Homo Idealisticus – za 19 apr. 2008

Afrikadag

Vanwege mijn project over ontwikkelingssamenwerking bij het wetenschappelijk bureau van GroenLinks was ik bij de Afrikadag van de Evert Vermeer Stichting.

Naast van de vele workshops en de helaas nogal korte pauzes waardoor het netwerken een beetje in de knel kwam, was vooral de lezing van Paul Collier interessant. Niet dat hij iets nieuws te melden had, want zijn lezing bestond uit niet veel meer dan een gepopulariseerde samenvatting van een onderdeel van zijn pakkende boek ‘The Bottom Billion’. Interessant was wel de manier waarop hij dat verhaal vertelde. Eigenlijk komt die op het volgende neer: het westen neemt de ontwikkeling van Afrika niet serieus.

Want hoe divers Afrika ook is, het grootste deel van de achterblijvende landen ligt nu eenmaal in dat continent. En heel pijnlijk constateerde Paul Collier dat we het kennelijk niet belangrijk genoeg vinden. En daar heeft hij natuurlijk ook gelijk in. Want als we de ontwikkeling van de armste landen in de wereld serieus gingen oppakken, zouden we bakken geld die kant op sturen om een economie op te kunnen bouwen; zouden we importbarrières opheffen en onze producten niet meer voor belachelijke prijzen dumpen. En we zouden serieus werk maken om regionale conflicten op te lossen en de ontwikkelingslanden een stem geven in belangrijke organen als de WTO en de Wereldbank. Maar dat doen we dus allemaal niet.

De pijnlijke stilte die eigenlijk zou moeten volgen na deze constatering werd helaas overstemd door een daverend applaus. En inderdaad, Collier is een begenadigd en indrukwekkend spreker. Ik vraag me alleen af hoeveel meer indruk zijn woorden hadden gemaakt als het een paar minuten stil was geweest.

Homo Visens – do 10 apr. 2008

op bezoek in het Museum voor Grafische Vormgeving

De commissie Mens en Maatschappij wilde een rondleiding door de nog net niet afgewerkte nieuwbouw van het Museum voor Grafische Vormgeving. Ik had nog gehoopt op plaatjes van politici met knalgele beschermhelmen op, maar dat viel tegen.

„Waren wij nu uiteindelijk voor of tegen het museum”, vroeg Rian me aan het begin van de rondleiding. Dat was een moeilijke vraag. Onze fractie was namelijk ooit voor (pro-cultuur), toen tegen (te duur), toen weer voor (het geld is gevoteerd, nu gaan we met een positieve houding meedenken), toen weer tegen (ja, maar we gaan natuurlijk niet een deel van het monumentale gebouw slopen), toen weer voor (het is nu toch al gesloopt en nu gaan we er potjandorie ook het mooiste museum van Nederland van maken). Ik kwam tot de conclusie dat we vier keer voor en drie keer tegen zijn geweest. Per saldo waren we dus voor.

Dat nu uitgerekend de GroenLinks-wethouder er voor zorgt dat het museum op tijd en ook nog eens binnen het beschikbare budget afkomt, mag in het Bredase om tal van redenen een wonder heten. Aan de andere kant, we waren het eigenlijk ook wel aan onze stand verplicht.

Homo Communicans – wo 9 apr. 2008

transparantie

De gemeenteraad van Breda ging op communicatietraining. Of althans, dat deel van de gemeenteraad dat het het minste nodig heeft.

Zo heb ik in ieder geval de dag ervaren. Als en zinvolle opfrissingscursus voor een groep collegae die op zich al best bekend zijn met de aangeboden stof.

Waarmee ik overigens niet wil zeggen dat ik niets geleerd heb. Net als ongetwijfeld ook voor de andere deelnemers geldt, werd ik soms pijnlijk geconfronteerd met onhebbelijkheden of tekortkomingen in mijn presentatie. Maar met je neus op de feiten gedrukt worden, dat is nu juist het leerzame van zo’n training.

