Homo Illudens – za 9 febr. 2008

Sven Kramer

Terwijl Sven Kramer zijn rondjes reed, probeerde ik hem stilletjes aan te moedigen. Stilletjes, want ik mocht van de KNO-arts drie dagen niet praten. Best lastig, als je de nationale schaatsheld met je geschreeuw nog een extra zuchtje wind in de rug wilt meegeven.

Niet dat Sven het nodig heeft, overigens. Ik heb nu langzaam de illusie dat de onverslaanbare zelfs achteruit-schaatsend het WK zou kunnen winnen. Om het enigszins spannend te houden doe ik net alsof hij een kans heeft het wereldrecord op een hooglandbaan op een laaglandbaan zou kunnen overtreffen. Iets dat niet persé voor schier onmogelijk gehouden moet worden, overigens.

Ik mag ook al niet roken van de KNO-arts. Dus heb ik gisteren een pakje Gauloises aangeschaft. Lurken aan een filtersigaret kan welbeschouwd niet echt roken genoemd worden.

Stiekem roken op mijn kamertje. Even voelde ik me weer scholier. Ware het niet dat toen Johan Olaf Koss de schaatsvierkampen nog won.

Homo Mutus – vr 8 febr. 2008

schrijfschriftje

„Biertje”, sms-te Piet Hein, die normaal nooit sms-t, donderdagavond. „Goed”, sms-te ik terug. Twintig minuten later arriveerde ik, niet vies van een experiment, met schriftje en pen in Café de Beyerd.

Piet Hein keek me enigszins verbaasd aan toen ik driftig begon te schrijven naar zijn welgemeende goedenavond. Hij was mijn stembandoperatie en de daaropvolgende stemrust die ik in acht moest nemen geheel vergeten.

Het viel alleszins mee. Het is soms snel schrijven, maar zelfs zonder stem is het best gezellig in de Beyerd. Het enige vreemde was dat mijn medestamgasten het idee hadden dat ze mij terug moesten schrijven. Wat natuurlijk vrij belachelijk is. Ik mag wel stom zijn, maar niet doof.

Homo Delirus – do 7 febr. 2008

stilte

In onleesbaar handschrift schreef ik op een briefje dat ik zin had in een sigaret. Ik was zojuist ontwaakt uit een narcose en had werkelijk gedroomd dat ik op het schoolplein van mijn oude middelbare school een sigaret had opgestoken.

Waar het hart van vol is. Want de komende 2 à 3 dagen is het voor mij strikt verboden ook maar iets te roken. Zelfs rokerige ruimtes zijn taboe. En praten mag ook niet. Zelfs hoesten en kuchen is uit den boze. Zojuist heeft de KNO-arts een levensgrote poliep van mijn stembanden verwijderd.

Mijn moeder, wier zorginstincten weer helemaal boven kwamen drijven bij het bericht dat ik geopereerd moest worden, heeft me nu in haar huis opgenomen om me te verzorgen. Niet dat ik enige verzorging nodig heb, maar goed, ik laat het maar gebeuren.

Overigens leek de KNO-arts het allemaal wel grappig te vinden. Een politicus die drie dagen stemrust in acht moet houden. En hij heeft gelijk, het is natuurlijk ook allemaal ontzettend grappig. Een Selçuk die niet mag roken, niet mag praten en niet de kroeg in mag.

Gelukkig is het maar voor een paar dagen. Anders had ik liever een been laten amputeren.

Homo Canorus – wo 6 febr. 2008

gitaar

Aangezien ik de volgende dag aan mijn stembanden geopereerd moest worden om een reusachtige poliep te verwijderen, leek het me een goed idee om nog maar een laatste avond in de kroeg te zitten. Er kan immers zoveel fout gaan in een operatiekamer.

Omdat ik na de operatie enige tijd stemrust in acht zou moeten nemen en het ook zeer wel mogelijk is dat mijn stem daarna bij lange na niet meer zo rauw zal klinken, besloot de voltallige cliëntèle van de Boulevard dat het wellicht een goed idee was om de huidige klank van mijn stem voor het nageslacht te bewaren. En dus fietst ik even op en neer naar huis om een gitaar en een bandrecorder te gaan halen.

Hierbij het resultaat: een wat krakkemikkige opname van het lied ‘I’ll hope that I don’t fall in love with you’ van Tom Waits. Maar dan door mij gezongen en door barman Pascal Waisapy gespeeld. Zeg nu zelf, vrijwel niet van het origineel te onderscheiden.

