Homo Cenans – zo 28 sept. 2008

Het was familiedag. Na de, wegens een in slechte gezondheid verkerende oma, afgelaste editie van vorig jaar waren de verwachtingen hoog gespannen.

En dus deden we, nadat we ‘s ochtends eerst naar een exotische dierentuin in Tilburg waren geweest, onszelf tussen de middag tegoed aan een Brabantse koffietafel waarbij ik mijn vagetarische principes even opzij zette vanwege het feit dat er zure zult op tafel stond die 1) ik hartstikke ontzettend niet te versmaden vind en 2) anders toch weggegooid zou worden omdat niemand vandaag de dag nog zelfs naar deze oud-Nederlandsce delicatesse durft te wijzen. De enkele oudere mijn familie die zult nog wel te pruimen vindt, mag omwille van zijn cholesterolgehalte waarschijnlijk niet eens naar het grijze goedje kijken.

Het eten van zult is een genoegen om twee redenen. Allereerst voel je bij elke hap die je doorslikt je aderen dichtslibben. Iets dat dermate ongezond is, kan niet anders dan lekker zijn. Zult past dan ook in het rijtje roken, drinken, onveilige seks en chocola. De tweede reden is dat het kostelijk is om de onsmakelijke gezichten van mijn nichtjes te zin die afkeurend kijken hoe ik de ene na de andere boterham met zult naar binnen werk. Volgens mij stond er in de Bijbel ook nog zoiets als dat gij andermans zult niet begeert.

Plots bestond mijn familie uit vrome katholieken.

Homo Pedifolle Ludens – za 27 sept. 2008

nac-sjaal

Ik had drie opties. Ik mocht weigeren, ik mocht op de kleine passen of ik mocht in plaats van mijn schoonzus mee naar de wedstrijd van NAC. Puur uit beleefdheid bood ik nog aan om op te passen, maar dat hoefde gelukkig niet.

Mijn broer en zijn vrouw hebben beiden een seizoenkaart voor Vak G. Vak G is, laat ik mij netjes uitdrukken, het vak van de harde kern. En laten we wel wezen, de ultieme voetbalervaring kun je alleen maar meemaken in een vak waarbij je altijd wel het risico loopt een knokpart…, ik bedoel, meningsverschil mee te maken.

En dus ging ik met mijn broer naar de wedstrijd NAC – Heereveen. Waar ik getuige was van een wonderbaarlijke metamorfose. En dan heb ik het even niet over het feit dat NAC de wedstrijd won, laten we eerlijk zijn, dat maken we de laatste tijd wel vaker mee in Breda, nee mijn broer onderging zelf een metamorfose.

De gedaanteverandering was er één die je wel eens ziet wanneer je voor het eerst bij iemand in de auto stapt. Plots blijkt de zo zachtmoedige persoon die je zo goed dacht te kennen, ineens te veranderen in een egocentrisch verkeersmonster. Evenzo bij mijn broer, doorgaans toch een tamelijk rustige en vriendelijke jongen. Broerlief begon te schreeuwen, te schelden en te tieren. Als het aan hem gelegen had, was de scheidsrechter die avond al tien keer in de singel gedumpt. Nu moet ik zeggen dat ook ik de indruk had dat de scheids nogal duidelijk in het voordeel van de tegenstander floot, maar mijn broer wist, met bijbehorende stemverheffing, werkelijk elke beslissing in twijfel te trekken. En, wellicht ten overvloede, ook de grensrechter had natuurlijk het gezichtsvermogen van de kont van een stekeblind paard.

Dat NAC uiteindelijk toch met 4-2 gewonnen heeft, mag, gezien het commentaar van mijn broer, dan ook alleszins een wonder genoemd worden. En ik heb me negentig minuten lang kostelijk vermaakt.

Homo Adhaerens – do 25 sept. 2008

borrelnootjes

De domibo was ietsje uit de hand gelopen. Uiteindelijk hebben de overblijvers, waar ik uiteraard ook weer eens bij hoorde, zo’n beetje de hele wijnvoorraad leeggemaakt. Behalve dan de dure wijntjes. Daar bleven we vanaf.

Zo rond een uur of tien, toch al snel vijf uur na aanvang van de borrel, besloten we hetgeen te doen wat nog het meest leek op verstandig zijn, namelijk huiswaarts keren. In de trein legde ik mijn hoofd tegen mijn jas om even lekker een uurtje te dommelen.

Met als grote voordeel dat ik daar zo van opknapte dat ik in Breda inmiddels wel weer zin had in een biertje. Sommige mensen zijn nu eenmaal onverbeterlijk.

Homo Conturbatus – wo 24 sept. 2008

do not disturb

De laatste tijd probeer ik mijn schrijfwerk voor het WB zoveel mogelijk thuis te doen. Ik ga nog regelmatig braaf naar het partijbureau, maar kom daar nauwelijks aan mijn werk toe.

