Heilig Hartkerk (6) – do 5 jan. 2006

Wie dacht dat de week na nieuwjaar zou bestaan uit een beetje wezenloos voor je uit staren en relaxen, had het mis. 2006 is nog maar net uit en de heksenketel begint alweer. Of nee, eigenlijk was ‘ie nooit helemaal opgehouden. Er was al weer een raadsvergadering.

Oké, we waren er zelf debet aan als GroenLinks. Samen met de rest van de oppositie hadden we immers een spoeddebat aangevraagd over de Heilig Hartkerk (zie logs wo 21 dec 2005, do 22 dec. 2005-1, do 22 dec. 2005-2, vr 23 dec. 2005 en za 24 dec. 2005). Het woord spoed is in deze betrekkelijk, aangezien er tussen de ontruiming en het debat ruim twee weken zat, maar goed.

Voor wie het niet helemaal heeft bijgehouden: op 21 december werd de al achttien jaar gekraakte Heilig Hartkerk tijdelijk ontruimd vanwege een eerder geconstateerde, acuut brandgevaarlijke situatie. En ja, ook de bewoners zelf geven toe dat de kerk er wel eens beter opgeruimd had uitgezien. Wat de bewoners alleen nogal tegen de borst stuitte was dat de controle negen dagen eerder al had plaatsgevonden en dat in de tussentijd niemand had laten weten dat de situatie zo gevaarlijk was. Op woensdagochtend kregen ze zonder waarschuwing een bevel de kerk te verlaten, met nauwelijks tijd om hun persoonlijke bezittingen veilig te stellen. Vanaf dat moment ging bouw- en woningtoezicht aan de slag om alle brandgevaarlijke spullen te verwijderen. Aanvankelijk was beloofd dat die allemaal zouden worden opgeslagen, maar daar bleek later niets van terecht gekomen te zijn. En met die hele opruimingsoperatie zijn de bewoners tal van spullen, eigendommen en huisraad kwijtgeraakt. Die waren, zo heb ik zelf op die dag ter plaatse kunnen constateren, allemaal in de kraakwagen verdwenen.

Daar ging de raadsvergadering dus over. Het verwijt van GroenLinks kwam er kort gezegd op neer dat de operatie veel te onzorgvuldig was verlopen, waardoor vele spullen en kunstwerken zijn verdwenen. Nooit is er enig overleg gevoerd met de bewoners, terwijl daar voldoende tijd voor was en er met de bewoners van de kerk prima viel te overleggen.

Het college gaf echter geen duimbreed toe. Geen excuus voor de verloren spullen kon er vanaf. De bewoners konden via de normale weg een schadeclaim indienden, zo vertelde burgemeester Van der Velden zuinigjes. Alhoewel het hem was aan te zien dat hij duidelijk met de zaak in zijn maag zat. Jammer dat politici nooit groot genoeg zijn om soms gewoon toe te geven dat iets anders is gelopen dan je had gehoopt en dat dat niet de bedoeling was.

En bij VVD-wethouder Van Blerck konden de bewoners al helemaal niet op enige sympathie rekenen. Ofwel interesseert het haar geen zak, ofwel wil ze zichzelf het imago van ‘de vrouw van staal’ aanmeten. Emotieloos verkondigde Van Blerck dat zij niet van de krakersromantiek is.

Wie het nog het allerbondst maakte was VVD-raadslid Frank van Overveld. In een opgewonden standje, het zal wel verkiezingskoorts geweest zijn, slaakte zij de meest rechtse taal uit, die zelfs de leden van zijn eigen fractie de wenkbrauwen deed fronsen. Over de onzorgvuldige operatie sprak hij geen woord; des te meer over dat de leefwijze van de bewoners van de Heilig Hartkerk niet in zijn wereldbeeld paste. Een weinig liberale houding: de VVD was, vanuit hun liberale idealen, toch altijd zo tolerant naar andersdenkenden?

