
Bouterse heeft excuses aangeboden voor de decembermoorden. Ruim veertien jaar na dato. Wat zullen de nabestaanden daar blij mee zijn.
wherever, whatever, have a nice day

Welgeteld vier verschillende overlegjes. Dat was mijn vrijdag. Het vierde overleg was onder het genot van een Chinese maaltijd.
Een goed overleg is gebaat bij een goede maaltijd. Eten verbroederd namelijk. Al is het maar omdat je elkaar nodig hebt bij het aangeven van het zout- en peperstel. Zolang er voldoende eten wordt geserveerd, hoeft niemand elkaar de hersens in te slaan.
Zou de wereld er niet en stuk beter uitzien als iedereen zo nu en dan is met elkaar zo gaan eten. Streekgerechten uit alle hoeken van de wereld. Wellicht helpt dat ook om elkaars wat beter te begrijpen. Niet voor niets bestonden de integratieprojecten uit de jaren ’80 uit niet veel meer dan vrouwen van de toenmalige gastarbeirders die lekkernijen uit het land van herkomst voorschotelden.
Geen oorlog meer en geen terrorisme; het zou toch prachtig zijn? Ik vraag me alleen af of het echt zou werken. Eten voor Vrede. Voor dat je het weet ontstaan er een food-fight.

Ze zijn eruit. 53 pagina’s regeringsbeleid. Met één belangrijke conclusie: de vrees voor het ethisch- conservatisme van de ChristenUnie bleek onterecht.
Er staan her en der wat christelijke woorden en de verplichte bedenktijd van vijf dagen voor abortus blijft gehandhaafd, maar in de praktijk verandert er op dit punt niets. In positieve, noch in negatieve zin. Er wordt wel meer gedaan aan begeleiding en dat is alleen maar goed te noemen.
Bij euthanasie krijgt pijnbestrijding meer nadruk. Een nieuwe slag valt op dit punt niet te verwachten. De huidige, soms moeilijk werkbare euthanasiewet uit de tijd van Paars. En het homohuwelijk blijft ook gehandhaafd. Nu echter met de zegening van André Rouvoet.
En dat geld voor de meeste beleidsterreinen. Op veel plekken staan mooie woorden, maar concrete beleidsveranderingen levert het weinig op. Om te beginnen: de internationale paragraaf is bedroevend weinig ambitieus. Een handjevol leuke uitgangspunten, maar geen concrete doelstellingen of maatregelen.
Het milieu krijgt aandacht. Het kabinet wil zelfs streven naar 2% minder energieverbruik. Maar pas op lange termijn en zonder de daarvoor noodzakelijke maatregelen te nemen. De Rotterdamse Haven is onaantastbaar en ook Nederland Distributieland blijft beschermd. Milieu is leuk, zolang we maar kunnen doorgroeien. Koste wat kost.
Het standby-kabinet, las ik ergens. Of misschien is Doornroosje wel een betere naam. Hopelijk duurt het in dit geval geen honderd jaar voordat het land wordt wakkergekust.

Vandaag stond een samenvatting van een opinie-artikel van mij in NRC Handelsblad. Het ging over de Armeense Genocide. Hieronder het gehele artikel. Bovenstaande foto is van Armin T. Wegner, en spreekt boekdelen. Voor hen met een sterke maag.
De officiële ontkenning van de Armeense genocide door de regering van Turkije is één van de struikelblokken bij de onderhandelingen over Turkse toetreding tot de EU. Vooraanstaande Turkse migranten in de EU zouden zich moeten inspannen om de discussie in Turkije open te breken.
“Dertigduizend Koerden en een miljoen Armeniërs zijn er in dit land vermoord en niemand durft er iets over te zeggen.” Die zin uit een interview kostte romanschrijver Orhan Pamuk bijna zijn vrijheid. In het land waar de Koerdische strijd om zelfbeschikking al uiterst gevoelig ligt, is de Armeense Genocide volstrekt onbespreekbaar. Slechts na zware druk van de Europese Unie werd de aanklacht tegen Pamuk geseponeerd.