Het is lastig om precies te zeggen wat ik nog bij wil leren. In het algemeen wil ik volgens mij beter in staat zijn om de theorie in d praktijk te brengen. Minder lang van stof zijn in de raad bijvoorbeeld, omdat ik nog steeds te vaak te lang aan het woord ben. Ik wil mijn verhaal nu eenmaal niet vooraf op papier zetten. Dat haalt de spontaniteit weg.

Kortom, ik wil de theorie eigen maken, als een automatisme in de prakijk brengen. Want als mijn presentatie niet verbeter, wordt ik natuurlijk nooit secretaris-generaal van de Verenigde Naties. Of, als dat niet mogelijk blijkt te zijn, president van Europa.

Homo Assidens – di 8 apr. 2008

Speeddaten

Het was leuk georganiseerd, ik kan niet anders zeggen. De Wet Werk en Bijstand kan best saaie materie zijn, maar de opzet was origineel.

Als de commissie ergens over bijgepraat moet worden, gebeurt dat vaak in ellenlange monologen, begeleid door een Powerpoint-presentatie. Deze keer was dat niet zo. Eerst gingen we in vijf sessies van zes minuten speeddaten met alerlei reïntegratiebureau’s. Vervolgens was er een Rondom Tien-achtige discussie over drie facetten van de inkomenspolitiek: de evaluatie van vier jaar Wet Werk en Bijstand, het regionale arbeidsmarktbeleid en als toetje ook nog de nieuwe Wet Sociale Werkvoorziening.

Kortgezegd: sinds de invoering van de WWB is het aantal cliënten van de bijstand met 13 procent gedaald. Breda is binnen de budgetten gebleven en heeft meer dan gemiddeld mensen uit de uitkeringssituatie weten te krijgen. Dat is goed nieuws, want als je kunt werken is dat altijd fijner dan zonder werk zitten.

In de periode tot 2011 moet het bestand nog eens met 25% dalen. Da’s een flinke opgave en in eerste instantie leek hij mij onhaalbaar. De meeste reïntegratiebureaus waren daar minder somber over. Alleen zal het niet vanzelf gaan. Het zou overigens ook wel een beetje helpen als de economie blijft aantrekken en zich niet te veel aantrekt van de kredietcrisis. Daarnaast wil Breda ook nog eens 250 NUGgers extra aan het werk hebben. NUGgers is een lelijk woord voor niet-uitkeringsgerechtigden zonder werk.

Ja, die kredietcrisis dus. Niet te veel van aantrekken. Banken handelen al sinds het begin van hun bestaan in niet-bestaand geld dat wordt uitgeleend aan mensen die iets willen kopen wat ze niet kunnen betalen. Het is eigenlijk bijzonder dat dat niet al veel eerder misgegaan is. Voor de economie hoeft dat niet zoveel uit te maken, zolang het consumentenvertrouwen maar een beetje op peil blijft. Of althans, in ieder geval het uitgavenpatroon. Nu kan je met geld grosso modo drie dingen doen: beleggen, sparen en uitgeven. Beleggen is een risicovolle optie en je geld op een bank zetten lijkt ook niet de meest wijze keuze nu de ene na de andere bank in financiële nood komt. Gewoon lekker uitgeven dat geld. Da’s voor iedereen het beste.

Homo Ordinans – ma 7 apr. 2008

Four Futures

In het kader van het project over de effectiviteit van ontwikkelingssamenwerking had ik een afspraak met Kamerlid Kees Vendrik, de nieuwe woordvoerder op het terrein ontwikkelingssamenwerking. Hij kwam daarbij met een interessant model op de proppen.