Er zijn constant mensen die je aanspreken op iets, of die je vragen om even iets voor je te doen. Mezelf opsluiten in mijn werkkamer is zinloos. Het is altijd even dit of even dat. Daarnaast heb ik ook geen zin om constant met een volle tas boeken heen en weer te sjouwen.

Femke zit juist wel graag op het partijbureau. Ze werkt aan haar boek. Ze probeerde het eerst in Den Haag, maar daar werd zij de hele tijd afgeleid. Op het partijbureau niet, daar laat iedereen haar met rust. In de werkkamer van Bart sluit zij zichzelf op totdat het lunchtijd is. Bart pikt dan vervolgens de werkplek van oud-collega Miesjel weer in. Het deert hem niet.

Ik was vandaag op het partijbureau. Femke heeft er hopelijk meer vooruitgang geboekt dan ik.

Homo Amarus – di 23 sept. 2008

Het ging welhaast onopgemerkt. Zonder enige aankondiging ging de zomer, of wat daar in 2008 dan voor door moest gaan, over in de herfst.

Het wordt pas laat weer licht en ter compensatie ook vroeg weer donker. En het is koud. De zon heeft de afgelopen maanden onvoldoende geschenen om een voorraadje warmte aan te leggen. De voorraad vitamine D is nu al op.

Terwijl de regenbuien niet lijken te eindigen en de tocht in het oude jaren ‘20 pand op momenten ondraaglijk lijkt te worden, zet ik voor de zoveelste keer deze dag een nieuwe pot thee. Het helpt niet, net zoals de trui de kille, koude herfstlucht maar amper buiten kan houden.

Ik kijk nog een keer naar buiten, maar zie in de schemering nog slechts de vage contouren van de bebouwing. Van mijn vriend de zomer is geen spoor meer te herkennen.

Homo Europaeus (3) – wo 17 sept. 2008

 

Comité voor de Regios
Comité voor de Regio's

 

Na Europees Parlement, Europese Commissie en een tweede nacht in kroeg en 24/7 hotelbar, volgde op de laatste dag een bezoek aan het Comité van de Regio’s, het Huis van de Provincies en de permanente vertegenwoordiger van Nederland in Europa; zeg maar de Europees ambassadeur.

Ondertussen werden me twee schokkende feiten snel duidelijk. Allereerst dat ik als pro-Europeaan ontdekte dat mijn kennis op punten behoorlijk tekort schoot. Nog schokkender was dat collega-raadsleden vaak nog veel minder wisten en, erger, ook niet wilde begrijpen. Europa is een ingewikkeld wereldje van een staatsinrichting die niet te vergelijken is met de inrichting van ons landje. Dat vraagt om andere systemen en een andere aanpak.

Simpel gezegd: een instituut dat, zowel in dossiers als qua kilometers zo ver van de burgers staat, moet zijn eigen oppositie creëren. Aangezien de burgers geen weerstand bieden – die wonen immers te ver weg om direct met Brussel in contact te treden – worden er instituties met ambtenaren in het leven geroepen die het beleid van de commissie kritisch moeten bestuderen. Het Comité voor de Regio’s is daar een voorbeeld van. Zonder dat zij echte macht hebben – ze kunnen namelijk geen plannen tegenhouden – kunnen ze plannen wel becommentariëren. En de commissie neemt die inbreng wel degelijk serieus.

Zoiets kost ambtenaren en geld, maar dient een duidelijk doel. Dat kon een groot deel van de bezoekende raadsleden echter niet waarderen. Want waarom honderden ambtenaren inzetten voor een reactie die de commissie naast zich neer kan leggen? Het antwoord is even onvoorstelbaar als simpel: omdat de commissie de opbouwende kritiek graag wil horen, opdat ze haar eigen voorstellen kan verbeteren. Democratie is niet alleen het houden van vrije verkiezingen, het is vooral ook het organiseren van je eigen kritiek. Het is dus van belang om, naast het Europees Parlement, ook een regionaal orgaan te hebben dat voorstellen niet vanuit een politieke, maar vanuit een regiomale benadering beoordeelt.

Helaas kon de Bredase gemeenteraad dat niet in zijn volle betekenis waarderen.

Homo Europaeus (2) – di 16 sept. 2008

Permanente vertegenwoordiging van Nederland in Europa

Werkbezoeken zijn om twee redenen functioneel. Allereerst steek je er, als het meezit, iets van op. De tweede en minstens net zo belangrijke reden is dat het gelegenheid biedt om te netwerken met je collega raadsleden.

En dus had ik mijn boeken al snel ter zijde geschoven. Ik lag er in de nacht van maandag op dinsdag pas rond vijf uur in mijn bed, nadat we de laatste uren in een onbekende Brusselse discotheek hadden rondgebanjerd die naar de naam Celtica luisterde. Zo’n drie uur later ging de wekker en kwam ik opvallend fris weer uit mijn bed.

Gelukkig drinken de Belgen doorgaans wijn bij hun lunch. En het duurde dus ook niet lang voordat de rest van het raadsgezelschap even duf was als ik die morgen en ik, dankzij het karafje wijn, weer helemaal was opgefrist. De stand was gelijkgetrokken. Het middagprogramma kon beginnen.