De georganiseerde deportatie, concentratie en afslachting van de in het Ottomaanse Rijk levende Armeniërs wordt door de Turkse regering nog altijd ontkend. Ook het overgrote merendeel van de Turken is ervan overtuigd is dat de genocide een grove overdrijving, zelfs een verzinsel is van de Armeniërs. Het gaat zelfs zover dat veldonderzoekers van een gezamenlijk Turks/Armeens onderzoek naar de wederzijdse beeldvorming stuitte op tegenwerking van overheden en argwaan en vijandelijkheid van geënquêteerden. De gevoeligheid wordt verder geïllustreerd door het ongemeend felle debat op de discussiefora van de Engelstalige versie van Wikipedia, een door internetgebruikers zelf te redigeren encyclopedie. Het lemma over de Armeense genocide is om redenen van vandalisme noodgedwongen bevroren.
Dat tot op de dag van vandaag zoveel moeite wordt gedaan de genocide te ontkennen, is te verklaren aan de hand van het nationalisme dat onder Atatürk werd gepropageerd. Voor het voortbestaan van het steeds verder afbrokkelende Turkije was dit nieuwe nationalisme van groot belang. Dat de Turkse republiek is gebouwd op de lijken van de door de Jong-Turken vermoorde Armeniërs, kwam daarbij niet van pas, ook al vond de genocide plaats in de nadagen van het Ottomaanse rijk, voor de oprichting van de republiek door Atatürk. Eveneens ongemakkelijk was dat een aantal hooggeplaatste functionarissen dat verantwoordelijkheid droeg voor de wandaden, in ruil voor steun aan de opstand van Atatürk, later posten aangeboden kreeg in de regering van de republiek.
Atatürk heeft vanaf het begin nagestreefd Turkije om te vormen tot een moderne, naar westers model ingerichte democratie. Ondanks de vele hervormingen uit die tijd bestaan er tot op de dag van vandaag echter ernstige belemmeringen van de vrijheid van meningsuiting. Meest in het oog springende voorbeeld daarvan is artikel 301 van het onlangs nog vernieuwde strafrecht, dat het ‘omlaaghalen’ van de Turkse identiteit, de republiek of de assemblee strafbaar stelt, zoals onder andere Pamuk heeft ondervonden. Daarmee belemmert het Turkse recht elke discussie over de genocide.
De ontkenning van de genocide op de Armeense minderheid dreigt een heet hangijzer te worden in de toetredingsonderhandelingen tussen Turkije en de EU. VVD, ChristenUnie en SP hebben zelfs geëist het als ontbindende voorwaarde op te nemen in de toetredingseisen. Het is echter de vraag of door een EU opgelegde erkenning in zal leiden tot een klimaat waarin de Turken de genocide ook als historisch feit zullen accepteren en Turks/Armeense betrekkingen kunnen normaliseren. Turkije is meer gebaat bij een open discussie over het onderwerp. Alleen zo kunnen mensen overtuigd worden van de stelselmatige poging de Armeense bevolking in Turkije uit te roeien. Dat betekent in eerste instantie dat wetsartikelen die de vrijheid van meningsuiting verlammen, moeten worden opgeheven. Deze eis uit de toetredingsonderhandelingen is voor de democratisering van Turkije vele malen waardevoller dan een opgelegde erkenning van de Armeense genocide.
Erkenning van de Armeense Genocide door Turkije is van groot belang voor de normalisatie van de Armeens-Turkse betrekkingen. Erkenning van de genocide zou het einde betekenen van een in Armenië lange tijd gevoelde miskenning van de wreedheden waaraan dit volk heeft blootgestaan. Maar ook voor Turkije is het van groot belang dat vrijelijk gediscussieerd kan worden over de zwarte bladzijden van de geschiedenis. Alleen dan kan Turkije zich verder ontwikkelen tot een volwassen democratie. Niet de erkenning van de genocide an sich, maar het maatschappelijke debat dat daar in Turkije aan vooraf gaat, heeft die heilzame werking.
