Homo Humanus – di 30 jan. 2007

GroenLinks Postercampagne 1994 

Enkele weken geleden haalde de VLIP, die strijdt tegen de opkomst van de kassen in het Prinsenbeekse landschap, de voorpagina door het CDA te beschuldigen van ‘fascistoïde manipulaties’. ‘Wethouder Willems liegt’ kopte BN/DeStem vandaag, opgetekend uit de mond van actievoerder en oud-commissielid Jos van der Maas. Laat ik voor één keer de fatsoensrakker uithangen via deze open brief.

De toon van het politieke debat verhardt. Enige tijd geleden was het de Beekse belangenvereniging VLIP die het CDA beschuldigde van ‘fascistoïde manipulaties’. Deze week betitelde Jos van der Maas – nota bene zelf oud commissielid – verkeerswethouder Wilbert Willems als leugenaar. In beide gevallen gaat het om kwalificaties die mijns inziens de grens van het betamelijke overschrijden. Deze laakbare toon past niet bij het politieke debat en werkt contra-productief. Als politicus heb ik weinig behoefte nog in overleg te treden met mensen die dergelijke taal bezigen.

Van politici en bestuurders verwachten mensen terecht dat zij open communiceren en eerlijke, heldere informatie overleggen. Omgekeerd mogen wij van belangenvertegenwoordigers en individuele burgers verwachten dat zij zich in fatsoenlijke bewoordingen uitlaten, ook wanneer er een beslissing wordt genomen die hen niet welgevallig is. Zo niet, dan schaden zij niet alleen het belang waar zij zelf voor menen op te komen, maar werken zij mee aan de verhuftering van het maatschappelijke klimaat waar zo velen zich in toenemende mate terecht aan ergeren.
Selçuk Akinci

Homo Graphicus – ma 29 jan. 2007

GroenLinks postercampagne 1994

Zolders hebben een magische uitstraling. En kelders ook. Zeker als ze gebruikt worden voor opslag. Een ongeordend archief van spullen die zijn afgedankt, maar die niemand weg dorst te gooien. Bestaande wetten uit de fysica gelden er niet; zolders zijn tijdloos.

Ik doolde wat rond op de zolder van GroenLinks, die dienst doet als opslag. Kasten vol boeken en publicaties, mappen met vergeelde documenten. En tientallen kokers met oude affiches van GroenLinks. Ik ken ze allemaal, elk verkiezingsaffiche.

Van al de postercampagnes die GroenLinks in de loop van de jaren heeft gevoerd, waarvan ik er velen, bewapend met behanglijm en waterglas bijna allemaal wel ergens tegen een verkiezingsbord heb geplakt, is die uit 1994 mij het dierbaarst. Het was een prachtige beeldcampagne met pakkende slogans en mooie beelden.

Niet dat het mocht baten overigens. GroenLinks verloor bij die bewuste verkiezingen, met Mohammed Rabbae en Ina Brouwer als duo-lijsttrekkers, een zetel. Maar de posters hebben niets aan zeggingskracht ingeboet. De komende week prijken ze boven mijn blogs.

Homo Convehens – zo 28 jan. 2007

Al jarenlang de zelfde nieuwjaarsborrelfoto

Traditiegetrouw is de nieuwjaarsborrel van de Bredase afdeling van GroenLinks hekkensluiter in een serie van recepties en borrels die de maand januari zo kenmerkt. Het is ook één van de leukste recepties. Dat komt vooral omdat na een overdaad van recepties aan het begin van de maand de mensen tegen het einde van januari wel weer toe zijn aan een nieuwjaarsborrel.

Het voornaamste bezwaar tegen nieuwjaarsborrels is doorgaans de timing. Ofwel zijn het leuke borrels, maar worden ze ’s middags gegeven, waardoor de gezelligheid na enkele uren uiteenvalt omdat iedereen om zes uur aan de croma moet zitten. Ofwel zijn het saaie borrels die om acht uur beginnen en waar je moet goed fatsoen toch wel een uur of twee moet blijven, daarmee de rest van je avond nutteloos latend.