Uiteindelijk kwam er weinig concreets uit de vergadering. Een moties van GroenLinks, mede ondertekend door SP, D’66 en Leefbaar, waarin de gang van zaken werd afgekeurd haalde het niet. Datzelfde gold ook voor een motie waarin om een coulante vergoeding van de door de bewoners geleden schade werd gevraagd. Een motie van GroenLinks waarin we het college opdroegen de eigenaar van het pand aan te sporen de meest noodzakelijke reparaties aan het pand, voornamelijk het dak en de toren, nu eens ter hand te nemen, werd ook afgewezen door een meerderheid van de raad. En dat is vreemd, aangezien zelfs het CDA eerder al eens had gezegd dat het pand maar eens moest worden opgeknapt. En zo werd maar weer eens pijnlijk duidelijk dat die partij de daad, als het erop aankomt, niet bij het woord voegt.

Saillant detail: samen met koorlid Nandl had ik eerder die week een tekst geschreven over de hele zaak rond de Heilig Hartkerk. Dat protestlied hebben we met het koor Tegen de Wind Mee voorafgaande aan de vergadering gezongen. Wie het wil beluisteren kan dat hieronder.

Verkiezingsdag – za 15 okt. 2005

In Akantes, een vroeger voor mannen volstrekt verboden vrouwenhuis annex studiecentrum in Amsterdam, hield de groenlinkse jongerenorganisatie Dwars een bijeenkomst over de rol van Dwars binnen de gemeenteraadscampagne van GroenLinks. Ik mocht de dag aan elkaar praten.

Ondanks het inhoudelijk nogal stevige programma was de opkomst vrij behoorlijk. Toen de avond gevallen was, besloten we met vijf mensen nog wat te gaan eten in één of ander zeer trendy ogend, maar desalniettemin niet zeer prijzig restaurant in de hoofdstad.

Het was een uur of één toen ik arriveerde in Breda. Ik kon dus nog best even langs het verjaardagsfeestje van Guus. Ondanks de drukke dag hield ik het het langste vol. Om zeven uur ’s ochtends, toen zo’n beetje iedereen al naar huis was, draaide we nog een laatste plaatje.

Program – vr 23 sept. 2005

De programcommissie kwam ’s ochtends bijeen. Twee conclusies waren al snel getrokken. Eén: het programma zou tegen wil en dank toch weer een vrij gedetailleerd en inhoudelijk boekwerk worden; en twee: we hadden een week of twee extra tijd nodig.

Het ontwikkelen van een verkiezingsprogramma is altijd weer een lastige zaak. Een aantal dingen kan weliswaar overgenomen worden uit vorige programma’s, maar veel zaken moeten geactualiseerd worden. Daarnaast is de financiële situatie van Breda in de komende periode aanmerkelijk minder rooskleurig dan de afgelopen bestuursperiode. Dat is ook logisch, aangezien er de afgelopen jaren veel geld is uitgegeven en gereserveerd voor nodeloze, dure projecten.

Schrijfwerk genoeg dus. Waardoor ik ’s avonds zo’n honger had dat ik met liefde inging op de uitnodiging van vrienden Guus en Peter om te gaan eten bij de Argentijn. Waardoor ik pas vrij laat naar Utrecht ging om daar het verjaardagsfeestje van alto-Joris bij te wonen. Gelukkig kon ik blijven slapen. Al was het maar omdat ik de volgende dag al weer betrekkelijk vroeg op het partijbureau van GroenLinks moest zijn.

Fractie later – ma 20 juni 2004

Ik had beloofd nog één en ander te vertellen over de hoorzitting over langere openingstijden, die vorige week heeft plaatsgevonden (zie weblog ma 13 juni 2005). Aangezien de commissiebehandeling later die week zou plaatsvinden, hadden we het maandag op de fractievergadering ook uitgebreid over dat onderwerp.