Om de discussie nu al op gang te brengen, is het wenselijk dat Turken in den vreemde zich uitspreken over de Armeense Genocide. Het strafrecht belemmert een vrije discussie in Turkije. Buiten Turkije kan deze wèl gevoerd worden. Vooraanstaande Turken in het buitenland, zoals schrijvers, politici en opiniemakers moeten daarom een voortrekkersrol nemen. Een maatschappelijk debat met en onder de Turkse gemeenschap in Europa kan in Turkije niet onopgemerkt blijven en zal ook daar leiden tot een voorzichtig debat. Erkenning van de verschrikkelijke gebeurtenissen tussen 1914 en 1923 kan dan op termijn dan niet uitblijven. Dat is voor zowel de plaats van de Armeense genocide in de Turkse geschiedenis als voor de vrijheid van meningsuiting in Turkije vele malen waardevoller dan een schoorvoetend gegeven erkenning die door de Turkse publieke opinie zal worden beschouwd als niets meer dan een door de Europese Unie afgedwongen concessie. Het is betreurenswaardig dat de kandidaat-kamerleden Tonca, Elmaci en Saçan hun kans niet hebben gegrepen om daarbij een voortrekkersrol te spelen.
Selçuk Akinci is lid van het algemeen bestuur van GroenLinks en is fractievoorzitter voor deze partij in de gemeenteraad van Breda.
Huh? Hirsch Ballin? Winsemius? Hebben ze in Den Haag een politiek kerkhof opgegraven ofzo?
De manoeuvre van het kabinet Balkenende 3 (of is het nu eigenlijk Balkenende 4?) is op zijn minst verassend te noemen. En roept tegelijk een hoop vraagtekens op. Want waarom heeft het kabinet de onvolprezen minister Verdonk niet de portefeuille justitie laten waarnemen tot aan de verkiezingen? Wordt de daarvoor dan toch te incompetent geacht?
Daags na de Schipholbrand die aan elf mensen het leven heeft gekost, kwam Rita Verdonk met haar inmiddels beroemde statement dat er ‘adequaat’ gehandeld was. Ze heeft dat daarna nog weken volgehouden, terwijl iedereen met gezond verstand weet dat er alleen sprake kan zijn van adequaat handelen als deze mensen tijdig waren gered uit de vlammenzee. Het rapport over de Schipholbrand is daarover ook glashard. Reden voor Donner en dekker om, in ieder geval volgens de officiële lezing, af te treden.
Politiek sappig werd het toen duidelijk werd dat Verdonk als vervangend minister het kamerdebat over de brand moest voeren namens het kabinet. In het Haagse werd er al reikhalzend uitgekeken naar het moment waarop Verdonk moest toegeven dat er niet adequaat gehandeld was en dat zij voor haar beurt had gesproken. Maar de VVD-prominente mocht niet beschadigd worden zo kort voor de verkiezingen. Dus moest er een joker ingezet worden. Hirsch Ballin was voor die functie kennelijk beschikbaar.
Donner is opgestapt om het pijnlijke debat te ontlopen. Een minister met ballen had het kamerdebat afgewacht en dan pas afgetreden. Nu ontloopt hij het moment waarop hij in het debat verantwoordelijkheid moet afleggen. Maar hij blijft wel vrolijk op plaats vijf van de kandidatenlijst van het CDA staan. ‘Hij kan straks weer gewoon minster van justitie worden, hoor’, aldus de reactie van het CDA. Leuk hè, zo iemand die zijn verantwoordelijkheid neemt?
Ja, ja, het heeft een jaar geduurd, maar de schipholbrand krijgt consequenties Zojuist meldt Teletekst dat de ministers Donner en Dekker aftreden. Overigens weet de Kamer officiëel nog van niets.
Dat betekent overigens wel dat het hele debat zich straks zal concentreren op Rita Verdonk. Dat alles in het kader van two down, three to go. En dat zou ik nou adequaat handelen vinden.

Respect, respect. Met moderne woord probeert het CDA hun aloude credo ‘normen en waarden’ weer nieuw elan te geven. In de tijd van Van Agt heette het nog ‘ethisch reveille’. Oude wijn in nieuwe zakken. Hele oude wijn zelfs. Van het soort dat er niet beter van wordt door lang bewaard te blijven.