Kwadrantenmodelletjes zijn tegenwoordig erg in. In zo’n model wordt de wereld, of wat je dan ook aan het analyseren bent, opgedeeld langs twee waarden. Het kieskompas van de Vrije Universiteit gebruikt dit bijvoorbeeld om mensen en partijen politiek te positioneren: langs de links-rechtse as en langs de progressief-conservatieve as.

Het nieuwe modelletje was losjes gebaseerd op een vier jaar oude en redelijk interessante CPB-studie ‘Four Futures’ over de toekomstscenario’s voor Europa. In dat model is er een publiek-private as en een globaal-regionale as. Heel grof gezegd is de economische ontwikkeling maximaal wanneer veel aan de markt overgelaten wordt. Milieu en welvaartsverdeling zijn overigens weer meer gediend bij een sterk geïntegreerd Europa waarbij de publieke sector veel verantwoordelijkheden neemt.

Op basis van het modelletje schetste Kees dat beleidsmakers de laatste jaren vooral hadden ingezet op de ontwikkeling van de internationale markt. Een globale visie dus, met veel ruimte voor de private sector. De reactie van de ‘verliezers’ van deze ontwikkeling is om de globalisering de rug toe te keren en steeds meer regionaal te denken. De uitdaging van GroenLinks is om de internationale oriëntatie vast te blijven houden, maar daarbinnen de publieke taken meer nadruk te geven. Grote mondiale problemen, als het gaat om milieu, maar ook over mondiale armoede en vraagstukken over vrede en veiligheid, zijn immers alleen op te lossen wanneer overheden op internationaal niveau beter met elkaar samenwerken.

Toen ik later die dag de visies van de Nederlandse politieke partijen indeelde volgens dit model, kwam ik grofweg op een zelfde indeling als de indeling waar de Vrije Universiteit in zijn kwadrantenmodel op uitkwam. Verassend was dat eigenlijk niet, eerder geruststellend.

Homo Congrediens – do 3 apr. 2008

congres

Voorzitter Henk was niet aanwezig. Dus claimden we zijn niet verwarmde kantoor maar even als vergaderruimte. Zeventien graden is een ideale temperatuur om geconcentreerd bij na te denken.

De centrale vraag was hoe je een partijcongres boeiend kunt houden. Nu is een congres vaak niet veel meer dan een lange, plenaire zit in een steeds muffer wordende conferentiezaal, die wordt onderbroken door een lunch en wordt afgesloten met een borrel, met achter het katheder steeds dezelfde tien of vijftien gezichten die ergens voor, of juist tegen pleiten. De rest van de aanwezigen stemmen braaf voor of tegen één van de misschien wel vierhonderd voorstellen die op zo’n dag de revue passeren.

Dat kon boeiender, interessanter en levendiger, dacht ik. Wat mij betreft worden de eindeloze plenaire sessies afgeschaft. Discussies kunnen dan voortaan plaats vinden in kleinere zaaltjes, waarbij de belangstellenden kunnen kiezen aan welke parallelsessie ze deelnemen. De groep zal kleiner zijn, en de discussie breder. De discussie blijft niet beperkt tot het handjevolmensen dat voldoende spreekbonnen heeft weten te verzamelen om achter het katheder te mogen staan. Iedereen kan in zo’n zaaltje meepraten.

Besluitvorming zal altijd in de plenaire zaal moeten gebeuren. Zo ergens aan het einde van de dag. Maar niet iedereen hoeft elke discussie mee te maken. Allereerst niet omdat niet iedereen daar ook echt geïnteresseerd in is, maar ook niet omdat een te kort debat tussen te weinig mensen eigenlijk helemaal geen discussie is. Dus waarom zouden we elkaar nog langer voor de gek houden?

Homo Mundanus – wo 2 april 2008

Nieuwsbrief

Richard was voor vier maanden naar Nieuw Zeeland en had zijn taken als vormgever van de nieuwsbrief tijdelijk aan Jelte overgedragen. En Jelte was op zijn beurt naar Frankrijk afgereisd. Dus nam ik de lay out zelf maar weer eens voor mijn rekening.