Het fenomeen hoorzitting is relatief nieuw in Breda. Vooralsnog eigenlijk alleen toegepast om burgers de gelegenheid te geven hun wensen door te geven aan de raadsleden bij de behandeling van de kadernota (zie weblog vr 20 mei 2005). Over het onderwerp horecasluitingstijden werd nu ook een hoorzitting georganiseerd.

Allereerst kwamen de bewoners van de binnenstad aan het woord. Hun reactie was simpel: wat ons betreft mogen de kroegen langer open blijven, zolang de geluidsoverlast door de vaak harde muziek maar in de gaten wordt gehouden. Ofwel: controleer nu eindelijk eens goed of kroegen hun stereo niet te hard openzetten.

De tweede groep insprekers bestond uit vertegenwoordigers van de horeca. Die werd in eerste instantie vertegenwoordigd door Horeca Nederland (de café’s) en de Wandelarij (restaurants). Het spreekt voor zich dat vooral de mening van de café’s in deze kwestie een belangrijke rol speelt. Dat de Bredase afdeling van Horeca Nederland de verruiming van de openingstijden niet zo zag zitten, was al bekend. De restaurants hadden een minder uitgesproken mening (wij gaan toch om elf uur dicht), maar waren ook geen voorstander.

Een derde spreekster was tot enkele maanden geleden uitgesproken voorstander van langere openingstijden en had toen een enquête gehouden waaruit bleek dat een heleboel café’s dat ook vondt Zij bleek echter inmiddels bestuurslid van datzelfde Horeca Nederland geworden te zijn en had ineens een volstrekt tegengestelde mening. Iets dat mijn wenkbrauwen nogal deed fronsen. Binnen een tijdsbestek van enkele maanden 180 graden van mening te veranderen, roept immers nogal wat vragen op en die werden naar mijn smaak niet voldoende beantwoord. Zeker ook aangezien de kleinere, onafhankelijke kroegbazen die ik ken juist fervent voorstander zijn van ruimere openingstijden.

Eveneens opvallend was dat de studentenverenigingen, die het uitgaanspubliek moesten vertegenwoordigen, een uitermate slecht voorbereid verhaal hadden, dan wel helemaal niet aanwezig waren. Dat de broodjeszaken niet eerder dicht wilden, zoals het college in een conceptvoorstel heeft voorgeschreven, mag volstrekt duidelijk zijn. En dat de taxi-branche het allemaal een worst zal zijn “want wij werken toch al 24 uur per dag”, was ook niet verassend. Al met al had ik uiteindelijk nogal wat vraagtekens bij de hoorzitting en de uitgenodigde sprekers. Anderzijds, en dat moet ook gezegd worden, is het nooit verkeerd om de mening van de betrokkenen in zo’n hoorzitting te horen. Hoe die mening gewogen wordt, is uiteindelijk aan de commissie.

De Kadernota – do 2 juni 2005

De behandeling van de kadernota nam traditiegetrouw twee avonden in beslag. Want als er over het beleid van het komende jaar gepraat moet worden, is dat een gewichtige zaak, die foorgaans uitgedrukt wordt in de kilo’s papier die fracties nodig hebben om hun eerste reactie te geven.

De eerste termijn, zoals het officieel heet, wordt al jarenlang schriftelijk afgehandeld. De fractievoorzitters sturen hun bijdrage, die ze in een ver verleden altijd monotoon voorlazen in de vergadering, nu een dag van te voren op aan alle andere raadsleden. Tijdens de eerste vergadering krijgt elke fractievoorzitter dan nog kort de gelegenheid om te reageren (kort, voor de duidelijkheid, is in politieke termen nog altijd een dikke vijf minuten), waarna het college van burgemeester en wethouders de vragen kan beantwoorden. En aangezien alle vragen al een dag eerder op papier stonden, hebben de ambtsdragers aan de bestuurstafel hun antwoord al klaar.

Dan komt de tweede termijn. De fracties reageren dan op elkaar en dienen ze moties en amendementen in op de kadernota, over de dingen die ze graag nog veranderd willen zien. Dat was dus allemaal op dinsdag.

