergconcerten. Voor diegenen die hopen op een cultureel uitje: vergeet het maar. De Valkenbergconcerten bieden voornamelijk amusement. Ook niets mis mee.

Een jaar of acht geleden heeft de Belgische organisator van deze zomeravondconcerten Nederland ontdekt. Of liever gezegd: Noord-Brabant. Na Breda volden al snel Tilburg, Roosendaal, Bergen-op-Zoom en later zelfs Dordrecht. De copy-paste-formule schijnt overal goed aan te slaan. Het concept: zet een podium neer op een park of pleintje in het centrum, zet vervolgens een grote bar neer, aangevuld met enkele eetkraampjes en programmeer vervolgens elke week een bandje. Probeer af te wisselen in de genres en zet vooral in op gezelligheid. Gedronken wordt er toch wel.

Opvallend aan de Valkenbergconcerten is de zeer wisselende kwaliteit. Nu staat er zelden een echt origineel bandje en heeft de programmering ongeveer het culturele gehalte van een Renault Megane, maar de bandjes die er staan, kunnen doorgaans best fatsoenlijk spelen. De grootste verassing die je kunt krijgen is dan ook als ineens blijkt dat de band van die avond zo vals klinkt als een zojuist door een Winkler-Prins geplette bergparkiet.

Dat viel gelukkig allemaal reuze mee, vanavond. De Vlaamse folkrock van Blunt was wellicht wel afgezaagd, maar ook vrolijk. En dat is ook wat waard.

Uitgepraat – ma 1 aug. 2005

Als de politiek met reces is, een duur woord voor vacantie, moet Café de Beyerd het op maandagavond wat vaker zonder mij stellen. Vanavond echter niet: ik had met Marlies afgesproken en durfde het aan om dat te doen in de Beyerd. Met als gevolg dat we amper bij hebben kunnen praten.

Het stierf die avond namelijk van de bekenden. Zo vierde Beyerd-buurvrouw Pleuni (tevens de initiatiefneemster van het Genootschap van Liefhebbers van de Zuivere Tweede Stem van Pierre Kartner) haar verjaardag. Vrienden Guus en Thomas liepen toevallig langs en bleven ook even plakken aan onze terrastafel. Fractievoorzitter Piet Hein was terug van zijn vakantie op Texel en deed de Beyerd aan om bij te praten met Christ en Roland de Bruin deed uitgebreid verslag van zijn computerproblemen.

Waarmee eens te meer is aangetoond dat de Beyerd behoort tot één der gezelligste café’s van Breda, waar je echter niet veel kans hebt om ongestoord met een vriendin te praten over al wat haar bezighoudt. Je bent gewaarschuwd.

Idaho – za 30 juli 2005

Eén van mijn favoriete films is My Own Private Idaho van Gus van Sant. Het is een briljante film over twee mannelijke prostituees in de straten van Portland. Zo’n film over de zelfkant. Het leven aan de zelfkant van de maatschappij.

Ik heb My Own Private Idaho maar twee keer gezien. Eén keer op groot scherm in de tijd dat ik in York woonde en één keer op televisie, nota bene bij Veronica. Tot mijn grote spijt liet een DVD-release erg lang op zich wachten. Behalve in Australië is de film namelijk nooit digitaal verschenen. Totdat NewLine ‘m vorige maand onaangekondigd ineens toch had uitgebracht.

Het heeft nog een maand geduurd, voordat ik de tijd had om de film op te zetten, maar het was het wachten waard. Het verhaal van Gus van Sant is briljant in elkaar gezet en de film bevat prachtige shots. Daarnaast heeft de film een topcast van o.a. de te vroeg overleden River Phoenix en Keanu Reeves. Wie bij die namen denkt dat de film niet veel kan voorstellen, heeft het mis. My Own Private Idaho is één van die zeldzame films waarbij succesvolle hollywoodacteurs worden gecast voor een absolute cult-film.

Ik zal je de verhaallijn besparen. Een korte, eendimensionale flaptekst doet immers geen recht aan de film. Hoe dan ook, ik kan ‘m aanraden, overigens samen met zo’n beetje elke anere film die Gus van Sant maakt. Wherever, whatever, have a nice day.