Onze borrel behoorde tot de eerste categorie. Gelukkig bleven er genoeg mensen hangen. We mochten zelfs een pizzaatje laten komen. Thuisgekomen rook ik dus weer flink naar café: verschaald bier en peuken. En naar vier soorten kaas natuurlijk.

Homo Temporalis – vr 26 jan. 2007

zoals het klokje in de raad tikt...

De gemeenteraad had een heidedag. Voor het eerst. En dus verzamelde de vrijwel voltallige gemeenteraad en nog een stuk of wat commissieleden zich op deze meteorologisch mistroostige dag in vergadercentrum Princeville.

De vraag die die dag beantwoord moest worden: hoe vindt de gemeenteraad dat hij zelf functioneert en hoe kunnen we dat verbeteren. De tweede deelvraag beantwoord eigenlijk al de eerste. Het functioneren van de gemeenteraad laat soms behoorlijk te wensen over.

Onherroepelijk volgen dan ellenlange sessies waarin iedereen tal van externe factoren opwerpt die debet zijn aan het gebrek aan kwaliteit. Externe factoren, want aan de kwaliteit van de individuele raadsleden kan het uiteraard niet liggen. Slechts een enkel nieuw raadslid durfde het aan om het eigen gebrek aan kennis over bepaalde zaken hardop te benoemen.

Desondanks, laat ik daar niet ontrecht schamper over doen, was het een geslaagde bijeenkomst. Al zal dat niet direct leiden tot een grote sprong voorwaarts. Veel van de geopperde verbeteringen dienen eerst nog uitgewerkt te worden en dat kan – het blijft immers politiek – nog best even duren.

Eén verbetering kan wel direct ingevoerd worden: een klokje bij het spreekgestoelte om de woordvoerders enige indicatie te geven van de lengte van hun bijdragen. Dat zou mij in ieder geval helpen, want ook al beloof ik telkens beterschap, ik wil tijdens mijn bijdragen in de raad ook veelvuldig uitweiden. Komt tijd, komt raad, zullen we maar zeggen. Alhoewel je die spreuk in dit geval ook zou kunnen omdraaien.

Homo Exhibens – do 25 jan. 2006

The Office

Met de verhuizing heb ik weliswaar één van de grotere kamers toebedeeld gekregen, maar ook één met de minste lichtinval. Dit gebrek aan luxe heb ik proberen te compenseren door mijzelf het grootste bureau toe te eigenen.

Dat bureau moest voor de gelegenheid wel verplaatst worden. Alsmede de vergadertafel en allerhande ander meubilair dat de kamer doorgaans vult. In het kader van de Provinciale Verkiezingen hadden we een videoshoot met de kamerleden en er was besloten mijn werkplek om te bouwen tot provisorische opnamestudio.

Het was een lange opnamedag, maar gelukkig ook een vruchtbare. Totdat bleek dat de digitale filmbestanden van een dermate ontoegankelijk bestandsformaat waren dat ze niet zomaar gebruiksklaar op mijn laptop gezet konden worden. MXF-bestanden, weer een nieuw en volstrekt ontoegankelijk bedenksel van de makers van Sony.

Terwijl we als partij er nu juist alles aan proberen te doen zo toegankelijk mogelijk te zijn.

Homo Opperiens – wo 24 jan. 2007

New York Bar in het Park Hyatt Hotel Tokkyo. Ook te vroeg dicht.

Al weer een nieuwe loot aan de boom die horecasluitingstijden-discussie heet. En weer was de uitkomst geen uniforme verruiming van de Bredase horeca.

In december was een delegatie van de commissie bestuur bijeengekomen om een notitie te schrijven die een vertaling moest zijn van ‘het gevoelen van de commissie’. Voor- en tegenstanders waren in die werkgroep vertegenwoordigd, met uitzondering van het CDA. Naar eigen zeggen, omdat ze dermate radicaal tegen ruimere openingstijden zijn dat ze niet wilde praten over welk compromis dan ook.