Het CDA-programma is gepresenteerd. We, de werkende klasse, moeten allemaal weer langer werken om de AOW te betalen. Ook de AOW van mensen die er een riant pensioen op nahouden en in een villa wonen die ze dankzij de hypotheekrenteaftrek waar het CDA ook zo dol op is, met staatssubsidie hebben kunnen kopen. Zolang de AOW niet gefiscaliseerd wordt is dat de realiteit: langere werkweken om de AOW van Andries Moberg te kunnen betalen. Het moet niet gekker worden.
Nu heb ik niets tegen lange werkweken, ik maak ze zelf van vijftig tot zestig uur per week. Verschil is dat dat voor mij een keuze is. Maar het opgeheven christelijke vingertje dat mij met een misplaatst superioriteitsdenken moraliserend toebijt dat ik mijn brood in het zweet des aanschijns moet verdienen, vindt ik zum kotzen.
Maar dat is natuurlijk best verklaarbaar. Want het CDA denk in fijne gezinnetjes in doorzonwoninkjes en voor- en achtertuinen. Gezinnetjes met hond, kat en cavia. En 2.1 kinderen. Wier kinderbijslag door mij mag worden betaald. Geef mijn portie maar aan fikkie.
Ik gun iedereen zijn vrolijke gezinsleven in het dankzij de Vinex gebouwde troosteloze Suburbia van Nederland. Wie ben ik om andermans geluk te ontzeggen. Ik gun iedereen zijn kerk, Ik accepteer het luid bijeren van kerkklokken op de zo’n beetje de enige dag dat ik kan uitslapen en bedenk me dan vrolijk hoe tolerant ik toch ben. Maar daar wil ik dan wel iets voor terug: de mogelijkheid van eindeloze avonden waarin een menigte gedrogeerd en ritmisch dansend op dreunende muziek de donkere nacht wegfeest tot aan het eerste ochtendgloren. Bachanalen waar gen einde aan komt, zonder verplichte sluitingstijden en drugscontroles. Orgasmes van vreugde en genot. Bona Dea, maar dan voor mannen.
Niet dat ik zelf nou een ongekend genoegen beleef aan het gedrogeerd wegdansen en wegspoelen van de nacht. Ik wil alleen maar een punt maken.

In de laatste uitzending, gisteren, van het Omroep Brabant-programma Een Robbertje Bartol van 2005 werd mij gevraagd een column over het jaar 2005 te schrijven. Ik heb anderhalf jaar een wekelijks column gehad; nu ben ik een speciaal columnist voor bij bijzondere gebeurtenissen. Zoals bij de moord op Van Gogh of, zoals nu, het einde van 2005. De column ging over de nationale ziekte onder politici en andere machtswellustelingen: pluchekleven.
Goedenavond, daar aan de andere kant van de Radio,
Wellicht weet U dat ik politicus ben. Raadslid in Breda welteverstaan. Niet een vak om ontzettend trots op te zijn. Slechts enkelen doen hun werk met inzet en overtuiging. De meesten gooien er wat mij betreft met de pet naar. Het interesseert ze niet. Ze zitten op het pluche en daarmee is voor hen de klus eigenlijk al geklaard. Hierbij dan ook een lijstje van de grootste plucheklevers van 2005.
Het pluchekleven begon in januari, toen de meest leugenachtige presdident van de Verenigde Staten aan zijn tweede ambtstermijn begon.
In februari moest Ruud Lubbers van het pluche af, omdat ie een tets op de billen van een medewerkster had gegeven. Het waren vooral de Verenigde Staten die de druk op de ketel hielden en een aftreden eisten, om zich zo te ontdoen van een vluchtelingencommissaris die voor de verandering wèl begaan was met het lot van mensen.
In maart was het Paus Johannes Paulus II die afscheid nam van zijn pluche. De laatste weken van zijn leven bracht hij door in zijn bed. Gelukkig was Kardinaal de Rat er om in april zijn plek in het pluche op te vullen. Alhoewel, vele vrouwen, homo’s en andere ruimdenkende mensen zijn een stuk minder blij met de conservatief-Roomse opperpaap die tot aan zijn dood de scepter mag zwaaien.