Op donderdag wordt door de raadsleden gereageerd op de beantwoording van het college, die voor de zekerheid ook op papier is gezet en rondgestuurd. Het college reageert dan ook op de ingediende moties. Meestal gaat dat als volgt: een motie van de coalitiefracties wordt overgenomen, een motie van de oppositiepartijen wordt afgewezen. Zo werd de motie van GroenLinks, mede ondertekend door SP, Breda ’97 en D’66, waarin stond dat het opknappen van de Ginnekenweg nu onderhand maar eens voorbereid moest gaan worden, ontraden. Hetzelfde gold voor een motie over een volwaardig jeugdhonk in de Haagse Beemden. Ook een gezamenlijke motie over het opknappen van de Dintelstraat in de wijk Westeinde van SP en GroenLinks, kon op weinig bijval rekenen, behalve dan dat de wethouder beloofde dat hij nog eens een keer zou gaan kijken.

Allemaal zinloos dus? Nee. Want onze motie over de Ginnekenweg haalde desondanks een meerderheid. En mede dankzij onze felle kritiek op het cultuurbeleid, werd ook op dat terrein een motie aangenomen, ook al was deze dan niet door ons ingediend (zie web-log wo 18 mei 2005). De inhoud van die motie was dat de raad nog maar eens over de bezuinigingen op cultuur moest gaan praten. Het benodigde geld is er echter niet, dus of die discussie ook zin zal hebben, is nog maar de vraag.

Twee redelijk lange avonden dus, met veel gepraat. Los van een enkel interruptiedebatje, houdt ieder normaal raadslid tijdens de kadernota-bespreking zijn mond. De kadernota, die is voor de fractievoorzitters.

Hoorzitting – vr 20 mei 2005

De gemeentelijke Kadernota met daarin het beleid voor 2006 wordt binnenkort behandeld. In Breda betekent dit dat de burgers hun wensen en verlangens voor het komende jaar uit de doeken mogen doen in een speciale hoorzitting. Wie denkt dat dat een saaie bijeenkomst is met zeurende burgers heeft voor ongelijk.

Je hebt klagers en klagers. De belangenvertegenwoordigers die op de hoorzitting afkwamen waren, hadden inderdaad nogal wat wensen en aanmerkingen op het gemeentelijk beleid. Maar zeuren was het niet. In tegendeel, veel van de dingen op de wensenlijstjes van de diverse sprekers, vond ik niet meer dan normaal.

Of we aan alle wensen ook tegemoet kunnen komen, is een tweede. Want politiek is keuzes maken. En hoewel raadslid André Lips de eerste was om te zeggen dat Gemeenschapshuis De Koe nu onderhand maar eens rap moest worden uitgebreid, heb ik daar nog wel wat kanttekeningen bij. Want ik ken buurthuizen in andere wijken die harder aan een opknapbeurt toe zijn. En politiek is nu eenmaal keuzes maken, zeker wanneer de bomen even niet meer tot aan de hemel groeien.

En dan kies ik in eerste instantie voor de kwetsbare buurten, de wijken die het het hardste nodig hebben. Dat is bij sommige insprekers misschien geen populaire boodschap, maar het is wel eerlijk. Dus men moet niet verbaasd staan te kijken als ik het jeugdhonk in de Haagse Beemden of de bestrating in het Westeinde belangrijker vind dan het uit zijn jasje gegroeide gemeenschapshuis in Princenhage.

Robbertje – do 15 juli 2004

Anderhalf jaar geleden ben ik gestopt met mijn werk bij Omroep Brabant om in de raad te gaan zitten. Maar mijn vervangster Eefke Boelhouwers zat op hete kolen en had mij enkele weken terug al gevraagd of ik niet voor één keer kon invallen. En dat kon. Dus was ik deze donderdag weer eens op mijn oude stek in Eindhoven.