Homo Ebrius – di 5 febr. 2008

Peter Painter en ik

Na de afspraak in Utrecht, had ik nog genoeg tijd over om enkele schriftelijke vragen te stellen over gevaarlijke giftransporten, voordat ik samen met de vriendengroep op onze vaste stek tegenover Café de Beyerd naar de carnavalsoptocht ging kijken.

Hoewel carnaval natuurlijk niets met overmatige alcoholconsumptie te maken heeft, moet ik tot mijn eerlijkheid bekennen dat ik me de volgende ochtend niet eens precies kon herrinneren waar we vervolgens allemaal nog naar toe gegaan zijn. Volgens mij zaten de Catch 22, de vulling en café Bruxelles in ieder geval in het programma. Net zoals ik me kan herrinneren dat ik vervolgens nog pobeerde mijn burgerplicht te vervullen door mensen aan te spreken die tegen de Grote Kerk aan het zeiken waren. Waarbij ik overigens hopeloos over een paar omgevallen fietsen struikelde en daarna besloot dat het zinloos was om tegen de tsunami van urine te vechten die de zandstenen kerk die avond te verduren had. Dus ging ik maar een te duur en te vet frietje halen om vervolgens aan de bar van de Boulevard te belanden.

Het was eigenlijk verbazingwekkend dat ik vervolgens nog de energie had om ’s nachts nog een kop thee te gaan drinken bij vrienden aan de andere kant van de stad. Ik moet wel heel erg dronken geweest zijn.

Homo Opulentus – ma 4 febr. 2008

Partijbureau

Carnaval of niet, ik had een afspraak in Utrecht. „Ben je dan niet laveloos van de vorige dag”, vroeg de persoon met wie ik de afspraak maakte voor de zekerheid nog even. „Och, niet meer dan op andere maandagen.”

Op basis van mijn laatst verdiende salaris en het beschikbare budget kwam de directeur uit op een aantal werkdagen per week en de duur van mijn aanstelling. Aangezien ik ond dat ik meer tijd nodig had om het project fatsoenlijk af te ronden, heb ik toen mijn salaris maar naar beneden bijgesteld. Een soort omgekeerde loononderhandelingen dus.

Sommige mensen hanteren de vuistregel dat het getal op je loonstrookje bij elke carrièrestap omhoog moet gaan. Slechts weinigen zijn bereid om ook eens een stapje terug te doen. Voor die mensen is geld van middel tot doel verworden.

Niet dat ik er nu een gewoonte van wil maken hoor. Over een jaar wil ik gewoon weer een belachelijk hoog salaris.

Homo Ignorans – zo 3 febr. 2008

Mitt Romney

Eerder schreef ik al dat ik, tijdens de voorverkiezingen en caucassus in de Verenigde Staten tot de vroege ochtend naar CNN zit te kijken om de binnendruppelende uitslagen op de voet te volgen.

Enkele dagen geleden, op 29 januari, hadden de republikeinen een voorverkiezing in de staten Florida en South Carolina. De democraten hadden een voorverkiezing in Florida, die achter alleen moreel van belang was, aangezien de Democratische afgevaardigden in Florida geen stemrecht hebben op het nationale congres. En dat komt weer omdat Florida de datum van de voorverkiezingen, tegen de wil van de federale partijleiding, had vervroegd tot voor Super Tuesday.

De Mormoonse kandidaat voor de Republikeinen, Mitt Romney, verloor in beide staten. Op zich niet erg verassend. Wel verrassend was zijn toespraak die avond, live te volgens via CNN.

In die toespraak sprak Romney onder meer over de globalisering van de economie en de gevaren van de opkomende economiën in Azië. „Our jobs are being sought by new competitors, countries like Asia and India”, zei hij letterlijk.

Het toont aan hoe weinig vooral Republikeinen weten over de rest van de wereld. De opmerking is net zo dom als die van George W. Bush, die acht jaar geleden in een interview zei dat Israël de meest betrouwbare bondgenoot in het noorden was. Alhoewel ik die opmerking niet terug heb kunnen vinden op internet en dus ook niet helemaal zeker weet of en wanneer hij dat ook daadwerkelijk heeft gezegd. Maar Bush heeft nog genoeg andere stomme quotes op zijn naam staan.