In Mei en Juni wordt in respectievelijk Frankrijk en Nederland de Europese Grondwet weggestemd. Plucheklever Balkenende verdedigde die grondwet nog met de historische woorden ‘als de grondwet wordt afgestemd, sta ik in Europa in mijn hemd’. Voor veel twijfelende ja-stemmers de ultieme reden om de grondwet toch af te wijzen. Had de opperkwezel aangekondigd op te stappen bij een ‘ja’ voor de grondwet, dan had deze het ongetwijfeld wèl gehaald. Zelfs in Frankrijk.
Juli: de daders van de aanslagen in London en de moordenaar van Theo van Gogh mogen de rest van hun leven blijven zitten. Niet op het pluche, maar in de cel. Overigens bleef Tony Blair wèl op het pluche zitten, ook al was hij verantwoordelijk voor de dood van een onschuldige, zwarte inwoner van London, die door de politie werd doodgeschoten.
In augustus waaide en spoelde in New Orleans al het pluche weg, door de orkaan Katharina. Ook in Nederland zat er even niemand op het pluche, want het was reces. Een duur politiek woord voor vacantie.
In september veroverde de truttige en niet bijster slimme Angela Merkel het pluche op haar mediagenieke, maar weinig populaire concurrent Gerhard Schröder. De CDU van Merkel moest daarvoor echter wel een coalitie sluiten met diezelfde SPD, dus het zijn eigenlijk twee paar billen op één stoel. En met de kont van Merkel zit dat best wel krap.
In oktober blijft Rita Verdonk vrolijk op het pluche zitten, ondanks dat onder haar verantwoordelijkheid elf asielzoekers zijn omgekomen door een brand in het cellencomplex op Schiphol. De elf doden zijn kennelijk slechts een klein detail, want Verdonk vindt nog steeds dat er ‘zeer adequaat’ gehandeld is.
In November waren er rassenrellen in Frankrijk, sneeuwstormen die Nederland lam legden en wordt zo’n beetje de hele Amsterdamse onderwereld omgelegd. Desondanks denkt niemand erover om op te stappen.
En tot slot december: hoewel niemand de meest belachelijke spellingshervorming sinds de uitvinding van het Nederlands ziet zitten, blijven zowel de nieuwe regels als de Taalunie vrolijk op de pluchen stoel van hun ivoren toren zitten. Hoe anders ging dat met Peter R. de Vries, die vrijwillig heeft besloten zijn carrière in de politiek vroegtijdig te beëindigen wegens gebrek aan steun. Voor hem geen pluche. Hij is daarmee wat mij betreft de positieve uitzondering van het jaar. We zullen hem missen in de politiek.
Want zo gaat dat in de wereld van de macht. Het corrumpeert, het werkt verslavend en vrijwel niemand neemt vrijwillig afstand. Slechts de dood of de Verenigde Staten krijgen dat voor elkaar. Ik wens iedereen een gezond en pluche-vrij 2006.

Mohammed Bouyeri, de moslimidioot die gemeend heeft Theo van Gogh te moeten afslachten, heeft levenslang gekregen. Ondanks deze maximale straf, was de uitkomst onbevredigend.
Wat me het meeste stak was de onbewogenheid waarmee Bouyeri het hele proces over zich heen heeft laten komen. Zijn weigering te erkennen dat hij iets heel ergs heeft gedaan, iets onmenselijks. Had hij berouw getoond, dan had hij nog iets menselijks gehad. Maar hij bleef ervan overtuigd dat hij een goede daad had verricht. Een zelfbenoemde pion van een God die hij heeft geschapen naar zijn eigen misvormde gelijkenis.
Hetzelfde geld voor de plegers van de aanslagen in Londen. Ook daar hebben we te maken met extremisten die een eigen, radicale interpretatie geven aan boeken als de Koran. Waarom deze mensen als martelaar de dood, of in het geval van Bouyeri levenslang, verkiezen boven het leven in een harmonieuze samenleving, is voor ‘normale’ mensen onbegrijpelijk. En hun gedrag is koren op de molen van xenofoben als Geert Wilders.
Het is verleidelijk om te stellen dat de islam terroristen creëert. Terrorisme bestaat immers langer dan de islam. Ook de ETA en de IRA hebben honderden doden op hun geweten. En terwijl radicale Palestijnse activisten het leven van talloze onschuldige burgers ontnemen in hun strijd voor een onafhankelijke staat, deed het joods verzet precies hetzelfde met hun aanslag in 1946 op het King David Hotel, die 90 mensen het leven kostte.