Aangezien het radio-programma Een Robbertje Bartol tot 19.00 uur duurde en ik pas om vijf voor zeven weg kon, vreesde ik te laat te zijn voor de raadsvergadering. Het viel echter mee, slechts vijf minuten te laat, om 19.35 uur liep ik de raadszaal binnen voor de laatste vergadering voor het reces.

Allereerst enkele vragen over de dreigende bomenkap in Teteringen (zie web-log do 29 jan. 2004). In Januari was buurman Charles van den Bosch al voor de shovel gesprongen om te voorkomen dat een bosperceel van een kleine hectare platgewalst zou worden. Later keurde de rechter deze kap inderdaad af. Maar nu dreigde de paters van het missiehuis samen met projectontwikkelaar De Wilde (die daar eigenlijk een omstreden 18-holes Golfbaan willen realiseren) opnieuw te gaan kappen. De wethouder, die eerder nog aangekondigd had desnoods zelf met het hele college voor de shovel te gaan staan, merkte dit maal op in de kwestie geen partij te zijn en dus niets te kunnen doen om de kap tegen te gaan.

Het voornaamste punt op de agenda was echter de kwestie rond de geplande woningbouw in Teteringen (zie web-log ma 5 juli 2004 en wo 14 juli 2004). De oppositie had fel ingezet: de positie van de wethouder was wat ons betreft onhoudbaar. In een drietal moties werd dat verwoord: het beleid van het college werd afgekeurd, de wethouder moest zijn dossier overdragen aan een ander en, tot slot: het vertrouwen in de wethouder werd opgezegd.

Dat die laatste motie, die als consequentie zou hebben dat de wethouder maar moest opstappen, had, zoals te verwachten viel, geen meerderheid. Dat de collegepartijen echter ook niet bereid waren hun afkeuring over het gevoerde beleid uit te spreken, vonden wij wel erg laf. Ze staken echter wel hand in eigen boesem. Zoals CDA-voorman Cees Dubbelman het verwoordde: “we hadden beter naar GroenLinks moeten luisteren” (tsja, dat is altijd verstandig) en “we zijn zelf ook verantwoordelijk”. Wat Piet Hein Scheltens, fractievoorzitter van GroenLinks, deed opmerken dat, als de wethouder dan niet opstapte, misschien de voltallige fractie van het CDA beter kon opstappen. Ook daartoe was Dubbelman echter niet bereid.

Kadernota – 17 juni 2004

Weer een ouderwets drukke donderdag. Voor de laatste keer voor de zomer moest ik de hele dag in Tilburg zijn om ‘mijn studenten’ te begeleiden. Aansluitend de wekelijkse column voor ‘Een Robbertje Bartol’, die vandaag enigszins de mist in ging omdat ik een stukje tekst bleek te missen toen ik ‘m op een toch al langzame printer uitprintte (waar ik natuurlijk pas achter kwam tijdens de voordracht) en daarna racen (geen avondeten) naar Breda voor de tweede behandeling van de Kadernota, met daarin in hoofdlijnen de plannen voor 2005.

Ik had geluk: er waren nog een paar broodjes en dus snaaide ik er twee mee. CDA-er Augenbroe (zo hoorde ik veel later in het café) bleek minder geluk te hebben. Voor hem restte de lege schaal met enkel wat kruimels. En dan lijkt me zo’n kadernota helemaal een lange zit.

Wat betreft die kadernota: vorige week was de eerste vergadering (zie web-log 10 juni 2004). Zoals gewoonlijk dient elke fractie dan wel een paar moties (opdrachten aan de wethouders) en amendementen (tekstwijzigingen voor de kadernota) in. En aangezien we tegenwoordig dualistisch zijn (de gemeenteraad bepaald in hoofdlijnen wat er moet gebeuren en is dus ‘de baas’), is dat spannender dan vroeger. Nou, tot zover het vakjargon.