Homo Bibens (2) – vr 2 febr. 2008

Drie Hoefijzers

De verruimde openingstijden, die sinds gisteren in Breda zijn ingegaan, hebben nog een klein addertje onder het gras. Bij het vaststellen van het besluit, hebben we namelijk niet bedacht dat het al voorbij middernacht is en dus een nieuwe dag, wanneer de kroegen sluiten.

De gemeenteraad heeft onlangs besloten dat kroegen op donderdag, vrijdag en zaterdag tot drie uur open mogen blijven. Punt is echter dat, wanneer het drie uur ‘s nachts is, het officiëel al vrijdag, zaterdag en zondag is.

Het is dus een kwestie van tijd, voordat er een kroeg ook in de nacht van woensdag op donderdag tot drie uur open blijft. Nu heb ik daar geen enkel probleem mee, aangezien ik nog steeds van mening ben dat de openingstijden geheel vrijgegeven moeten worden, maar ik vraag me wel af of en zo ja hoe Breda dit wil gaan handhaven.

Een kroeg die zo slim is om op woensdag ook tot drie uur (dus eigenlijk al donderdag) open te blijven, kun je juridisch namelijk geen strobreed in de weg leggen, denk ik zo.

Homo Bibens – 1 febr. 2008

Biertje?

Carnaval valt vroeg dit jaar. En toevallig genoeg precies in hetzelfde weekeinde waarin ook de nieuwe, verruimde openingstijden voor de horeca ingaan.

Het nieuwe beleid ging in op vrijdag 1 februari. En ik was dus ook van plan om op vrijdagavond de kroeg in te gaan om het nieuwe openingstijdenbeleid te vieren. Dat bleek echter niet meer nodig.

Café Zeezicht (rare naam voor een Bredaas café) had namelijk bedacht dat het op de nacht van donderdag op vrijdag ook al 1 februari was. En dus bleef het café op donderdag al tot drie uur open. En door een toevalligheid, een sms-je van vriend Joost, belandde ik die avond in precies dat café.

Voor zover ik weet was het het enige café dat had bedacht dat je, strikt genomen, al op de nacht van 31 januari op 1 februari tot drie uur open mag blijven. En als één van de trekkers van de langere openingstijden in de gemeenteraad is het dan ook wel rechtvaardig dat ik bij een beperkt gezelschap van mensen hoorde die de voor het eerst legaal tot drie uur in de kroeg bleef zitten. Biertje?

Homo Optimisticus – do 31 jan. 2007

inspraakbijeenkomst

De gemeenteraad kreeg een cursus ‘waarderend vernieuwen’. Dat klink een beetje new-age en boeddhistisch en eigenlijk was het ook wel een beetje soft. Maar ik moet positief blijven.

Nee, zonder gekheid. Ik kan natuurlijk vrij makkelijk een cynisch stukje schrijven over een cursusleidster die koste wat kost wil dat wij aardig blijven tegen lastige burgers met vervelende problemen, maar daarmee zou ik de cursusavond te kort doen. Allereerst ervaar ik de inwoners van onze stad, één uitgezonderd, niet als lastig. Ten tweede is het voor raadsleden inderdaad soms best wel lastig om vrolijk te blijven als er tijdens een wijkbezoek weer een bak problemen wordt leeggestort. Hoe terecht dat overigens ook is.

Maar daar ging de cursusavond niet over. Daar oefenden we namelijk vooral hoe je een heel gesprek een positieve draai kunt geven. Om een voorbeeld te geven: iemand komt met een probleem, maar ook al meteen met een oplossing. Nu is het met oplossingen nog wel eens zo dat deze niet altijd te realiseren zijn, bijvoorbeeld om financiële redenen of omdat de oplossing andere plannen in de weg staat. Nu betekent dat vaak nog einde verhaal: burger teleurgesteld in de politiek en de politicus in de put omdat hij weer nee heeft moeten verkopen.

Eén van de centrale ideeën van ‘waarderend vernieuwen’ is dat je samen met je gesprekspartner probeert de verschillende opties en mogelijkheden te verkennen. Maar om dat te kunnen, moet je eerst vertrouwen winnen, een band opbouwen. En dat allemaal in een tijdsbestek van enkele minuten, want veel langer duren de gesprekken met de gemiddelde burger tijdens een bezoek of een openbare avond niet.

Het klinkt allemaal ontzettend logisch. Maar tijdens de rollenspellen bleek overduidelijk dat het lang niet altijd even makkelijk is. En dat komt niet omdat politici halve autisten zijn. Als ik dat zou zeggen, wordt het alsnog een cynisch stukje. En dat was niet de bedoeling.