Religie is een gevaarlijk wapen in handen van groeperingen die worden onderdrukt. En dat toont meteen de ware oorzaak van het probleem: niet de islam creëert terroristen, de onderdrukking of vernedering van bevolkingsgroepen is de ware oorzaak. Het verschil tussen moslims en de meeste andere terroristen is dat de eerste groep bereid is ook het eigen leven op te offeren voor een aanslag. Dat kun je van sluipschutters en mensen die tijdbommen plaatsen niet zeggen. Die blijven zelf vrolijk verder leven.
Onderdrukte groepen ontlenen kennelijk makkelijker een identiteit aan een religie dan aan een geografische afkomst. Dat geeft te denken. Wie beweert dat elke godsdienst wereldvrede predikt heeft vanuit zijn wereldbeeld ongetwijfeld gelijk. Maar met even veel recht kan worden gesteld dat het meeste bloed dat deze aarde de afgelopen twee millennia heeft besmeurd, verspilt is door mensen die meenden te handelen vanuit hun geloof. Er is nog een hoop missiewerk te verrichten. Bij voorkeur seculier.
Behalve het leren omgaan met een gestolen auto, het aan elkaar knopen van losse eindjes van Breda Barst en het politieke handwerk, stond de afgelopen week, meer dan de weken daaraan voorafgaand, in het teken van de Europese Grondwet. Niet dat ik daar tot dan toe nog helemaal niet mee bezig was geweest, maar op dit log is het onderwerp eigenlijk betreurenswaardig weinig aan bod geweest.
Oké, mijn auto was weliswaar gestolen, maar ook weer teruggevonden. In de tussentijd stond ‘ie wel een week in de garage en moest ik roeien met de riemen die ik had. Geen veiligheidsriemen, voor de duidelijkheid. En tussen de drukke bedrijven door probeerde ik ook nog zo goed en zo kwaad als het ging campagne te voeren voor de Europese-grondwet-die-geen-grondwet-is.
En gezien de actualiteit is het niet zinvol om te vertellen over de vooralsnog twee drukste dagen van het jaar (dinsdag en donderdag), waarop ik behalve een bijeenkomst van de Kandidatencommissie van Dwars, oppositieoverleg, een afspraak met Leo van Lieshout, een afspraak met Marcel van Dok19, het laten plakken van posters voor Breda Barst, het opnemen van een programma voor Radio 4 en het schrijven van een bijdrage voor de aanstaande kadernota en het voorbereiden van en aanwezig zijn op een raadsvergadering, ook nog een afspraak had bij mijn opticien en an passant nog wat brieven en persberichten de deur uit moest doen.
Voor de duidelijkheid: ik sta niet te juichen bij de tekst van de voorliggende Europese Grondwet. Maar ik ben er wel van overtuigd dat een stem voor, nog altijd beter is dan een stem tegen. Ondertussen erger ik me steeds meer aan de manier waarop zowel voor- als tegenstanders zitten te liegen om mensen in hun kamp te krijgen. Wanneer Balkenende zegt dat hij in zijn hemd staat wanneer Nederland ’tegen’ stemt, doet mij het ernstige vermoeden rijzen dat hij stiekem bezig is een nee-campagne te voeren. Wat dat betreft zou Balkenende, wanneer hij de Grondwet echt zo belangrijk vindt, er beter aan doen te beloven dat hij opstapt als Nederland voor de Grondwet stemt.
Behalve het plakken van posters ben ik als gematigd maar overtuigd voorstander van de Grondwet vooral op diverse mailinglijsten actief geweest. Hieronder één van die bijdragen.