Op de fiets – vr 29 juli 2005

Tot voor kort had ik drie racefietsen in de schuur staan. Daar is onlangs een vierde bijgekomen. Een vierde frame althans. Aan mij de taak ook daar weer een volwaardige fiets van te maken.

Sinds ik ruim twaalf jaar geleden mijn eerste race-fiets kreeg, een oude, tweedehands fiets die twintig jaar eerder al door mijn oom pascal bereden werd, wilde ik niets anders meer. Het blauwe exemplaar is een week gestolen geweest, maar door mij hoogst persoonlijk weer teruggestolen. In de tussentijd had ik al een mountain-bike gekocht, die op zijn beurt echter weer gestolen is. Die heb ik overigens nooit teruggevonden.

Nadat de blauwe fiets met pensioen ging (hij staat nog steeds prachtig bij in de schuur, maar het tandwiel voor is totaal versleten en vanwege het oude model krenk ook niet meer te vervangen; heel af en toe doet ‘ie nog dienst als reserve-fiets) volgde een rode racefiets. Een oude Peugot moet nog steeds een keer goed hersteld worden, maar doet ook dienst als reserve-fiets. En daar is onlangs een groen race-frame bijgekomen.

Het nadeel van racefietsen is dat ze redelijk onderhoudsgevoelig zijn. En hoe ouder de fiets, hoe vaker er naar gekeken moet worden. In de zomer is dat niet zo’n probleem. Er is altijd wel ergens een mooie dag om even aan de fiets te gaan klussen. In de winter is het echter nogal vervelend om in de tuin aan een fiets te moeten werken. Dan is het prettig om meerdere racefietsen te hebben. Als er eentje hapert, krijgt ‘ie een plaats achterin de schuur en pak ik het volgende exemplaar. Ergens in de zomer, als alle fietsen weer toe zijn aan een revisie, worden ze dan weer opgelapt.

De vrije vrijdag heb ik gebruikt om van het groene frame een volledige fiets te maken. Hij rijdt inmiddels als een zonnetje en dankzij de nog dunnere banden ook erg licht. Het volgende project, de rode racer (default, ofwel mijn standaard stadsfiets) kon echter alleen opgelapt worden met behulp van een echte fietsenmaker. Het vervangen van trapassen is namelijk alles behalve mijn sterkste kant.

On Air – do 28 juli 2005

’s Ochtends de laatste hand gelegd aan de montage van de uitzending van die avond. Het betrof een uitzending met popmuziekantropoloog Marty Coumans.

Marty is verzamelaar van platen die geproduceerd zijn in meestal verre buitenlanden, net op het moment dat de invloeden van de beat en de psychedelica doorsijpelen uit het westen. Met soms bizarre, waanzinnige gevolgen. Want muzikanten die net in aanraking zijn gekomen met een nieuw, hun totaal onbekend muzikaal idioom, zijn in veel gevallen verantwoordelijk voor op zijn minst zeer interessante composities.

Na werktijd nog even met een paar collegae naar Dudok in Hilversum gegaan. ‘Even’ duurt uiteindelijk altijd veel langer dan gepland, en ik was dus ook pas na twaalven thuis. Met overigens als voordeel dat ik mijn eigen programma gewoon tijdens de terugreis kon beluisteren. En hoe vaak ik de plaatjes tijdens het monteren ook al had gehoord, het blijft verbluffende muziek.

Opdracht – wo 27 juli 2005

De telefoon ging over. Ik was in Hilversum voor wat zo ongeveer mijn laatste werkdag aldaar zou zijn. Hoewel mijn contract pas op 1 september ophoudt, had ik flink wat vooruit gewerkt om in Augustus op vacantie te kunnen. De vacantieplannen kwamen op losse schroeven te staan.