Kosmopolieten zijn het, die jonge GroenLinksers. Idealistische globetrotters die het liefst ons hele leven lang alle uithoeken van de wereld verkennen. Zo klimaatneutraal mogelijk, uiteraard.

Gelukkig is Breda het middelpunt van de wereld en is Richard inmiddels weer teruggekeerd in de warme boezem van onze afdeling. Leuk hoor, zo’n wereldreis, maar de Nieuwsbrief moet natuurlijk ook gelayout worden.

Homo Salticus – zo 30 mrt. 2008

Koetshuis bij Ridderhofstad Rhijnauwen

Omwille van argumenten die mij zijn ontgaan, had de congresorganisatie gemeend het feest dat traditioneel op de eerste avond van het congres wordt gehouden, al om half één te moeten ontbinden. Iets dat behalve tot enig rumoer vooral tot directe actie leidde. We gingen op expeditie door Bunnik.

Hoewel het een kwartier of drie lopen was en ik de moed eigenlijk al had opgegeven, kregen de doorzetters gelijk. Het café dat voor ons opdoemde heette Het Wapen van Bunnik en het zag er binnen weinig gezellig uit. Daar zouden wij wel ‘ns even verandering in brengen.

Niet veel later danste er DWARS-ers op tafels, werden er volle bladen bier besteld en ging de algehele joligheid met sprongen vooruit. Bij ons althans, daardoor flink aangemoedigd door de Nederlandstalige muziek (Linda, Linda, Linda, ik wil alles voor je…) die consequent en zonder voorbehoud werd gedraaid. De avond eindigde, dit mede door de relatief hoge homo-dichtheid binnen DWARS uiteraard ook weer tot zoenende mensen, mannen dit maal. Tot shock and awe van de plaatselijke bevolking en de opmerking „ik ben dit geloof ik minder gewend dan jullie”, opgetekend uit de mond van de aanwezige SP-afgevaardigde.

Hoewel het heel laat werd en de zomertijd nog een uur extra van onze slaaptijd afnam, werd er de volgende dag nog volop gecongresseerd. Er waren er zelfs bij die daarvoor nog de puf hadden actie te gaan voeren tegen de verbreding van de A27. Daar hoorde ik, voor de volledigheid, overigens niet bij.

Homo Enotans – za 29 mrt. 2008

Ridderhofstad Rhijnauwen

Het toekomst-congres van DWARS werd gehouden in Bunnik. Of althans, in het buitengebied van Bunnik. Een weliswaar mooie landelijke, maar weinig kosmopolitische omgeving om te congresseren. Kennelijk is DWARS het stadium van afgetrapte studentenverenigingen ontgroeid. Vreemd, aangezien DWARS toch echt achttien wordt dit jaar.

Of ik wilde notuleren, was de eerste vraag die me bij binnenkomst werd gesteld. Nou nee, eigenlijk niet, dacht mijn hoofd. Ja, zei mijn mond iets te snel. Waardoor ik het hele weekeind naast de congresvoorzitters aan tafel mocht gaan zitten om de discussie semi-woordelijk voor het nageslacht vast te leggen.

Nog even leek dat te mislukken, aangezien ik wel de adapter, maar niet de bijbehorende voedingskabel van mijn laptop had meegenomen. Helaas kan ik redelijk goed knutselen, waardoor ik met behulp van een rol gevonden duck-tape, een geleend zakmes en een doormidden gesneden stroomkabeltje van de meegenomen videocamera toch nog iets kon fabriceren wat leek op stroomvoorziening. Overigens niet geheel zonder een angstaanval van de kandidaat-voorzitter, die toch echt van mening was dat dit tot niets anders kon leiden dan kortsluiting, brand en de algehele vernietiging van het samengekomen kader van de jongerenorganisatie, of op zij minst van mijn schootcomputer. Beide bleven echter uit.