Homo Europaeus (1) – ma 15 sept. 2008

Europees Parlement

Nog even twijfelde ik of ik niet af moest zeggen. Het schrijven van mijn paper drukt zwaar op mijn gemoed, en zeker ook op mijn beschikbare tijd. Desondanks besloot ik mee te gaan op werkbezoek naar het Europees Parlement in Brussel.

Maar loslaten kon ik de opdracht niet. En dus propte ik mijn weekeindtas, naast twee paar sokken, twee onderbroeken en een toilettas, vooral vol met de meest belangrijke naslagwerken en een laptop. Je zal maar even een uurtje niets te doen hebben en dan toch je werk niet bij je hebben.

En zo vertrok de raad maandagavond in een bus naar Brussel. Vierentwintig raadsleden die met elkaar lopen te kleppen, en één die tijdens de reis alleen maar leest een aantekeningen maakt. En ondertussen zit te smachten naar een sigaret, omdat zijn werkplek op het wetenschappelijk bureau, in tegenstelling tot deze bus,  wèl een asbak kent. Drie keer raden wie die persoon was.

Homo Scribens – 13 en 14 sept. 2008

schermafbeelding column

Begin deze week heb ik afscheid genomen van mijn onbezoldigde functie als columnist bij het E-zine van GroenLinks. Ik had daar zo mijn redenen voor. Hieronder het afscheidscolumn.

Verantwoording

Steeds groter wordt de maatschappelijke druk op columnisten om verantwoording af te leggen over hun verleden. En aangezien de columns die ik in het verleden hebben geschreven, bepalend zijn geweest voor de columnist die ik nu ben, kan ik die druk niet langer negeren. Mijn eerste column over het Binnenhof was een scheldkanonnade in de richting van het kabinet Balkenende. De column werd uitgezonden op Omroep Brabant. Het CDA zakte in de peilingen en Balkenende kwam in het nauw. De column was een groot succes.

Ik heb in die tijd nog vaak columns geschreven en bouwde een rijke ervaring op als columnist voor Omroep Brabant en later ook op mijn eigen weblog. Voor mij telde het schokeffect zwaarder dan de waardigheid en waarachtigheid. De klasjes goede smaak van collega-columnisten hield ik dan ook snel voor gezien.

Jaren later kwam ik het CDA weer tegen, als partner in de coalitie in Breda. Ik was inmiddels fractievoorzitter van GroenLinks in Breda geworden. De politieke praktijk bleek weerbarstig. Als schrijver was ik inmiddels doorgestoten tot het medium GLweb. Hoewel ik er nooit een geheim van heb gemaakt dat ik een verleden had vol aantijgingen tegen Balkenende en Bush, was het niet bij iedere lezer bekend dat ik destijds zulke ongenuanceerde, smadelijke en zelfs bijna lasterlijke opinies debiteerde via de zenders van Omroep Brabant. Ik gaf niet te veel ruchtbaarheid aan de columns van toen omdat ik de hoofdredacteur en technici uit die tijd, die mede verantwoordelijk waren voor de uitzending, niet wilde verraden.

Als ik terug kijk op die tijd, weet ik dat ik een hele ontwikkeling heb doorgemaakt. De columnist van vroeger, is een andere Selçuk dan degene die hier nu schrijft. Er zit een belangrijke overgang van de soms smadelijke columns van toen , naar het beïnvloeden van het maatschappelijk discours door middel van beschaafde en doodsaaie, maar doorwrochte opinies. We leven in een gemeenschap waarin we onze conflicten op een fatsoenlijke manier proberen te beslechten. Hier, op GLweb moet het verschil gemaakt worden.

Onlangs werd ik geconfronteerd met een nieuw gegeven waar ik me rot van schrok. Een vroegere luisteraar vertelde me dat hij destijds, naar aanleiding van van mijn radio-columns, had besloten niet op niet meer op het CDA te stemmen en zelfs tegen Balkenende te demonstreren. Tot deze week heb ik daar niets van geweten en ik heb er, wellicht ten overvoede, ook geen enkele betrokkenheid bij gehad. De bedoeling van mijn columns was immers het kabinet Balkenende te bewegen tot een ander, humaner en groener beleid, niet om trouwe CDA-stemmers weg te jagen naar een andere partij. En hoewel ik me niet meer herken in de rabiate columnist van vroeger, wordt ik door dit gegeven wel weer terug gezogen in die tijd.

Columns moeten aan drie voorwaarden voldoen. Ze moeten geweldloos zijn, gericht op parlementaire besluitvorming en dus niet op het spelen van eigen rechter en columnisten moeten bereid zijn tot publieke verantwoording en verantwoording voor de rechter. Alles overziend kan ik maar één conclusie trekken: dat ik moet terugtreden als columnist van GLweb. Alleen dan heb ik mijn handen vrij om me te verzetten tegen een beeld waar ik me ontzettend ongelukkig bij voel.