Of ik wellicht mee wilde werken aan een evenement dat de aandacht moest vestigen op dat geen wat de NPS allemaal doet. Uiteraard met het oogmerk om het tij van de dreigende opheffing van de NPS te keren (zie weblog ma 25 juli 2005. Om twee redenen heb ik daar ‘ja’ op geantwoord. Ten eerste ben ik ervan overtuigd dat het opheffen van de NPS een foute keuze is, het resultaat van een visieloos compromis tussen de coalitiefracties.

Ten tweede speelde ook een gezond stuk eigenbelang mee. Want ik heb het prima naar mijn zin bij de NPS. Als ik mijn contract kan verlengen, doe ik dat graag. Deze gelegenheid heb ik dan ook met beide handen gegrepen.

Dat de vacantieplannen nu op losse schroeven staan is een beetje een domper. Ik had er erg graag even tussenuit geweest na een bizar druk jaar. Maar het zij zo. Ik ben sowieso nog veel te jong voor een burn-out.

De NPS – ma 25 juli 2005

Maandag reed ik, nadat de meeste filemeldingen al weer achter de rug waren, richting Hilversum naar mijn tijdelijke broodheer, de NPS. Voor wie het niet heeft gevolgd: de NPS is die omroep die in de nieuwe plannen van dit kabinet, wordt opgeheven. Tijd om daar maar eens over uit te wijden.

Het begon allemaal op 21 juni, toen bekend werd dat in het nieuwe omroepaccoord van het kabinet de NPS zou worden opgeheven. Er was toen nog even sprake van dat de NPS wel als werkmaatschappij onder de nieuwe NOS zou blijven voortbestaan. Een dag later lagen de zaken er al heel anders voor: ook het idee van de NPS als werkmaatschappij was van de baan. Alleen de budgetten die nu voor de NPS gereserveerd zijn, blijven gehandhaafd en kunnen door de NOS straks eventueel besteedt worden aan programma’s zoals die nu door de NPS gemaakt worden. Enige garantie dat dat ook daadwerkelijk gebeurd, is er niet.

De NPS is tien jaar geleden onstaan als afsplitsing van de NOS. Deze omroepmoloch werd toen opgedeeld in een facilitair bedrijf, het NOB, een onafhankelijke omroepstichting voor o.a. cultuurprogramma’s, de NPS en een aparte omroepo, verantwoordelijk voor onafhankelijke nieuwsvoorziening, het verslaan van gebeurtenissen van nationaal belang en sport, een afgeslankte NOS.

De NPS kreeg als taak mee die dingen te doen die de andere omroepen lieten liggen. Dat zijn vooral culturele producties die voor andere omroepen te duur zijn. Klassieke muziek, jazz, dans, Nederlandse cinema, het werd en wordt vrijwel uitsluitend door de NPS uitgezonden. De NPS is daarnaast de enige omroep die serieus werk maakt van berichtgeving uit de multiculturele samenleving. Om over programma’s als Sesamstraat, Het Klokhuis en het kwalitatief onevenaarde NOVA nog maar te zwijgen.

En ook op de radio is de NPS verantwoordelijk voor veel programma’s die andere omroepen niet kunnen of willen maken. Met Lijn5 bijvoorbeeld is de NPS de enige omroep die serieus aandacht besteedt aan urban, rap, hiphop en aanverwanten. De NPS is de belangrijkste bespeler van Radio 4, met veel concertregistraties. Het programma 4fm, waar ik zelf voor werk, besteedt als één van de weinigen aandacht aan genres als modern klassiek, electronische muziek, crossover, wereldmuziek en jazz.

Dit alles wordt bedreigt. Niet alleen omdat in het omroepaccoord geen garantie geboden is dat het beschikbare geld straks nog steeds aan deze programma’s uitgegeven wordt, maar ook omdat met het opheffen van de NPS een creatief huis wordt afgebroken dat al decennialang (eerst als onderdeel van de NOS, later als onafhankelijke NPS) met uitstekende kwaliteit doet wat het moet doen, namelijk kwalitatief hoogwaardige radio en televisie maken.