Bij zo’n kadernota-behandeling zijn eigenlijk alleen maar de fractievoorzitters aan het woord. Anders wordt het wel een heel groot kippenhok. Bij de door GroenLinks ingediende motie over volkshuisvesting lag dat iets anders, aangezien ik binnen de fractie toch een beetje het voortouw heb genomen over dit onderwerp. Heel kort: in Breda wil GroenLinks veel meer huurwoningen verkopen, maar dan wel alleen aan huurders die er nu ook al in wonen. Met het geld dat dat oplevert worden nieuwe sociale woningen gebouwd, waar mensen die nu geen woning hebben (de starters en de mensen op een wachtlijst), in kunnen wonen. Per saldo neemt het aantal huurders af, een heleboel hebben immers hun woning gekocht en dus hebben we alles bij elkaar ook minder huurwoningen nodig.

Het plan probeert ook meer mensen te helpen om een huis te kopen. Mensen die wel een hypotheek kunnen betalen, maar deze via de bank niet krijgen (de bank stelt soms onnodig hoge eisen) kunnen via de gemeente of de woningbouwcorporatie een garantstelling voor de hypotheek krijgen met de eigen woning als onderpand. In principe kost dat dus niets, het is alleen maar een maniertje om bij de bank een hypotheek los te peuteren. Alleen als mensen hun hypotheek ineens echt niet meer kunnen betalen, loopt de gemeente of de woningbouwcorporatie een klein risico. De woning moet dan immers weer teruggekocht worden en het is nooit 100% zeker of deze dan nog evenveel waard is.

Zoals ik vorige week al schreef viel dit idee bij de PvdA in het verkeerde keelgat. In Engeland had dat onder de jaren van Margareth Thatcher heel slecht uitgepakt en dus vonden ze het een slecht idee. Dat ons plan niet vergelijkbaar is met dat van Thatcher lieten ze voor het gemak buiten beschouwing en noemden ons ‘zwart-rechts’. Dat schoot bij mijn fractievoorzitter Piet Hein Scheltens weer in het verkeerde keelgat en de rel was geboren.

Nu heeft de PvdA afgelopen zondag excuses aangeboden voor deze nogal vergaande opmerking (de kleur zwart wordt meestal geassociëerd met conservatisme of fascisme en dat was toch eigenlijk niet hun bedoeling. Met ons plan waren ze het echter nog steeds niet eens. CDA en VVD waren het echter wel met ons plan eens, mits het stuk over de garantstelling en het stuk over de opbrengsten die geïnvesteerd moeten worden in nieuwe sociale woningbouw weggelaten zou worden. Maar laat dat nou een essentiëel onderdeel zijn van ons idee.

We konden dus kiezen: het plan aanpassen en een meerderheid halen in de gemeenteraad voor ons plan, of het handhaven en verliezen. We hebben uiteindelijk het plan maar teruggetrokken. Een in mijn ogen uitgekleed en dus slecht plan moet je niet willen indienen en als het afgestemd wordt, hoeven we het er voorlopig niet meer over te hebben. We hebben het nu teruggetrokken, met de belofte dat er binnenkort van ons een uitgewerkte notitie over verschijnt, dat dan in de commissie besproken zal worden.

Het wordt een drukke zomer. Naast de beloofde integratienotitie van GroenLinks komt er nu dus ook een uitgewerkte volkshuisvestingsnotitie. En drie keer raden wie in alle twee de gevallen de lul is. Precies: ik zei de gek. Gelukkig vind ik het stiekem best wel leuk.

Kadernota – vr 28 mei 2004

De kadernota is de jaarlijkse voorjaarsnota waarin de financiële kaders voor 2005 uiteengezet worden. Het is daarna aan de raad om te bepalen hoe het geld in dat jaar besteed moet gaan worden. Wanneer de raad dat gedaan heeft, wordt dat allemaal vertaald in een begroting. Die komt in het najaar aan de orde.