Lieve Gabi,
Ik denk dat je angst voor het verdrag waarover wij straks mogen gaan stemmen, gebaseerd is op een angst tegen een Europese superstaat. En geloof me, als die angst in je achterhoofd zit, dan zul je bij het lezen van de tekst van het verdrag dit spook ook overal in terugzien. Maar ik denk dat je op de eerste plaats moet beseffen dat de gedachte achter de Europese Unie in principe slechts bestaat uit de wens die dingen samen te regelen waarbij individueel beleid van de verschillende landen 1) geen zin heeft, 2) inefficiënt is of 3) elkaar tegenwerkt. Om een veel gebruikt voorbeeld te geven: ecologische maatregelen binnen de grenzen van één land hebben geen zin. Dus wordt een aantal milieumaatregelen Europees geregeld. Niet vreemd, als je je bedenkt dat tweederde van de luchtvervuiling in Nederland overwaait uit andere landen. De wind kent geen grenzen. Dieren trouwens ook niet, vandaar de Europese habitatregeling. Hetzelfde geldt voor economisch beleid: los van de *richting* die Europa thans ingaat, de economiën van de diverse Europese landen zijn dusdanig aan elkaar gekoppeld dat unilateraal beleid op dit punt geen enkele zin heeft. Het zou de positie van alle landen samen uiteindelijk verzwakken.
Dat unilateraal buitenlands beleid weinig zin heeft, blijkt uit de hele Irak-oorlog. Stel dat de U op dat moment een gezamenlijk beleid had gehad (en het is te veronderstellen dat we dan als EU voor ingrijpen waren geweest), hadden we meer invloed gehad op de timing en manier van oorlog voeren. In die zin is gezamenlijk buitenlands beleid dus effectiever. En inderdaad, dat betekent ook dat je je soms als land zult moeten neerleggen bij een beslissing waar je het niet mee eens bent (overigens zonder noodzakelijkerwijs ook troepen te leveren, iets wat Nederland overigens sowieso wèèl gedaan heeft).
De EU, en dit staat ook in de grondwet, heeft niet de ambitie die zaken te regelen die een individueel land prima zelf kan regelen. Daar waar het gaat om drugsbeleid is Nederland vrij om haar eigen beleid te bepalen. Wel zijn we verplicht de eventuele grensoverschrijdende overlast die dat met zich meebrengt, aan te pakken. Op zich ook logisch: in Frankrijk heeft men democratisch (want verkiezingen) bepaald dat men daar geen ruimhartig softdrugsbeleid wil voeren. Dus zou het, vanuit dat democratische oogpunt (wat de doorsnee Dwarser toch moet kunnen onderschrijven) onwenselijk zijn dat wij ons relatief liberale (in de klassieke zin des woords) beleid op dat punt ook niet moeten willen exporteren naar landen die daar niet op zitten te wachten. Ik ben dus oopk helemaal niet bang dat het burgerinitiatief misbruikt gaat worden om binnenlandse aangelegenheden die een ander land niet welgevallig zijn, te beïnvloeden. De ‘grondwet’ hierover:
“De afbakening van de bevoegdheden van de Unie wordt beheerst door het beginsel van bevoegdheidstoedeling. De uitoefening van die bevoegdheden wordt beheerst door de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid.” (art. I-11-1) In lid 3 vervolgt de tekst met “Krachtens het subsidiariteitsbeginsel treedt de Unie op de gebieden die niet onder haar exclusieve bevoegdheid vallen, slechts op indien en voorzover de doelstellingen van het overwogen optreden niet voldoende door de lidstaten op centraal, regionaal of lokaal niveau kunnen worden verwezenlijkt en derhalve vanwege de omvang of de gevolgen van het overwogen optreden beter door de Unie kunnen worden bereikt.”
Jouw angst over het verbieden van het homohuwelijk is onterecht. Zie hier artikel II-69 vanb de grondwet:
“Het recht te huwen en het recht een gezin te stichten worden gewaarborgd volgens de nationale wetten die de uitoefening van deze rechten beheersen.”
Veel Nederlanders kunnen niet tegen hun verlies wanneer het van Duitsland is. Veel Duitsers hebben geen gevoel voor humor (Rudi Carell is niet leuk), Fransen ruiken naar knoflook en zitten bezopen achter hun trekker en Italianen zijn allemaal crimineel. Belgen dom, Britten arrogant, Polen kruimeldieven, Oostenrijkers latente xenofoben enzovoorts enzovoorts. Niet voor niets is het motto van de Unie: eenheid in verscheidenheid.
Liefs,
Selç.