Het plan van Van der Laan deugt niet. Allereerst maakt zij geen keuze. Er zijn grofweg twee modellen voor een publieke omroep: het model BBC, waarin één sterke omroep alle publieke netten beheert, eventueel aangevuld met enkele commerciële netten met een opdracht (zoals ITV en Channel 4). Een ander model is het verzuilde model zoals wij dat in Nederland altijd gehad hebben. Dat dit model uit de tijd is en niet meer werkt, kan niemand ontkennen.

Het nieuwe plan maakt geen keuze, maar moderniseert alleen de bestaande situatie een beetje. Van der Laan wilde daarbij geen ledenloze omroepen en wilde van de NPS een werkmaatschappij maken. De drie fractievoorzitters hebben daarna in een apart overleg besloten de NPS helemaal af te schaffen. Een keuze die waarschijnlijk vooral door het CDA is ingegeven, omdat het CDA al sinds mensenheugenis een hekel aan de NPS heeft. Of, zoals CDA-kamerlid Wim van Fessem (overigens woordvoerder van justitie, maar toch) in een officieus telefoongesprek toegaf: ‘de NPS is gewoon te links’.

Wim van Fessem slaat, net zoals het hele CDA, volstrekt de plank mis. De NPS heeft een opdracht kwalitatief hoogwaardige programma’s te maken die andere omroepen laten liggen. Daar zitten veel cultuurporgramma’s bij. Maar cultuur is links, noch rechts. De NPS maakt journalistieke programma’s die kritisch zijn, doorvragen, misstanden blootleggen. Maar een kritische houding is links, noch rechts. De NPS maakt programma’s over de multi-culturele samenleving, omdat behalve de VPRO niemand dat doet. De NPS doet dat op een eerlijke, gebalanceerde en nuchtere manier. Dat is links, noch rechts. Als het CDA de begrippen cultuurminnend, kritisch en genuanceerd een links stempel wil geven, moeten de christenconservatieven dat helemaal zelf weten. Daarmee zeggen ze tegelijkertijd dat ze zichzelf dus een stelletje onnadenkende, heetgebakken cultuurbarbaren vinden. En voor de duidelijkheid: dat zijn dus niet mijn woorden, dat zijn impliciet de woorden van CDA-kamerlid Van Fessem.

Netwerk – zo 24 juli 2005

De nieuwe pc werkt, Windows draait redelijk stabiel en mijn monteerwerk gaat ineens een stuk sneller. Tijd voor de volgende digitale stap, want met het kabelinternet in het vizier leek het een goed idee om een mini-server te bouwen. En mijn meersporengeluidskaart wilde ook nog graag een aparte pc voor zichzelf hebben. Tijd om wat gedecommissioneerde computers bij elkaar te sprokkelen.

Jarenlang stond een batterij oude en volstrekt onbruikbare batterij computers te wachten op een enkele reis nar het kringloopcentrum. Nu had ik eindelijk de gelegenheid om ze om te ontdoen van die paar bruikbare onderdelen om daarna definitief afscheid van ze te nemen. Met de komst van mijn nieuwe pc (zie web-logs 25 en 26 juni 2005 en 13 t/m 17 juli 2005 schoven alle computers een plaatsje op (zo kreeg mijn moeder mijn oude Pavillion) en kwam er aan het eind van de keten een Pentium II vrij. Meer dan voldoende om Apache op te laten draaien en misschien dat ik er zelfs in een vlaag van hoogmoed de Linux-versie op ga knallen.

Ook de multi-trackrecorder heeft op zondag een toepasselijke habitat gekregen. Want een kennis bleek ook nog een oude Pentium II te hebben staan. Gestript van elke vorm van geheugen, maar dat had ik zelf nog wel liggen. En hoewel het alles behalve de ideale montage-pc is, is ‘ie geschikt bevonden voor acht-sporenopname. Harde schijf van 10 gig erin en ik kan moeiteloos twee uur opnemen.

Ik laat jullie t.z.t. wel weten hoe het installeren van de server loopt. Mocht ik over een maand of wat ineens enkele dagen niet op internet zijn geweest, is het waarschijnlijk flink mis gelopen. Ik kan het natuurlijk ook gewoon te druk hebben gehad met andere dingen.