De kadernota wordt in twee vergaderingen behandeld. Een eerste, opiniërende vergadering op 10 juni (de burgemeester heeft gemeend deze vergadering samen te moeten laten vallen met de Europese Verkiezingen). Daarna worden op 17 juni de beslissingen genomen. De eerste reactie van de politieke partijen worden vooraf schriftelijk uitgewisseld, zodat de verschillende partijen beter op elkaar in kunnen gaan.

Ophef in de raad – do 29 jan. 2004

Een drukke dag: om negen uur naar mij werk, om half zes snel wat eten, een column schrijven, deze om 18.45 uur vanuit de radio-studio van de Fontys Hogeschool voor Journalistiek live voordragen in het Omroep Brabant-programma ‘Een Robbertje Bartol’ en daarna snel de auto in om nog op tijd, half acht, op de raadsvergadering te arriveren.

Mijn bijdrage in de raad bestond uit vragen aan het college over de illegale bomenkap in Teteringen (GroenLinks deed dat mede namens de fractie SP), op het terrein van de paters van Missiehuis Sint Fransiscus Xaverius. De paters willen dit terrein verkopen aan projectontwikkelaar De Wilde die daar een golfterrein wil aanleggen. Nu heeft De Wilde wel een kapvergunning, maar de rechter heeft deze voorlopig geschorst (de vergunning is dus niet geldig), omdat er nog bezwaren zijn tegen de kap. Desondanks hebben de paters opdracht gegeven om een stuk bos te kappen (nota bene aan dezelfde projectontwikkelaar), zogenaamd om maïs te planten, een activiteit waar ze enige jaren eerder juist mee waren gestopt omdat het niets opleverde. Een buurman die de shovel probeerde tegen te houden, raakte daarbij ook nog eens gewond.

Aan het college wilde ik vragen in hoeverre zij de daders van deze illegale kap kunnen straffen en in hoeverre het kan voorkomen dat er in dit soort situaties in de toekomst weer illegaal gekapt wordt. In de inleiding voor mijn vragen maakte ik een wat cynische reconstructie van het tafereel, waarin ik de vernietiging van een stuk bos afzette tegen het scheppingsverhaal uit de bijbel. Het was een inleiding met een beetje humor, getuige de vele lachers in de raadszaal.

Dit alles tegen het zere been van de CDA-fractie. Demonstratief liepen twee leden van deze fractie, fractievoorzitter Cees Dubbelman en raadlid André Lips, uit de vergadering weg. Raadslid Jos Figlarek van dezelfde CDA-fractie stelde mij de vraag waarom ik het geloof bij deze zaak had betrokken en waarom ik toch het pad van de humor had gekozen. Mijn antwoord was simpel: juist van de geestelijkheid verwacht ik moreel en ethisch onberispelijk gedrag, omdat zij dat ook verkondigt. Aangezien ik deze illegale kap ethisch, noch moreel kon goedkeuren, stelde ik dat aan de kaak. En humor is een makkelijk gekozen stijlvorm. Immers, het verhaal zelf was al zo absurd dat het cynisme ervan afdroop. Ik hoefde daar maar weinig aan toe te voegen. Ik heb tevens beloofd zelf wel te blijven zitten, ook wanneer het CDA een voor mij onwelgevallig betoog houdt.

Na de vergadering (Figlarek stootte per ongeluk nog een kan water om, precies over mijn broek en spullen, Gods water over gods akkers, zullen we maar zeggen) deelde de burgemeester nog mede dat hij de inleiding niet als te vergaand had ervaren. Anders had hij me, als voorzitter van de raad, wel tot de orde geroepen. Eerlijk is eerlijk, ik vond de houding van het CDA een beetje kinderachtig. De beste komieken hebben een speciale band met het geloof, of het nu Fons Janssen is of Freek de Jonge. Humor en geloof lijkt mij dus een prima combinatie.

de tekst van het betoog is na te lezen via http://www.groenlinksbreda.nl/index.php?option=com_content&task=view&id=981&Itemid=37.