In de notitie werden de sluitingstijden van de reguliere horeca op donderdag, vrijdag en zaterdag verschoven van twee naar vier uur, waarvan het laatste uur een zogenoemd venster-uur. Dat wil zeggen dat iedereen die binnen is, daar mag blijven, maar er geen nieuwe mensen binnen mogen. Weliswaar minder vergaand dan de GroenLinkse wens van vrije sluitingstijden, maar voor ons alleszins acceptabel.

Tot zover geen vuiltje aan de lucht. Totdat de PvdA ineens met het idee kwam om alles gefaseerd in te voeren. Eerst een uurtje erbij en dan, als alles goed gaat, een jaar later weer een uurtje erbij. Dat alles om meer draagvlak te krijgen bij horeca-ondernemers, binnenstadbewoners en de politiek. De PvdA vond een meerderheid van één raadslid voor verruiming een beetje karig. Dat deel ik met hem, maar soms ben je al zo lang over een onderwerp aan het praten dat je onderhand eens een beslissing moet durven nemen.

En zo hebben de tegenstanders van de verruimde openingstijden opnieuw een slag gewonnen in dit moeizame debat. Alhoewel, we krijgen er in ieder geval al vast een uurtje extra bij aan het eind van deze zomer. En dat is maar goed ook, want als de volgende discussie over horecatijden weer net zo lang duurt, dan kun je daarna niet eens meer naar de kroeg.

Homo Legens – di 23 jan. 2007

De Pers 

Nederland heeft er een nieuwe krant bij. De Pers is de naam en het is een jongetje geworden.

Nog niet zo lang geleden was de krant nog een Mijnheer. Toen droegen journalisten nog een hoed en heetten ministers nog excellentie. Beide beroepsgroepen hadden toen nog een aanmerkelijk aanzien. Beide groepen zijn dat definitief verloren ergens ten tijde van de Fortuyn-revolte. Sindsdien is het salonfähig om het Nederlandse journaille uit te maken voor links rapaille.

De Pers is geen Mijnheer. De Pers is een jongetje. Jong en niet half zo groot als de grote mensenkrant. Maar voor een gratis tabloid is de krant verbazingwekkend aardig om te lezen. De Pers doet aan eigen nieuwsgaring, heeft enkele paginavullende verhalen en tikt niet alles klakkeloos over van het ANP. Goed, het overgrote deel van de afgedrukte foto’s komt rechtstreeks uit de beeldbank van Hollandse Hoogte, maar soit.
De redacteuren van De Pers lijken op het eerste gezicht het verschil te kennen tussen een grammaticaal correcte zin en een zebrapad.

Ik vind het getuigen van lef, om na de gratis kranten Metro en Spits nog een gratis krant voor de treinreiziger uit te brengen. Maar ik heb er ook meteen alle vertrouwen in dat de nieuweling zijn voorgangers naar de kroon zal steken. De Pers heeft alles in zich om snel de publiekslieveling te worden. Hij heeft smoel, iets dat ik in de kranten Metro en Spits in de afgelopen zes jaar nog niet heb kunnen ontdekken.

Maar het blijft natuurlijk een tabloid. En ook al doen Trouw en het Parool nog zo hun best, en ook al heeft NRC met zijn Next één van de meest tot de verbeelding sprekende formulevernieuwingen sinds de uitvinding van de drukpers doorgevoerd, een tabloid, hoe goed ook, blijft uiteindelijk gewoon een halve krant.

Ik heb mijn abonnement op NRC maar niet opgezegd.

Homo Mittens – ma 22 jan. 2007

kamernummerbordje

De verhuizing van de Tweede Kamerfractie van GroenLinks is vrijwel rond. De naambordjes hangen, de meeste dozen en kratten zijn verdwenen. Alleen op mijn draadradio ontvang ik nog steeds geen Radio 1. Noodgedwongen luister ik de ganse dag naar Hilversum 3.

Aanvankelijk was de GroenLinks-fax ook in mijn nieuwe kamer gestationeerd. Een vrij zinloos apparaat dat meestentijds stof staat te vergaren. Wie heeft er nu immers nog een fax?

Nog tot enkele jaren geleden was de eigen fax een statussymbool. Dat was nog voordat bedrijven één computer met Internetaansluiting per afdeling hadden. Het is welhaast niet meer voor te stellen, maar tien jaar geleden had niet elke ambtenaar zomaar toegang tot het World Wide Web.