The Last Farewell – za 23 juli 2005

Na de afscheidsborrel op maandag en het afscheidsdiner gisterenavond, kwam dan eindelijk het echte afscheid van Jaap. Hij kwam nog even langs om een Nederlandse stekkerdoos met Engelse stekker op te halen, een erg handige accessoire als je ook in Kenia je mobiele telefoon wilt kunnen opladen.

Jarenlang waren de belangrijkste voorbereidingen voor de vakantie het regelen vaan een visum, eventuele inentingen en het bij je hebben van voldoende geld, bij voorkeur in het formaat Dollar. Inmiddels is dat laatste vervangen door Visa-cards en andere virtuele betaalmiddel. Inentingen gelden voor het Afrikaanse continent nog steeds. Daarnaast wordt kennelijk aangeraden om ook altijd een aantal injectienaalden mee te nemen. Want stel dat je om wat voor reden dan ook in het ziekenhuis terecht komt en daar aan het infuus of de spuit moet, kun je er kennelijk maar beter zelf voor zorgen dat je een schone naald krijgt. Dat is toch wel handig in een land waar 1 op de 15 mensen last heeft van Aids en daarmee tot de middenmoters van Afrika behoort.

Aan dit rijtje klassieke voorbereidingen is inmiddels een rijtje moderne voorbereidingen toe te voegen. Het meenemen van je mobiel is tegenwoordig een must, ook al sluit je plaatselijk wel een nieuw abonnement met bijbehorend Keniaans telefoonnummer aan. Ook van te voren regelen: ongeveer twee gigabyte aan serverruimte om je foto’s op te plempen en een reislog zodat je niet iedereen dezelfde brief hoeft te sturen.

Maar hoe handig Internet en mobieltjes ook zijn, als je echt het gevoel wilt hebben in het buitenland te zitten, neem je een wereldontvanger mee. Met duim en wijsvinger aan de afstemknop draaien om tussen de bevreemdende ruis van de korte golf te proberen iets van de wereldomroep te kunnen verstaan. Want ook al kun je tegenwoordig bijna kraakhelder elke Nederlandse presentator via de pc te voorschijn toveren, er gaat niets boven het telkens wegvallende signaal van de 22-meterband, waardoor je de finish van de Tour de France net mist.

Laatste avondmaal – vr 22 juli 2005

Jaap, een goede en dierbare vriend, gaat naar Kenia. Niet voor altijd, maar wel voor vijf-en-een-halve maand. Reden genoeg voor een laatste afscheid. Liesbeth en Joris zorgden voor het eten, ik maakte mezelf er makkelijk vanaf met een paar kratten bier.

Wellicht een mooie aanleiding om eens wat over Jaap te vertellen. Jaap is namelijk het soort vriend waar wel meer homo’s last van hebben: enthousiast, begripvol, nieuwsgierig en hetero. Het soort waar je verliefd op wordt. En ik kan je verzekeren, dat is een vervelende situatie.

Nu is die verliefdheid gelukkig op een gegeven moment vanzelf overgegaan, maar – en ook dat is alles behalve uniek – alles bij elkaar ging daar wel een paar jaar overheen. Ondertussen was stinkend jaloers op de vriendinnen die hij ondertussen versleet. Nou, vooruit, verslijten is misschien een overdrijving, maar toch.

Het aardige van Jaap is dat hij er nooit een punt van heeft gemaakt, ook al maakte het hele gebeuren de vriendschap soms wat ongemakkelijk. Erger nog, op momenten ging hij zelfs de therapeut uithangen. Volgens sommigen is dat precies de reden waarom het zo lang duurde voordat de onbeantwoorde liefde over ging. Maar goed, de komende vijf-en-een-halve maand is hij in Kenia. Waarmee ik vier jaar na dato alsnog het advies van een andere goede vriend, Gert-Jan, opvolg. Die zei namelijk al heel snel, tijdens één van de momenten dat ik in een diep dal zat: “het zou misschien helpen als jullie elkaar wat minder vaak zouden zien”.