Inmiddels ben je gekke Henkie als je een fax hebt. Niemand wil nog zo’n apparaat op de kamer. Ze mailen wel en maken van het document dat verzonden moet worden met hun mobieltje even snel een foto met een resolutie die elke fax doet verbleken.

Ik moest denken aan mijn moeder die laatst bij de Primafoon een nieuwe fax wilde kopen. De goedwillende verkoper ontraadde het haar. „Over twee jaar faxt er niemand meer”, antwoordde hij, „dat is zo ouderwets”. Maar mijn moeder is vertaalster en had dat ding echt nodig. Haar oude was kapot en veel van haar cliënten willen vertrouwelijke documenten nu eenmaal niet op de mail zetten. Het duurde een kwartier voordat de  hoofdschuddende verkoper besloot dan toch maar aan een fax te helpen. Maar van harte ging het niet.

Homo Praeclarus – za 20 jan. 2007

vlagvertoon

Het was weer eens nieuwe ledendag bij Dwars. En aangezien iedere plek waar Dwarsers samenkomen spoorslags verandert in een aangename ambiance, en om mezelf het koken van een maaltijd te besparen, besloot ik de jonge GroenLinkers te eren met mijn aanwezigheid.

Ik heb vast wel eens verhaald over het Dwars dat ik nog kende uit mijn eigen pubertijd. Tegendraads, principiëel en vooral boos op de wereld. Shell, McDonalds en het fascisme vormden gedrieën het overzichtelijke landschap van de vijand. Tot op de dag van vandaag mijdt ik de voornoemde hamburger- en oliegiganten. Maar eigenlijk was ik al een afvallige. Ik was de vleeseter tussen veganisten. Mijn zondig bestaan werd slechts gedoogd indien ik mijn bammetjes met salami stil in een hoekje tot mij nam.

Er is veel veranderd in het bolwerk van de jonge groenen. Dat het kader van Dwars een opvallend hoog aantal homo’s kent, was al bekend. En dat de heteromannen regelmatig in de minderheid zijn, mag ook geen verassing meer heten. Maar volgens mij was het voor het eerst dat de homo’s ook het aantal veganisten oversteeg.

En er was nog een andere verassing: de aanwezigheid van een opvallend groot aantal Brabanders. Hoezo randstadpartij? Met zes man hieven we luidkeels het lied ‘Brabant’ van Guus Meeuwis aan. Dwars is echt veranderd: zelfs chauvinisme wordt inmiddels stilzwijgend toegelaten.

Homo Clavus – vr 19 jan. 2007

drie generaties stappers

Ik was altijd van mening dat kleding vooral functioneel moest zijn. Niet het meest gunstige uitgangspunt dat je als homo kunt hebben. Gelukkig ben ik in de loop van de jaren milder geworden.

De tijd dat ik vier setjes identieke t-shirts, spijkerbroeken en spijkeroverhemden in de kast had hangen, is voorgoed verleden tijd. Kleding moet weliswaar praktisch zijn, met voldoende zakken , maar mag ook best een beetje leuk afkleden. Daar komt bij dat de mannenmode tegenwoordig ook meer rekening houdt met plekjes om je sleutels, mobiel en shag of sigaretten op te bergen.

Dus draag ik tegenwoordig spijkerbroeken die bijna precies goed passen en koop ik leuke jasjes – met zakken – die het geheel een beetje elan geven. Ik heb zelfs, god betere, tegenwoordig broeken met knoopjes in plaats van ritssluitingen.

Er is maar één ding waar ik geen concessies aan wil doen: mijn schoeisel. Vanaf het moment dat ik mijn eerste paar wandelschoenen kocht wist ik het zeker: ik wil nooit meer iets anders dragen. Voor mij nog slechts de Lowa Trekker S maat 9. Of, in Europese termen, maat 43,5. Voor de derde keer kocht ik vandaag een nieuw paar. Lopen op wandelschoenen is een dure aangelegenheid als je net zo snel door je schoenen heen gaat als ik. Ik denk dat ik het oude paar maar als presse papier ga gebruiken.